Burger ziet lager risico buitenlopende kip

Laatst bijgewerkt:
Foto: Koos Groenewold

Foto: Koos Groenewold


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

Burgers hebben ten opzichte van boeren en dierenartsen een tegenovergesteld beeld van gezondheidsrisico’s van vrije uitloop voor pluimvee. Waar boeren en dierenartsen meer gezondheidsrisico’s zien bij systemen met vrije uitloop, schatten burgers in dat de risico’s bij die systemen juist lager zijn.Die conclusies trekt onderzoekster Mariska van Asselt (Aeres Hogeschool Dronten) in haar promotieonderzoek, gepubliceerd in wetenschappelijk tijdschrift Poultry Science.Ze keek in haar onderzoek naar drie specifieke risico’s: Introductie van vogelgriep bij leghennen; Verhoogde dioxine-niveaus in eieren; Campylobacter-besmetting bij vleeskuikens. Bij al deze factoren wijzen wetenschappelijke studies erop dat het risico toeneemt indien de kippen buiten lopen. De perceptie van deze risico’s bleek echter enorm te verschillen bij drie verschillende onderzochte groepen: pluimveehouders, pluimveedierenartsen en burgers. Alle drie werd gevraagd de risico’s te beoordelen op een schaal van 1 tot 5 voor verschillende huisvestingssystemen. Maatschappelijk gewenste huisvestingssystemenBij het gezondheidsrisico van dioxine in eieren beoordeelden burgers dit risico aflopend van 3,33 in kooihuisvesting tot 2,61 in een biologisch houderijsysteem. Bij pluimveehouders en dierenartsen liep het ingeschatte risico juist op; van respectievelijk 1,28 en 1,38 bij kooihuisvesting tot 3,95 en 3,76 bij biologisch. Inzicht in deze verschillende risicopercepties kan cruciale input zijn bij het ontwikkelen van nieuwe en bestaande maatschappelijk gewenste huisvestingssystemen, stelt Van Asselt. Een deel van de verschillen in risicoperceptie valt te verklaren door het verschil in kennis tussen de groep professionals en burgers. Het onderzoek wijst ook op sociodemografische kenmerken die het verschil kunnen verklaren, zoals geslacht (vrouwen schatten risico’s vaak hoger in, terwijl de groep pluimveehouders overwegend uit mannen bestond) en achtergrond (pluimveehouders zijn vaak ook opgegroeid op een boerderij en kijken daardoor anders naar risico’s dan de groep burgers die vaak niet opgroeiden op een boerderij). GevoelskwestieDaarnaast wijst Van Asselt met name op het gevoel dat de verschillende groepen bij een bepaald systeem hebben. Omdat burgers over het algemeen buitenuitloop en biologisch als de meer gewenste systemen zien, kan dat ook de perceptie van gezondheidsrisico’s beïnvloeden. Andersom kan dat ook effect hebben; de groep pluimveehouders schatte de risico’s van buitenlopende kippen hoger in dan dierenartsen, maar die van binnengehouden kippen juist lager. Van Asselt noemt daarnaast het stigma dat vastzit aan de intensieve veehouderij door hoe de sector in de media komt (voedselschandalen, dierziekte-uitbraken), als iets wat ertoe kan hebben geleid dat burgers negatiever tegen gezondheidsrisico’s van intensieve houderijsystemen zonder uitloop aankijken.

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Snel delen


Pluimveenieuwsbrief


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.