Zo doen zij dat: uien telen met NKG
Uien telen in een systeem met niet-kerende grondbewerking (NKG) is een uitdaging. Drie telers vertellen over hun aanpak.

Jasper Otte wil de groenbemester in het najaar onderwerken. “Dat is een verzekeringspremie voor een goede start. In het voorjaar moet je meer moeite doen om losse grond te krijgen.” - Foto: Peter Roek
‘Het afgelopen jaar waren enkele van de mooiste uienpercelen niet-geploegde percelen”, zegt Sander Bernaerts van Naturim. “Er zijn ook percelen waar de resultaten tegenvielen. Het kan dus wel, maar zeker bij de uien kan NKG nog beter.” Bernaerts begeleidt akkerbouwers die NKG toepassen.Uien zijn erg gevoelig voor storingen die wat hoger in het profiel zitten. “Vaak zien we daar een prachtige opkomst maar later een stagnatie van de groei. De structuur moet goed zijn. De keuze van voorvrucht en de stoppelbewerking zijn daarbij belangrijk. Maak bij inzaai van groenbemester de grond 25 tot 30 centimeter diep los”, adviseert Bernaerts.Groenbemesters moeten vorstgevoelig zijn en geen hergroei geven. “Bij uien is hergroei funest. De groenbemester moet in de winter goed afsterven, zodat je vroeg het land op kunt om een ondiep en vlak zaaibed te maken. Als je in de winter al kunt klepelen of rollen om de groenbemester om zeep te helpen, heb je daar in het voorjaar gemak van. Als het maar onder relatief droge omstandigheden gebeurt.”
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses








