Boeren in 1957 zelfvoorzienend met eigen geriefhout
Deze afbeelding uit 1957 toont de opslag van geriefhout. Afgezaagde takken en twijgen werden samengebonden tot takkenbossen. Die werden te drogen gelegd, zodat men er ’s winters de kachel mee kon opstoken.

Rechts de opslag van geriefhout voor eigen gebruik. Boeren plantten er vaak speciaal bosjes, houtwallen en singels voor aan met onder andere zwarte els, zomereik, es, hazelaar en verschillende soorten wilgen. Eens per tien jaar, soms vaker, kapten ze het hout. – Foto: Misset
Of het fornuis, want er waren toen vrijwel geen boerderijen die gas hadden. Pas twee jaar nadat de foto is gemaakt, werd de gasbel onder Slochteren ontdekt met 2.800 miljard kuub gas erin.In 1962 nam de overheid de zogenaamde aardgasnota aan, waarna huishoudens in de steden razendsnel werden aangesloten op deze nieuwe energievorm. Boerderijen kwamen door hun afgelegen ligging veelal later aan de beurt. Het geriefhout was dus nog wel even nodig.
Ook bonenstaken of weidepalen van takken
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









