Home

Nieuws 1089 x bekeken

Gekoppelde steun voorkomt daling toeslagrechten niet

Den Haag - Ook wanneer de gekoppelde betaling voor vleeskalveren en zetmeelaardappelen wordt gehandhaafd, krijgen deze bedrijven fors minder toeslagrechten onder het nieuwe Europees landbouwbeleid GLB. Dat blijkt uit een studie van het LEI naar de uitkering van de toeslagrechten in het nieuwe Europees Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB).

In het nieuwe beleid worden de toeslagen gelijk getrokken naar een vast bedrag per hectare. Dit betekent dat zetmeelaardappelbedrijven, vleeskalverbedrijven en intensieve melkveebedrijven een lagere premie per hectare krijgen en akkerbouwbedrijven, hokdierhouders en tuinbouwbedrijven meer premie gaan krijgen in 2019 ten opzichte van 2014. In 2014 ligt de gemiddelde hectarepremie in Nederland op 430 euro.

De verandering in ontvangsten aan toeslagen liggen voor ongeveer 70 procent van de bedrijven tussen een afname van 5.000 euro tot een toename van 5.000 euro. 13 procent van de bedrijven gaat er meer dan 5.000 euro op achteruit, ongeveer 17 procent van de bedrijven gaat er meer dan 5.000 euro op vooruit.

Het nieuwe GLB staat toe dat een deel van de toeslagrechten nog gekoppeld betaald worden. Dit mag maximaal 8 procent zijn, ongeveer 60 miljoen euro in de Nederlandse situatie. Ondanks de gekoppelde steun van 500 euro per hectare zetmeelaardappelen en 30 euro per vleeskalverplaats, gaan zetmeelbedrijven er toch nog 16 procent op achteruit. Voor kalverbedrijven is dit 40 procent.

Of registreer je om te kunnen reageren.