1953: Gelijkmatig stalmest verspreiden

Foto: Misset
Met man en macht wordt vaste mest op het land gebracht op deze foto uit 1953.Niet zoals gebruikelijk door het op hoopjes te leggen en vandaar verder te verspreiden, maar door het vanaf de platte wagen in een verspreider te scheppen. Via een trechter valt het op een draaiende schijf die het gelijkmatig wegslingert. Op de achterkant staat geschreven: ‘zo moet het; vlug, makkelijk en een prachtige verdeling’.
Tekst gaat verder onder de fotoDeze mestverspreider was afgekeken van de kunstmeststrooier. Daarvan waren er in ten tijde van de foto ruim 19.000 in Nederland. Toch strooiden en verspreidden de meeste boeren mest en kunstmest nog met de hand. - Foto: MissetHet was een manier van werken die niet overeenkwam met de adviezen van de landbouwconsulenten. De landbouwgids schreef nog lang dat bemesten van bouwland het liefst in het donker en bij windstil weer moest gebeuren. Dat gaf het minste verlies van waardevolle stoffen als ammoniak en stikstof. De vaste mest diende zo snel mogelijk te worden ondergewerkt. Niet heel diep, maar een beetje. De mest moest de lucht ‘als het ware nog kunnen ruiken’, zo heette het. Geen mestprobleem, toch een lichtere giftOok toen al was men niet voor grote hoeveelheden mest ineens. Hierbij werd ruige stalmest bedoeld, een mix van vaste en vloeibare mest en stalstro. Men prefereerde 20 tot 30 ton per hectare. En niet, zoals sommige boeren deden, wel 70 tot 80 ton per hectare. Van enig mestprobleem was nog helemaal geen sprake, een lichtere gift leidde uiteindelijk tot een hogere gewasopbrengst, zo was de redenatie.Dit artikel is te lezen in Boerderij 25 van dinsdag 20 maart en is onderdeel van de rubriek Zo ging het toen
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









