‘Een huwelijk zal het nooit worden’

Foto: Dennis Wisse
Jaco Geurts (CDA) en Esther Ouwehand (Partij voor de Dieren) kruisen de degens. Ze zijn het over weinig eens en het onderling politiek vertrouwen is niet groot.CDA’er Jaco Geurts en Esther Ouwehand (Partij voor de Dieren) zijn politieke opponenten.Esther Ouwehand en Jaco Geurts. - Foto's: Dennis WisseOuwehand noemt het CDA haar aartsvijand; Geurts is wantrouwig tegenover de Partij voor de Dieren – zeker als de PvdD onverwacht een CDA-standpunt deelt. “Een huwelijk zal het niet worden”, constateert Geurts.Over een ding zijn ze het hartgrondig eens: de landbouwportefeuille is veruit de belangrijkste portefeuille aan het Binnenhof.Ouwehand noemt het CDA met enige regelmaat de aartsvijand van de Partij voor de Dieren. Waarom?Ouwehand: “Het CDA gaat als allerlaatste afscheid nemen van het conservatieve denken over landbouw. Daar doen we dieren en milieu geen plezier mee, en ook de boeren zelf niet. Het CDA zit vast in het oude denken.”Waarin zit die vijandschap? De kiezers van CDA en Partij voor de Dieren zijn volstrekt verschillende groepen?Ouwehand: “Die vijandschap gaat niet over kiezers. We zijn niet geïnteresseerd in hoeveel kiezers we kunnen bereiken. Wij willen de aarde leefbaar houden, voor toekomstige generaties en voor andere soorten dan de mens. De landbouw is het allergrootste onderwerp waar we naar moeten kijken en daar houdt het CDA de vooruitgang tegen.”Geurts: “Heb je je wel eens verdiept hoe het CDA door de jaren heen meedenkt en stuurt in het beleid? Je kunt ab-so-luut niet overeind houden dat er bij ons niet gedacht wordt hoe het verder moet met de land- en tuinbouw. Dan denk ik: wanneer kom je nu uit dat peuter-kleuter-dramsyndroom. Dialoog is niet mogelijk. In wezen zeg je: Ik ben de held, de rest zijn schurken. Jullie zijn een partij met 5 zetels, dat betekent ook dat je verantwoordelijkheid moet nemen.”‘Ik kan de Partij voor de Dieren niet betrappen op enige waardering voor de boer’Ouwehand: “Onze rol is de systeemverandering door te voeren. Daar horen fundamentele keuzes bij. Als je wilt dat kleinschalige gezinsbedrijven de toekomst hebben, dan kun je niet verder met het model waarin je tegen boeren zegt: probeer je inkomen te verdienen op de wereldmarkt.”Geurts: “Waar willen jullie dan van leven? De land- en tuinbouw verdient voor ons land € 101 miljard! Hoe wil je dat vervangen? Gaan jullie ziekenhuizen sluiten? Moeten we maar geen defensie meer hebben?”Ouwehand: “Ik begrijp nooit zo goed waarom de simpele overgang naar plantaardige productie zo’n bedreiging zou zijn voor de economie. Als je kijkt naar Vivera, die hebben een plantaardige biefstuk die over de hele wereld wordt verkocht. Volgens mij zijn er echt wel mensen nodig om in die fabriek te werken.”Geurts: jongeren van PvdD zijn al verderJaco GeurtsJaco Geurts werd in 2015 enthousiast van een pamflet van de jongerenorganisaties van het CDA, Partij voor de Dieren, GroenLinks en D66, waarin zij gezamenlijk een standpunt innamen over de toekomst van de landbouw.Geurts: “Wie heeft daar nu de meeste elementen uit overgenomen voor de landbouw? Dat is het CDA. Wat in het pamflet staat over verbinding van stad en platteland staat in ons verkiezingsprogramma en is in het regeerakkoord gekomen. Wat heeft de Partij voor de Dieren gedaan aan de verbinding stad en platteland?”Ouwehand: “Ik ben flink de boer op geweest voor de stadslandbouw.”U heeft 5 zetels in de Kamer, maar u zoekt geen samenwerking met het CDA of andere partijen.Ouwehand: “Ja, dat is de rol die we hebben. Als er een systeemverandering nodig is, dan heeft het geen zin om te praten met partijen die die systeemverandering niet willen. We kunnen net als D66 doen alsof we de landbouw toekomstbestendig maken als we een paar dingetjes in het huidige systeem aanpassen, maar ik geloof daar oprecht niet in. En daar zijn we echt de enige niet in. Zolang de meerderheid van de partijen daarin blijft, dan heeft het geen zin om mee te praten.”Geurts: “Dan constateer ik toch dat de jongerenpartij van de Partij voor de Dieren verder is dan u.”Geurts: “Ik heb de Partij voor de Dieren nog nooit kunnen betrappen op enige waardering richting boeren en tuinders.”Ouwehand: “Ik ben ongelofelijk enthousiast over boeren die samenwerken met de natuur. Als ik bij biologisch-dynamische tuinders zie hoe ze slim met gewasrotatie en bodemgezondheid omgaan en allerlei bestrijdingsmiddelen overbodig maken, dan denk ik: wauw, wat een vakmanschap! Deze boeren moeten we verder helpen. We redden het niet met ietsje minder bestrijdingsmiddelen of ietsje minder uitstoot per kilo kippenvlees. Als je de ruimte biedt voor iedereen gaan de kleintjes het verliezen. Het CDA kiest niet.”Geurts: “Als ik naar je luister, móet het op de manier zoals jullie het willen. Er zit nooit een tussenweg in. Dat sluit heel veel mogelijkheden om de wereld te verbeteren uit. Ik wil ook dat kringlopen gesloten worden. Wij zoeken oplossingen in de techniek. De Partij voor de Dieren wil boeren en tuinders van de kelder naar de zolder laten springen. U zegt tegen de boeren: wat je doet, is niet goed. Daar heb ik heel veel moeite mee.”Ouwehand: “Ik zeg het niet tegen boeren. Ik zeg het tegen de politiek. De politiek maakt geen beleid dat recht doet aan milieu, klimaat en veel meer respect voor dieren. Dan kun je het de ondernemer niet kwalijk nemen dat hij binnen de ruimte die de overheid laat, zijn bedrijf inricht. Als verantwoordelijk politicus zeg ik dat de veestapel fors moet krimpen. De Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur zegt ook dat krimp onvermijdelijk is. Je moet niet diffuus zijn over waar het heen moet.”Wat we in elk geval wel delen is de grote passie voor de landbouw.Geurts: “De Partij voor de Dieren kiest ervoor zogenaamd visionair te zijn: dit is de stip op de horizon. Het eindplaatje van de Partij voor de Dieren lijkt wel het paradijs. Maar op deze aarde gaan wij het paradijs niet meer halen.”Ouwehand: “Er zijn heel veel verstandige mensen geweest, die de rekensom voor ons al hebben gemaakt. De Raad voor de Leefomgeving is niet een activistisch clubje dat bij elkaar gaat zitten om de veehouderij aan te pakken.”Geurts: “Wanneer spreek je nu eens waardering uit voor onze boeren en tuinders?”Ouwehand: “Ik kies voor de kleinschalige boer. Dus ik ga naar de natuurwinkel waar op de borden staat van wie de sla komt. Dus ja, ik ben wel fan van die boeren.”Geurts: “We waren een keer in Brabant bij een varkensbedrijf en we keken door een ruit naar zeugen met biggen en zagen andere dingen. Ik zag een zeug die heel rustig lag, waar biggen aan de melkbar lagen en die op dat moment door de moeder goed verzorgd werden. Een verzorgde stal, de dieren goed in conditie. Ik vond het een prachtig beeld.”Een zeug met haar biggen in de kraamstal. - Foto: Koos GroenewoldOuwehand: “Ik zag een moederdier dat vastligt, niet bij haar jongen kan. Ik weet wat er met die jongen gebeurt, dat die moeder toe moet kijken dat die biggen worden gepakt en de staartjes worden afgebrand. Dat lijkt mij verschrikkelijk. Ik zie een levend wezen met dezelfde behoeften als wij. Dat je goed voor je jongen wilt zorgen, dat je geen pijn wilt – en dat word je ontnomen. Zo zie ik dat.”Geurts: “Voor mij was het een leermoment: je kijkt door hetzelfde raam, naar dezelfde dieren, en toch zie je andere dingen. Toen dacht ik: het duurt nog wel een poosje voordat we het samen eens gaan worden.”Zorgt de boer er niet voor dat die biggen elkaar geen pijn doen?Ouwehand: “Ik twijfel er niet aan dat boeren binnen het systeem – uitzonderingen daargelaten – hun dieren goed verzorgen. Ze zullen heus niet schoppen of slaan of zo. Als je de biggen ziet als levende wezens met bewustzijn en gevoel, dan weet je dat het niet deugt om lichaamsdelen af te snijden. Je moet het systeem aanpassen aan de natuurlijke behoefte van het dier en niet vanuit het systeem redeneren wat het minst erg is.”Geurts: “Daar gaan onze standpunten zeker uit elkaar. Ik ken ook het moment van de boer die getroffen was omdat zijn dieren geruimd moesten worden. En daar stonden 10 of 5 mensen met bordjes van de Partij voor de Dieren bij dat bedrijf. Wat denk je dat dat doet met die boer en zijn gezin? Terwijl zijn dieren, waar hij goed voor wil zorgen, worden gedood, vergast? Hoe voel je je dan dat je daarbij staat. Dat is toch niet normaal? Om het leed van die boer nog verder te vergroten?”Dierenactivisten protesteren bij een pluimveehouder waar kippen worden geruimd vanwege de fipronilcrisis. - Foto: ANPOuwehand: “Ja, maar wij moeten het punt maken dat de vergassing in de fipronilkwestie niet volgens de wet is. Je mag niet zomaar dieren dood maken, omdat ze even economisch geen waarde hebben!”Geurts: “Welk alternatief heeft die pluimveehouder? En er zit een inconsequentie in je redenering: Je zegt: ik spreek de politiek aan. Maar op dat moment sta je in de tuin of voor de dam van de boer en spreek je de individuele pluimveehouder en zijn gezin aan.”Ouwehand: “Nee ...”Geurts: “Ik heb gewoon plaatsvervangende schaamte dat je dat op dat moment aan het doen bent. Dat komt ook omdat mijn eigen bedrijf geruimd is. Ik weet wat die mensen doormaken.”Ouwehand: “Het is niet gericht tegen die individuele pluimveehouder. Ik snap dat dat moeilijk is. Maar iemand moet ook durven zeggen: hier gaan weerloze dieren dood. Het is vervelend voor die pluimveehouder, maar voor die dieren ... voor die dieren is het ook heel erg.”Geurts: “Hier zie je het verschil. De Partij voor de Dieren richt zich alleen op dieren. Het CDA richt zich op boeren en dieren.”Ouwehand: “Dat laatste heb ik nog niet gemerkt.”Geurts: “Wij behoren in Nederland tot de top op gebied van dierenwelzijn.”Ouwehand: “En hoe is dat voor de dieren? 3,5 miljoen kippen zijn vergast.”Geurts: “Ik weet wat het voor de pluimveehouders betekent.”Ouwehand: “Als jullie over de dieren waren begonnen, hadden wij het misschien niet hoeven doen. Maar niemand doet het.”Wil de Partij voor de Dieren eigenlijk wel tot overeenstemming komen met het CDA?Ouwehand: “Ja, heel erg. Dat zou de mooiste doorbraak in de parlementaire democratie in 50 jaar worden. De landbouw staat op een kruispunt. Als we er niet uitkomen, blijven we daar nog even staan.”Uw stip aan de horizon moet toch kunnen bewegen om een politiek akkoord te kunnen bereiken?Ouwehand: “Waarom? Het is niet zo dat de PvdD de voorkeur heeft voor rood en het CDA voor blauw en dat we dan op paars uitkomen. Er ligt een realiteit voor ons uitgestald. Er schiet toch niemand iets mee op dat je vanwege het politieke compromis daarnaast gaat zitten?”Geurts: “Dit wordt geen huwelijk. Je zegt eigenlijk: Ik wil wel van je houden, maar wel onder de voorwaarden zoals ik het zeg.”Ouwehand: “Wat schieten de boeren op met 10% krimp van de veestapel, als we weten dat je voor de klimaatdoelen 40% moet doen?”Geurts: “We hebben elke dag uitdagingen die opgelost moeten worden. Maar de simpele oplossing – stoppen met de veehouderij in Nederland – daar ben ik niet van. Wij zien al geruime tijd dat er overbelaste gebieden zijn in Brabant, dat is in het regeerakkoord opgenomen. We gaan dat proberen op te lossen met warme sanering.”Ouwehand: “Dat vind ik een goede maatregel.”Geurts: “Mooi! Dank.”Zelfs over een etentje worden ze het niet eensZelfs als de Kamerleden Ouwehand en Geurts een restaurant en een menu moeten uitzoeken voor een gezamenlijk etentje, komen ze er niet uit. Ze hebben wel eens een gezamenlijk etentje gehad, maar ze kregen niet hetzelfde op het bord.Geurts: “Ik denk dat Esther het voorgerecht kiest – tomatensoep of zo – en ik het hoofdgerecht. Dan komen we er wel uit”, zegt Geurts lachend.Esther OuwehandOuwehand: “We zouden een restaurant moeten kiezen waar we plantaardig eten, van eigen bodem.”Geurts: “Een beetje eenzijdig.”Ouwehand: “Jaco kan wel hetzelfde eten als ik, maar ik niet als Jaco. Er moet er eentje over de brug komen. En mijn menu is geschikt voor iedereen.”Geurts: “Dat gaan we dus niet eens worden. Er is geen tussenweg. Het móet plantaardig.”Ouwehand: “Ik kies ervoor niet bij te dragen aan dierenleed, honger in de wereld en milieuvervuiling, ik ga niet een stuk vlees eten omdat dat goed is voor onze sociale contacten.”Ouwehand: “Wat we in elk geval wel delen, is de grote passie voor de landbouw.”Geurts: “Ja!”Ouwehand: “Ik heb het altijd leuk gevonden dat we allebei zoveel toewijding hebben voor de landbouw. Het begint nu pas een beetje in de media te komen. Terwijl ik er echt van overtuigd ben dat dit het belangrijkste dossier van de Tweede Kamer is, want het raakt alles. Ons voedsel, onze leefomgeving. Er is niets belangrijker dan de landbouw.”Geurt: “Hoe Esther persoonlijk in het leven staat: Prima! Achter de schermen praten we over hoe we tot onze overtuigingen komen. Dat is ook belangrijk; dat je niet alleen het verkiezingsprogramma leest. Ik heb veel respect hoe de Partij voor de Dieren weet dingen te framen. Ook hoe voorbereid ze een debat ingaan. De Partij voor de Dieren weet exact wat ik jaren geleden gezegd heb. Dus het is heel belangrijk daar consequent in te zijn.”Ouwehand: “Ha, ha, ha.”Geurts: “Je hebt me ook nooit op inconsequenties kunnen betrappen, omdat ik daar zeer op gefocust ben.”Ouwehand: “Persoonlijk gaat het altijd goed. Politiek staan we heel vaak recht tegenover elkaar. Maar achter de schermen zijn er wel degelijk gesprekken en waardering voor de persoon en zijn inzet. Maar ja, we zijn er nog niet.”Mede-auteur: Mariska Vermaas
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









