Ganzen: zo zit het met bestrijding en schadevergoeding

Laatst bijgewerkt:
Foto: Mark Pasveer

Foto: Mark Pasveer


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

Ganzenschade. Veel boeren in gras- en waterrijk gebied hebben er last van. Oplossingen zijn er, maar leiden niet tot minder schade. Versnipperd provinciaal beleid maakt het nog ingewikkelder.Ga direct naar:
Zoveel ganzen zijn er ’s zomers en ’s winters
Dit is het beleid per provincie
Veehouder en LTO‘er Hooijer: ‘Provinciaal maatwerk blijft noodzaak’Al jarenlang klagen boeren over ganzenoverlast en schade aan hun percelen, vooral aan grasland. Het lijkt steeds erger te worden. Vooral in de provincies Friesland, Noord-Holland en Gelderland. Het aantal ganzen jaarrond neemt niet af, al blijven (winter)trekganzen de laatste vier jaar wel iets korter in Nederland, zo blijkt uit gegevens van Sovon Vogelonderzoek Nederland.Oplossingen zijn er in verschillende vormen, zoals het vangen en vergassen van ganzen in de ruiperiode, nestverstoring, verjaging en bejaging. Die twee laatste blijken noodzakelijk en effectief, maar zitten verstrikt in regelgeving. De mogelijkheden en voorwaarden zijn vastgelegd in een vijfjarenplan, die per provincie door de Faunabeheereenheid (FBE) is opgesteld en door de provincie is goedgekeurd.Beperkingen in ganzenbestrijdingDaarmee wordt echter schade niet voorkomen. Afhankelijk van de soort gans moet voor bejaging eerst aan verjaging worden gedaan, bijvoorbeeld met linten, laserpennen en gaskanonnen. Dat mag niet op elk perceel grond en de praktijk leert dat er gauw gewenning optreedt. In ganzenrustgebieden en Natura 2000-gebieden gelden andere regels, oftewel: rust.In slechts enkele gevallen, bijvoorbeeld bij schadegevoelige gewassen, geldt een uitzondering. Dat raakt meteen het volgende issue: de regels voor ganzenbeheer zijn per provincie verschillend, alsof een gans ziet wanneer die over een ‘grens’ vliegt.Rechtszaken tegen ontheffingen vertragenDaar komt bij dat dierenclubs en -activisten regelmatig rechtszaken aanspannen tegen ontheffingen, waarmee de boel wordt vertraagd. Zij zien het boerenlandschap an sich vaak als probleem. Dat zou te aantrekkelijk gemaakt zijn (open grasland met veel voedsel) voor wilde dieren zoals ganzen.

Begin dit jaar deed de bestuursrechter in Zwolle nog uitspraak in een zaak die was aangespannen door de Faunabescherming en de Vogelbescherming tegen provincie Overijssel over de vergunning voor afschot in en rond Natura 2000-gebieden. De bestuursrechter oordeelde dat de vergunning onterecht was afgegeven. Het effect op Natura 2000-gebieden zou onvoldoende onderzocht zijn.Lees verder onder de grafieken, kaders en foto‘sMeer zomerganzen, toename winterganzen vlakt afHet aantal overzomerende ganzen neemt fors toe, zo blijkt uit het rapport ‘Ganzen en ganzenschade in Nederland’ van Wageningen Environmental Research (WER). In juli 2018 waren dat er ruim 670.000, tegenover 155.500 ganzen in referentiejaar 2005 (+331%). In Zuid-Holland (22%), Noord-Holland (22%) en Gelderland (14%) verbleven in 2018 de meeste zomerganzen. Daarvan is de grauwe gans is het meest vertegenwoordigd en maakt de sterkste groei door.

Een kanttekening: niet van alle provincies waren elk jaar telgegevens beschikbaar. In 2013 gaat het om data van 8 provincies, in 2014 om 10, in 2016 om 11 en de rest om 12 provincies.

Het aantal overwinterende ganzen (grafiek onder) bedroeg in de winter van 2017-‘18 gemiddeld 901.546. Dat is 12,5% meer dan het aantal van 801.442 in referentiejaar 2005. “Het is opvallend dat de massale groei in het aantal overwinteraars in de periode tot 2010 afgevlakt is”, stelt Kees Koffijberg van Sovon. “Er komen dus niet nog steeds meer ganzen bij, wat jaren lang wel zo was.”

De cijfers geven een gemiddelde van het hele winterhalfjaar. Het maximum aantal ganzen op een bepaald moment is vaak een momentopname.Provinciaal beleid botstHet ganzenbeleid is in handen van de provincies. Immers, zo stelt uitvoeringsorganisatie van de provincies BIJ12, het aantal ganzen en de schade is niet overal hetzelfde en een deel voor de boer zijn eigen rekening. Ook het tijdstip wanneer bejaging van ganzen toegestaan is verschilt en leidt tot onvrede. In veel provincies geldt actief beheer voor standganzen, maar worden winterganzen – die de meeste schade aan voorjaarsgras aanrichten – met rust gelaten.
Conflicten rond provinciale grenzen komen regelmatig voor, bijvoorbeeld bij beheer van winterganzen. In Friesland geldt geen winterrust. Drentse collega’s aan de grens kunnen geen winterganzen bestrijden, terwijl de Friezen dat onder voorwaarden wel kunnen. Met als gevolg ganzenschade op percelen waar rust is.(Bekijk via deze link een grotere versie van de tabel.) Het beleid per provincie verschilt op veel punten. Dat loopt uiteen van mogelijkheden tot verjaging en bejaging, het rekenen van een behandelbedrag, het rekenen van een eigen risico, het hanteren van een winterrust, en het aanwijzen van rustgebieden. In de praktijk zorgt dit vaak voor veel verwarring. De sector pleit voor een landelijke ganzenaanpak, met maatwerk op provinciaal niveau. Vooral in natuurgebieden moet meer mogelijk zijn om niet continu het probleem te verschuiven naar andere percelen, zo klinkt het. Ganzenschade wordt onderschatDe meeste schade komt voor in de water- en grasrijke provincies Friesland, Noord-Holland en Gelderland. De cijfers geven de uitgekeerde schade weer, maar de werkelijke schade ligt vaak hoger. Volgens BIJ12 is de vergoeding niet bedoeld om boeren geheel schadeloos te stellen. “Door het telen van gewassen en het houden van dieren buiten is er altijd risico op schade van buitenaf. Dat is onderdeel van het bedrijfsrisico”, aldus een woordvoerder van BIJ12.Schade die landelijk vrijgestelde diersoorten (zoals de Canadese grens) aanrichten, wordt wel getaxeerd, maar niet uitbetaald. BIJ12 vindt dat een vrijstelling jaarrond voldoende mogelijkheid biedt om schade door dit soort te beperken (uitzonderingen gelden soms in Natura 2000-gebieden). Ook komt het voor dat aanvragen foutief ingevuld worden. Die worden per definitie afgekeurd. Bovendien constateert BIJ12 dat in sommige gevallen geen adequaat gebruik is gemaakt van de ontheffing om ganzen te bejagen. Dan wordt de schade wel getaxeerd, maar niet uitbetaald.Beweeg over de provincies om de bedragen per provincie te zienAfgelopen jaar hebben ganzen de meeste schade aangericht aan landbouwgewassen in de provincie Friesland. Noord-Holland en Gelderland volgen op gepaste afstand. Het gaat hierbij om schade aan alle landbouwgewassen aangericht door alle ganzensoorten samen in een kalenderjaar. Het gaat om de ganzensoorten: brandgans, Canadese gans, grauwe gans, kleine rietgans, kolgans, nijlgans, rietgans en rotgans. Blijvend grasland ondervindt de meeste schade, maar ook koolgewassen en aardappelvelden zijn in trek.Eerste € 550 is voor eigen rekeningWel moeten boeren een eigen risico betalen. Dat weerhoudt sommigen ervan überhaupt een aanvraag in te dienen omdat de baten niet opwegen tegen de kosten. De minimale schade bedraagt € 250 per bedrijf per meldingsjaar, tot een bedrag van € 5.000 is getaxeerd. Boven dit bedrag geldt 5% (20% in Friesland) eigen risico.BIJ12 rekent bovendien sinds 1 oktober 2014 met leges van € 300 per aanvraag. Bij een aanvraag is de eerste € 550 dus voor eigen rekening. Sommige provincies betalen de leges terug als de aanvraag goedgekeurd wordt. Maar dat geldt niet voor elke provincie. Zo betaalt Noord-Brabant de leges alleen terug als het om schade in rustgebieden gaat, terwijl Friesland alleen terugbetaalt als er schade is door andere diersoorten zoals een wolf of bever. Limburg heft als enige provincie geen leges.Hoe wordt de hoogte van de vergoeding bepaald?De hoogte van de vergoeding is afhankelijk van meerdere factoren, zoals de gewasgroei, het type bedrijfsvoering (gangbaar of biologisch) en actuele gewasprijzen. Dat beoordelen taxateurs van BIJ12. In ganzenrustgebieden gelden andere regels. Grondgebruikers in die gebieden krijgen vaak alle aangerichte schade vergoed en betalen geen eigen risico en/of leges. Dergelijke percelen kunnen boeren online aanmelden in MijnFaunazaken. Boeren die grond gebruiken buiten die gebieden moeten wel een eigen risico betalen. De meeste provincies hanteren een eigen risico van 5%. Friesland vormt een uitzondering, met 20%. Ook Noord-Holland heeft zich voorgenomen dit te verhogen naar 20%, en in andere provincies klinken die geluiden eveneens. Dit heeft als reden de financiële prikkel voor boeren te vergroten. Boeren moeten meer gemotiveerd zijn om in te zetten op het voorkomen van de schade, vinden provincies.“Ongelofelijk. De provincie heeft beloofd de schade volledig te vergoeden totdat de doelstand, de schade in 2005 in euro‘s, bereikt is. Dit gaat dus over de rug van vele boeren en is niet volgens de afspraak”, stelt Albert Hooijer, portefeuillehouder Fauna LTO Noord.Deze ganzen veroorzaken de meeste schadeGanzen zijn er in verschillende soorten en maten. Ook is het per soort verschillend in welk jaargetijde zij vooral aanwezig zijn in Nederland, en wanneer dus de meeste schade ontstaat:
De grauwe gans is door het jaar heen het meest te vinden in Nederland en richt de meeste schade aan. Vorig jaar was deze soort goed voor ruim € 10,8 miljoen schade. - Foto: Hans PrinsenDe brandgans volgt met ruim € 6,4 miljoen schade, die vooral in de wintermaanden in ons land is. De meeste brandganzen broeden in het hoge noorden, maar steeds meer vogels lijken langer in Nederland te blijven, onder andere door een hoge predatiedruk in vooral Zweden. - Foto: David & Micha SheldonDe kolgans richtte vorig jaar ruim € 3,5 miljoen schade aan, met name in de winter en het voorjaar, aan de eerste grassnede. - Foto: Hollandse Hoogte / Buiten-BeeldMeeste schade aan voorjaarsgras door winterganzenVoorjaarsgras ondervindt de meeste schade, zo blijkt uit schadecijfers van BIJ12. In 2016-‘17 was dat bijna 90% van het totaal. Die schade wordt aangericht in de winter (na 1 november) tot mei door zowel winter- als zomerganzen. Schade aan de zomersnede(n) komt vooral door broedvogels, met een klein restje brand- en rotgans die in het late voorjaar nog aanwezig zijn.Schade aan najaarsgras – in oktober – wordt sinds 2012 niet meer vergoed. Een uitzondering geldt voor Vogelrichtlijngebieden in Gelderland en Natura 2000-gebieden in Noord-Holland. Dat terwijl het najaarsgras van steeds meer waarde is voor veel boeren door de aanhoudende droogte de laatste jaren.Hoe nu verder?Provincies erkennen dat het huidige beleid niet leidt tot het gewenste resultaat. De Maatschappelijke Adviesraad Faunaschade (MARF) heeft eind 2019 in opdracht van BIJ12 een tussenadvies uitgebracht over het bereiken van een robuust ganzenbeleid. De conclusie: provincies, FBE’s en maatschappelijke organisaties moeten eerst fatsoenlijk om tafel. Alleen dan is er kans op succes. Het eindadvies moet eind dit jaar klaar zijn.
Ondertussen gaat de ganzenschade door. Iedere provincie voert tot die tijd haar eigen beleid. Daarmee blijft het raadplegen van de provinciale regels noodzaak, hoe ingewikkeld en frustrerend dit voor boeren ook is. Ook jagers uitten reeds hun ongenoegen. “Jagers zijn geen schietknechten in dienst van de overheid, maar bejagen ganzen op verantwoorde wijze om te benutten waar ruimschoots voldoende van is”, zo schrijft de Nederlandse Jagersvereniging (KJV).Het vinden van een optimaal beheer- en acceptatiemodel met maximale schadereductie heeft nog een lange weg te gaan.Hooijer: ‘Landelijk beleid gewenst, provinciaal maatwerk noodzakelijk’Provincies falen in hun beleid voor een effectief ganzenbeheer om schade aan – met name – grasland te beperken. Er moet vooral meer mogelijk zijn voor beheer in natuurgebieden, in ieder geval in de provincie Noord-Holland, vindt Albert Hooijer, portefeuillehouder Fauna LTO Noord en melkveehouder. “Jarenlang zijn er steeds meer beperkingen opgelegd voor jagers om ganzen te bestrijden”, stelt Hooijer. De ganzenpopulaties zijn geëxplodeerd. Dat vraagt om een landelijk beleid voor bijvoorbeeld uniforme afschotperioden, maar maatwerk op provinciaal niveau is en blijft essentieel.“Iedere provincie heeft een andere inrichting, bijvoorbeeld van natuurgebieden. Ook verschilt het per provincie welke ganzen de meeste schade aanrichten. In Noord-Holland zijn dat de standganzen, die jaarrond in de provincie blijven. In veel andere provincies zijn het juist de trekganzen die vanuit het hoge noorden komen om te overwinteren.”Melkveehouder Albert Hooijer uit Weesp (Noord-Holland) is portefeuillehouder Fauna bij LTO Noord en bestuurslid bij de Faunabeheereenheid Noord-Holland. - Foto: privébezit Albert HooijerProvincie ligt dwarsVoor een effectief beheer ligt de provincie dwars. “Het ontbreekt aan kennis, hoe het er in de praktijk aan toe gaat”, vindt Hooijer. “Wij zijn als boeren en LTO Noord pissed off op de provincie Noord-Holland. Jarenlang hebben we meegewerkt aan het provinciale beleid. Nu is het uit de hand gelopen, en wordt er achter onze rug om ook nog eens geprobeerd om het eigen risico van 5% naar 20% te verhogen. Oftewel: boeren moeten de prijs voor het falend natuurbeleid van de provincie betalen. Dat raakt me het meest. Als dat gebeurt, dan gaan we procederen.”Vrijstelling ganzenbeheer is geen ‘vrijstelling’Hooijer spreekt van een ‘schijnvrijstelling’ als het gaat om ganzenbeheer. “Dat is het ergste in Natura 2000-gebieden. Dan mag een jager één dagdeel in de week bij een blok van 80 hectare zitten. Die locatie moet hij aangeven bij de provincie. Wat blijkt: de ganzen zitten op dat dagdeel op het blok ernaast. Dan kan de jager niets.”Ook worden er vaak eisen gesteld aan het aantal jagers en het aantal te schieten ganzen, ook buiten natuurgebieden. “Dan zitten er honderden ganzen en mogen er maximaal twee jagers komen, die elk twee of drie ganzen mogen schieten. Dat schiet niet op.”Inmiddels merken ook natuurbeheerders dat het grote aantal ganzen de biodiversiteit schaadtHet grootste probleem in Noord-Holland is het onkundig handelen van de provincie, vindt Hooijer. De waslijst aan beperkingen in natuurgebieden moet verdwijnen. Ook ‘sommige’ terreinbeherende organisaties (tbo’s) moeten meer uitvoeren, vindt Hooijer. Alleen dan kunnen boeren, jagers en natuurbeheerders samen schade effectief bestrijden in plaats van het probleem continu opschuiven. “Inmiddels merken ook natuurbeheerders dat het grote aantal ganzen de biodiversiteit schaadt. Misschien is dat een extra steuntje in de rug voor de provincie.”

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Lees meer over


Snel delen


Dagelijkse nieuwsbrief


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.