Boerenbedrijven grenzen bij de Nieuwkoopse Plassen aan het Natura 2000-gebied van de Meijegraslanden. - Foto: Herbert Wiggerman AlgemeenOpinie

‘Hocus pocus pilatus PAS. Maar meten is weten’

De discussie over stikstof en PAS laait hoog op en de cijfers vliegen de burger om de oren. Niet alleen in Nederland, maar ook in Vlaanderen wordt de landbouw onterecht de vinger gewezen, stelt prof.dr. Benedikt Sas.

De Nederlandse en Vlaamse overheden, in vergelijking met de rest van de wereld, proberen een vrij unieke visie en aanpak over stikstof te implementeren: het PAS. In een eerder artikel in het Belgische magazine Landbouwleven werd reeds aangegeven dat het correct noch rechtvaardig is dat voornamelijk de landbouw in Vlaanderen met de vinger wordt gewezen als grote schuldige van de hele stikstofproblematiek.

Gegoochel met cijfers

Ook tijdens de AgriFlanders-landbouwbeurs begin dit jaar was het PAS een van de belangrijkste gespreksonderwerpen. Het werd aangehaald als de belangrijkste reden waarom de landbouwers het mentaal uitermate zwaar hebben. De hele sector wordt stilaan weggepest uit Vlaanderen en de boeren worden gestigmatiseerd.

De gemiddelde leeftijd van de Vlaamse landbouwers is ondertussen 57 jaar. Er zijn nog wel enthousiaste jongeren die het bedrijf later willen overnemen, maar de aanhoudende druk en de blijvende rechtsonzekerheid neemt dit enthousiasme weg. Hierdoor laten ze het idee van een overname varen.

Zijn de gebruikte cijfers eigenlijk wel objectief en zijn ze gebaseerd op correcte analytische metingen?

Om heel de hetze tegen de landbouw te rechtvaardigen, bespeelt men het brede publiek. Dat krijgt een waterval aan cijfermateriaal voorgeschoteld, waarbij verwezen wordt naar ‘de wetenschap’. Zijn de gebruikte cijfers eigenlijk wel objectief en zijn ze gebaseerd op correcte analytische metingen? Blijkbaar niet.

Van waar komt de wind?

Voor de emissies van stikstof worden de cijfers ‘berekend’ en afhankelijk van de sector dan nog eens op een verschillende manier: er is een berekeningswijze voor de industrie, voor het verkeer, voor steden, voor de landbouw… En die manieren van berekening verschillen allemaal. Men vergelijkt dus appels met peren.

Na de emissie volgt de depositie en ook hier is het cijfermateriaal weer gebaseerd op wiskundige modellen met aannames die tal van jaren oud zijn. En met foutmarges tot wel 50%! Voor de deposities wijst men ook sterk met de vinger naar veehouders die net naast natuurgebieden liggen.

Toch wel vreemd, want wetenschappelijke studies en metingen tonen aan dat maximaal 5% van de deposities van stikstof binnen een halve kilometer afstand van een stikstofbron is. 95% of meer van de deposities is afkomstig van bronnen op afstanden tot wel 250 kilometer. De hoofdwindrichting in Vlaanderen is zuidwest tot west.

Zou het viseren van landbouwbedrijven die net naast natuurgebieden liggen nog een andere reden kunnen hebben?

Als men dan eens kijkt wat er in die richting ligt van bijvoorbeeld de Kempen, dan komt men onder meer de metropool Antwerpen tegen met zijn haven, verkeersaders en geschakeerde industrie. Zou het viseren van landbouwbedrijven die net naast natuurgebieden liggen nog een andere reden kunnen hebben?

Wereldwijde erkenning niet van tel

Het opleggen van strengere normen maakt het de veehouders rond natuurgebieden zeer lastig om nog verder te boeren. De waarde van de grond daalt, zodat het voor veel lagere prijzen kan worden opgekocht door natuurverenigingen. Liefst dan nog met subsidies van de overheid. De natuurverenigingen in Vlaanderen worden zo stilaan dé grootgrondbezitters en zo verdwijnt stapje voor stapje de landbouw in Vlaanderen – en bij uitbreiding ook in Nederland.

En dat terwijl onze landbouw wereldwijd erkenning geniet als kwalitatief zeer goed en efficiënt, ook qua impact op het milieu, dierenwelzijn, voedselveiligheid en voedselkwaliteit. Als er uiteindelijk primaire producten uit verre landen – waar vaak andere normen en regels gelden – moeten worden aangevoerd, komen milieu, dierenwelzijn, voedselveiligheid en voedselkwaliteit plots niet meer ter sprake.

Landbouw als oplossing

Bovendien neemt de landbouw ook stikstof op. Immers, zonder stikstof kunnen planten niet groeien en wordt er geen eiwit gevormd. Industrie, verkeer, steden, havens et cetera doen dit daarentegen niet. Men zou dus beter naar het netto kijken. Met andere woorden naar stikstofemissie en deposities minus stikstoffixatie. Vanuit deze berekening komt de landbouw niet naar boven als oorzaak van het probleem, maar eerder als de oplossing.

Stikstof is big business

De ontwerpers van het nieuwe PAS zijn ook vaak leden of voormalige bestuurders bij natuurverenigingen die via nieuwe wetgeving en richtlijnen hun programma en doelstellingen proberen te realiseren. Een sprekend voorbeeld hiervan is de uitbreiding van het natuurgebied in het Turnhouts Vennengebied. Hiermee wil men toch voldoende oppervlakte kunnen rapporteren om een erkenning vanuit de EU te krijgen.

Bovendien zitten op de studiebureaus van sommige partijen veelal juristen, geschiedkundigen… maar weinig of geen wetenschappers. Hun werk lijkt soms op creationisme. Eerst bepaalt men wat de uitkomst moet zijn en dan gaat men argumenten of wetenschappelijke studies zoeken die de vooropgestelde uitkomst enigszins kunnen onderbouwen.

Een virtuele werkelijkheid

De virtueel gecreëerde stapel stikstof is ondertussen ook big business geworden. Luchthaven Schiphol bijvoorbeeld is bezig met dermate veel stikstofrechten van veehouders op te kopen zodat het een natuurvergunning kan aanvragen. Hebben de activiteiten van luchtvaartreuzen vergeleken met de relatief kleinschalige activiteiten van landbouwers dan minder impact op nabijgelegen natuurgebieden? De karikatuur wordt stilaan compleet en het huidige stikstofdossier leest langzaamaan als een boek van Kafka.

Alles correct in kaart brengen

Waar is ondertussen het ‘meten is weten’ gebleven? In plaats van zich te baseren op wankele berekeningen of verouderde modellen, zou men beter eerst objectief en wetenschappelijk correct gaan meten. Niet alleen op een beperkt aantal punten of alleen in natuurgebieden, maar op tal van meetpunten: in en rond industriegebieden, verkeersaders, grootsteden. Ja, ook wij mensen produceren met z’n allen enorm veel stikstof – en natuurlijk in en rond landelijke gebieden en landbouwbedrijven.

Er zijn nu helaas veel te weinig meetpunten. Het is misschien wel interessant om te melden dat er in het meetpunt in Wingene – een veehouderijkern – lagere stikstofwaarden worden gemeten dan in een meetpunt in Mariakerke bij Gent. Daar is nagenoeg geen landbouw, maar wel industrie en de Gentse haven.

Voor wat betreft metingen in natuurgebieden zal men ook de achtergrondwaarden dienen te bepalen. De natuur op zich produceert immers ook stikstof, bijvoorbeeld alle dieren, maar ook het rotten van bladeren, de micro-organismen in poelen et cetera. Er moet ook duidelijk gedefinieerd en bepaald worden wat en hoe precies men gaat meten. De natte depositie is vrij duidelijk, maar de zogenoemde droge depositie is dat verre van. De droge depositie is dermate onduidelijk dat men al vrij snel de indruk krijgt dat het een creatieve uitvinding is om de uitkomst van al de berekeningen en de modellen te laten kloppen met de beperkte analytische metingen van de natte depositie.

In plaats van zich als een illusionist te gedragen en het brede publiek te bespelen met gegoochel met cijfers, zouden het bevoegde Vlaamse ministerie en de gerelateerde kabinetsmedewerkers beter eerst objectieve, wetenschappelijk correcte en grondige metingen laten uitvoeren. Dit voor het ontwerpen van PAS opmaakt waarbij de toekomst van de Vlaamse landbouw en bij uitbreiding ook de Vlaamse agrifood-business op het spel wordt gezet.

Hierbij is het van essentieel belang om toe te zien dat degene die de pen vasthoudt geen verborgen agenda heeft. Bijvoorbeeld als lid of bestuurslid van natuurverenigingen. Laat staan dat de bevoegde minister de tal van bezwaarschriften die op het huidige gammele PAS werden ingediend gewoon straal negeert en het huidige ontwerp doordrukt. Meten is weten.

Prof.dr. Benedikt Sas is algemeen directeur van Diergezondheidszorg Vlaanderen (DGZ), Melkcontrolecentrum Vlaanderen (MCC), VIVEE cv en ook verbonden aan de Universiteit Gent, Faculteit Bio-ingenieurswetenschappen, vakgroep voeding.

Lees meer over het stikstofbeleid

Reacties

Beheer
WP Admin