‘Biocheck maakt bioveiligheid meetbaar’

Foto: Peter Roek
Hoogleraar Jeroen Dewulf geldt als autoriteit op gebied van van ziektepreventie. ‘Het beroerde van preventieve gezondheidszorg is, dat je geen duidelijk resultaat ziet.’De Vlaamse hoogleraar Jeroen Dewulf houdt zich voornamelijk bezig met preventieve diergeneeskunde. Daarbij gaat het om het voorkomen dat dieren ziek worden of dat ziekten zich verder verspreiden op of tussen een bedrijven. Bioveiligheid dus. Bepaald geen nieuw begrip, maar wel een thema dat meer dan ooit in de belangstelling staat. Ten eerste groeit op steeds meer plaatsen in de wereld het besef dat rücksichtslos antibiotica verstrekken niet zonder risico is. Tweede reden is dat de varkenshouderij in grote delen van de wereld wordt belaagd door Afrikaanse varkenspest.Dierziekten buiten de deur houdenBioveiligheid is een belangrijke maatregel om grip te krijgen op het antibioticagebruik en dierziekten buiten de stal te houden. “Wij kijken, in tegenstelling tot dierenartsen, niet naar het individuele dier, maar op bedrijfs- of populatieniveau”, zegt Dewulf daarover. “Op termijn moeten we naar een veehouderij toe waarin, van de geboorte tot aan de slacht van dieren, amper antibiotica nodig zijn. Antibiotica zijn typisch voor curatief gebruik.”Dewulf werkt aan de Universiteit Gent. Om veehouders overal ter wereld handvatten te bieden om gezondere dieren te produceren, heeft deze universiteit de zogeheten biocheck ontwikkeld. Een scoresysteem dat inzicht geeft in de mate van bioveiligheid op bedrijven en dit ook meetbaar maakt. Dewulf is tevens medeauteur van het boek bioveiligheid in de veehouderij en diergeneeskunde. Bioveiligheid is langzamerhand toch gesneden koek. Verkoopt dat boek nog?“Jazeker wel. Het is geen Harry Potter, maar er blijft vraag naar dit boek. Recent is het vertaald in het Chinees. Het is het eerste boek waarin alle componenten over biosecurity zijn gebundeld en dat tot in detail ingaat op veel zaken. Bijvoorbeeld in het goed reinigen en ontsmetten van stallen, of looplijnen. Ook veel dierenartsen zijn niet volledig op de hoogte van dit soort zaken. Ze hebben veel kennis op gebieden van diagnostiek, curatieve geneeskunde of vaccingebruik, maar minder op het punt van preventieve diergezondheid. Er is nog een lange weg te gaan voordat overal ter wereld dieren gezond opgroeien, zonder dat structureel antibiotica nodig zijnHet is een gegeven dat in de veehouderij veel fouten worden gemaakt op gebied van bioveiligheid. Dat geldt vooral voor Afrikaanse en Aziatische landen. Maar ook in Europa gaat het nodige mis. Er is dus nog een lange weg te gaan voordat overal ter wereld dieren gezond opgroeien, zonder dat structureel antibiotica nodig zijn. In sommige delen van de wereld, waaronder in de Verenigde Staten, worden antibiotica zelfs structureel als groeibevorderaar in het voer opgenomen.”Toch praat u over een veehouderij zonder structureel gebruik van antibiotica. Op welke termijn is dat haalbaar?“Ik denk dat dit over 20 à 30 jaar het geval is. Ik signaleer dat overal in de wereld een ontwikkeling gaande is of op gang komt naar een veehouderij die minder antibiotica wil gebruiken en op termijn af wil van koppelbehandelingen. Noordwest-Europa loopt voorop in deze ontwikkeling. Daar zijn zelfs al clusters van bedrijven die antibioticavrij produceren. Lees verder onder de foto Jeroen Dewulf (45) is hoogleraar veterinaire epidemiologie aan de faculteit diergeneeskunde van de universiteit Gent. In 1988 studeerde hij in Gent af als dierenarts. In 2002 behaalde hij een Master of science in de veterinaire epidemiologie en economie aan de Universiteit Utrecht. Tevens is hij betrokken bij diverse nationale- en Europese werkgroepen op gebied van antibioticagebruik in relatie tot diergezondheid en resistentierisico. - Foto: Peter RoekOok blijkt uit onderzoek dat de jongere generatie veehouders meer kennis heeft van bioveiligheid dan de oudere. Die kennis is nodig om de doelen te halen. West-Europa blijft voorloper op dit gebied, mits de veehouderij voldoende omvang houdt. Maar ook in de rest van de wereld groeit het besef dat groeibevorderaars niet in het voer horen. Deze landen ontkomen er niet aan om antibiotica uit voer te weren. Voor de vleeskalverhouderij is de uitdaging het grootst. Daar komen jonge dieren van honderden herkomsten bij elkaar in één stal.”Hoe begin je als veehouder om gezonde dieren te produceren?“Een heel belangrijk punt is de verbetering van de bioveiligheid. Om dit te bereiken staat het iedere veehouder vrij om om onze gratis checklist te gebruiken. Deze is online beschikbaar en is toepasbaar voor elke, specifieke bedrijfssituatie. Het invullen is binnen een uur geregeld. Het is raadzaam dit samen te doen met de bedrijfsdierenarts of andere adviseurs. Probeer vervolgens niet alles in een keer uit te voeren, maar maak een plan. Anders loop je het risico vast te lopen in de veelheid van maatregelen, met het risico dat alles verloren gaat.”Blijven de resultaten dan niet lang uit?“Niet als wordt begonnen met een klein aantal maatregelen die een groot verschil kunnen maken. Ons scoresysteem weegt het belang van elke maatregel. Daar zitten allerlei algoritmen achter. Maatregelen die dikwijls veel effect hebben op een varkensbedrijf zijn waterkwaliteit, leeftijdsgroepen bij elkaar houden, het voorkomen van overbevolking in de stal en een goed aankoop- en quarantainebeleid, om er een paar te noemen.Hoofdspreker tijdens gezondheidssymposium op 28 januariJeroen Dewulf, hoogleraar heeft wereldwijd naam gemaakt op het gebied van ziektepreventie bij landbouwhuisdieren. Met de zogeheten biocheck van de Universiteit Gent is het mogelijk de bioveiligheid op bedrijven meetbaar te maken. Een veehouder krijgt daarmee inzicht in het verloop van de bioveiligheid op zijn bedrijf en kan dit vergelijken met de technische resultaten. Ook is Dewulf betrokken bij onderzoeken naar het effect van bioveiligheid op financiële resultaten. Tijdens het symposium Hogere varkensgezondheid op dinsdag 28 januari, is de Vlaming hoofdspreker en deelt daar dus live zijn kennis.Een klein aantal maatregelen kunnen een groot verschil makenHet beroerde van preventieve gezondheidszorg is dat je, in tegenstelling tot curatieve zorg, geen resultaat ziet. Als een dier niet ziek is, valt er ook niets op. Als het gezondheidstechnisch goed gaat in de stal, staat de veehouder daar amper bij stil. Het mooie van onze biocheck is dat deze de bioveiligheid op een bedrijf meetbaar maakt en laat zien als er vooruitgang wordt geboekt. Een bedrijf scoort namelijk tussen de 0 en 100 punten, waarbij 100 de ultieme situatie is. Door het meetbaar te maken wordt de gebruiker gestimuleerd door te zetten op het punt van preventie. De uitslagen kun je leggen naast het verloop van de productiecijfers. Voor een boer telt de productie.”Wat is het effect op de productie?“Gemiddeld genomen verbeteren de technische resultaten als de ziektedruk op een varkensbedrijf afneemt. Het is een gegeven dat een kleine verlaging van de voederconversie of van de uitval enorme invloed heeft op het eindresultaat. Dan kan het om behoorlijke bedragen gaan.”Jullie hebben ook studie gedaan naar de financiën. Wat komt daar uit?“Dat klopt, tweemaal zelfs. Gemiddeld genomen worden bedrijven er financieel beter van als de bioveiligheid verbetert. Het gaat niet om spectaculaire bedragen. Er bestaan geen wonderoplossingen in de veehouderij. In onze studie, op voornamelijk gesloten bedrijven, komen we uit op € 43 per zeug per jaar en € 2,70 per vleesvarkensplaats per jaar. Andere studies tonen gelijkwaardige cijfers. We hebben ook een studie gedaan waarbij de bedragen lager uitkomen, maar nog wel positief zijn. We zetten de kosten van de bioveiligheidsmaatregelen tegenover het effect op de technische resultaten en de mogelijke verlaging van de medicijnkosten. Arbeid wordt ook meegenomen in de kosten. We zien dat de medicijnkosten dalen en de productie stijgt.Het is een probleem zodra je doorslaat in productie. Er zijn grenzen aan wat je kunt vragen van dierenDe kosten voor bioveiligheid zijn relatief beperkt. Denk aan kleding, handen wassen, looplijnen en soms een deur definitief sluiten. Het zit echter in de hoofden van veel varkenshouders en soms ook dierenartsen dat bioveiligheid niet rendeert. Ze ervaren het verminderen van het antibioticagebruik en meer preventie als de zoveelste regel die op de sector afkomt en alleen maar geld kost.”Ik las onlangs de kreet ‘gezonde varkens fokken is een kunst’. Klopt dat?“Ik zou liever zeggen een kunde, anders lijkt het alsof het maar voor een enkele boer is weggelegd om zijn dieren gezond te houden. Wel komt er veel ambacht bij kijken. Het oog van de meester is enorm belangrijk. Niettemin is het op ieder bedrijf mogelijk de bioveiligheid te verbeteren en gezondere dieren te produceren. Gemiddeld is het wel zo dat hoe groter een bedrijf is hoe beter het gesteld is met de bioveiligheid. Ook is het op nieuwere bedrijven vaak beter te regelen. Het is een probleem zodra je doorslaat in productie, door bijvoorbeeld de biggen op heel jonge leeftijd te spenen of te werken met overvolle stallen. Er zijn grenzen aan wat je kunt vragen van dieren.”
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









