‘We maken nooit meer kaas dan de markt aankan’

Cono-directeur Wim Betten - Foto: Fotostudio Wick Natzijl

Cono-directeur Wim Betten - Foto: Fotostudio Wick Natzijl


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

Cono Kaasmakers betaalt sinds jaar en dag de hoogste melkprijs. Daarmee is de relatief kleine kaasmaker nog altijd het referentiepunt voor melkgeldontvangend Nederland. Maar koploper blijven is een stuk lastiger dan koploper worden, weet algemeen directeur Wim Betten.Kaascoöperatie Cono is al jaren het referentiepunt voor melkgeldontvangend Nederland. De Cono-melkprijs is steevast de hoogste. Over 2016 lijkt de coöperatie ook weer royaal koploper, al is de hoogte van de nabetaling op dit moment nog niet bekend.Het is opvallend dat de kaasmaker het al zo lang op die toppositie volhoudt. Een paar jaar geleden zag het er nog naar uit dat reus FrieslandCampina de kleine Cono voorbij zou streven door de grote verdiensten op babyvoeding, maar dat is niet gebeurd. De Noord-Hollandse specialist blijft de concurrentie de loef afsteken. Zelfs in een moeilijk jaar als 2016, waarin Cono tijdelijk twee kaasmakerijen in bedrijf hield en er fors werd afgelost op de nieuwe. Cono-directeur Wim Betten. - Foto: Fotostudio Wick Natzijl “We hebben vorig jaar een goed jaar gehad, ook al was het geen gemakkelijk jaar”, stelt algemeen directeur Wim Betten. “We hebben opnieuw meer Beemster-kaas en andere merkkazen kunnen verkopen, op meer markten, en steeds vaker voor een eerlijke prijs. Ik ben hartstikke trots op wat we hebben bereikt. Het is natuurlijk niet alleen mijn werk. De complimenten gaan vooral uit naar onze medewerkers die deze prestatie mogelijk hebben gemaakt. Ze hebben vaak een stapje harder moeten lopen om het werk allemaal gedaan te krijgen en ondertussen ook nog een kwalitatief heel goed product te maken.” Dat 2016 ook nog het eerste jaar is dat u zelf aan de knoppen zit, zorgt ervoor dat het succes nog beter smaakt, lijkt me? Koploper worden qua melkprijs is één ding, het blijven is een lastigere klus.“Klopt. Cono was op veel terreinen een voorloper, met weidegang, duurzaamheid en aandacht voor dierenwelzijn. Maar je weet dat je vroeg of laat gekopieerd wordt. Dat is ook niet erg, maar het is wel de kunst om steeds weer iets nieuws te vinden, waarmee we ons in de markt kunnen blijven onderscheiden.”Verplichte weidegang, waar de politiek over debatteert, zou het concurrentieveld verder kunnen veranderen.“Laat ik eerst zeggen dat ik tegen verplichte weidegang ben. Ik ben wel voor het zo veel mogelijk stimuleren ervan. Daarom bekijk ik regelmatig hoe we onze leden die nog geen weidegang toepassen – ruim 90% doet het wel – toch kunnen helpen om te gaan weiden. Met een verplichting bereik je volgens mij echter niet het doel dat je beoogt. Vrijwilligheid werkt altijd beter. Maar zelfs al wordt weidegang verplicht, dan nog ben ik niet bang dat Cono zich niet meer kan onderscheiden en handhaven.”‘Wij streven er niet naar om zo veel mogelijk kaas door het bedrijf te jagen’Op welke punten kan Cono zich onderscheiden?“Wij hebben een eigen combinatie van onderscheidende punten, waarbij we naast weidegang en dierenwelzijn ook sterk leunen op de kwaliteit van onze producten en merken. Wij hebben de tijd en we nemen ook de tijd”, zegt Betten met een verwijzing naar zowel de naam van de kaasmakerij (De Tijd) als naar de wijze waarop kaas wordt gemaakt. “Wij streven er niet naar om zoveel mogelijk kaas per uur door het bedrijf heen te jagen. Wij maken nog steeds kaas zoals we dat vijftig jaar geleden ook deden. Misschien met een paar draineerbakken en wrongelbereiders meer dan vroeger, maar in essentie nog altijd op dezelfde kalme wijze. Dat merk je dan ook aan het product. In het managementteam noemen we onszelf ook wel ‘strijders tegen de smaakvervlakking’.”En de verdere kwaliteitsbewaking?“We hebben een strenge kwaliteitscontrole. Niet alleen op de melk, maar ook op de andere ingrediënten die we gebruiken. We kiezen bijvoorbeeld voor best wel kwetsbare zuursels, maar als we een nieuwe zending zuursel krijgen, testen we vooraf altijd of die nieuwe zending hetzelfde uitwerkt als de vorige. We gaan nooit over één nacht ijs. In het belang van 460 leden. We hebben een merk te bewaken, waar we lang aan hebben gebouwd. Daar mag niets mee aan de hand zijn. We zijn niet alleen streng in toezicht op de productie, we zijn ook streng op wat de deur uit gaat. Een kaas die niet goed is, gaat dus niet de deur uit. In geval van twijfel neem ik liever de pijn vooraf.”‘We hebben er nooit een geheim van gemaakt dat, wat ons betreft, de melkquotering niet hoefde te verdwijnen’Cono kan goede prijzen bedingen voor zijn kazen. Hoe slagen jullie daarin?“Door de genoemde aanpak, en doordat we nooit meer kaas maken dan de markt aankan. Ik maak liever een kilo minder dan een halve kilo te veel. Dat maakt het nodig om duidelijke keuzes te maken. We hebben er nooit een geheim van gemaakt dat, wat ons betreft, de melkquotering niet hoefde te verdwijnen. Dat is anders gelopen. In 2012 hadden we 318 miljoen kilo melk. Sindsdien is er landelijk ruim 20% melk bij gekomen. Wij moeten daar een weg in vinden. We hebben mede daardoor een nieuwe kaasmakerij gebouwd met een capaciteit van 38.000 ton. We willen groeien in kaas onder merk. We zijn een merkenbouwer, vooral met Beemster kaas. In de Verenigde Staten brengen we bijvoorbeeld Beemster Paradiso en Beemster Vintage op de markt. De eerste is een Proosdijkaas, die meer is aangepast aan de Amerikaanse smaak en zoeter is. Maar we willen wel kunnen kiezen wat we doen. We zetten geen goedkope, merkloze kaas op de markt. Als er meer melk komt dan we tegen een goede prijs aan kaas kunnen verkopen, wil ik poeder kunnen maken. Daarvoor moet ik de poedertoren, die bedoeld was voor de productie van weipoeder, vrij kunnen spelen voor het maken van mager melkpoeder. Dat kunnen we doen, omdat we nu ook een RO-installatie (omgekeerde osmose) hebben voor het indikken van wei tot 28% droge stof. Dat maakt het product goed verkoopbaar.”Jullie maken toch ook nog concentraat en room voor onder meer Ben & Jerry’s?“Daar gaat het grootste deel van onze Overijsselse melk heen.”Cono is ondertussen niet meer de exclusieve leverancier voor Ben & Jerry’s in Nederland. Is het spijtig voor jullie dat FrieslandCampina eveneens leverancier is geworden?“Ik denk dat het goed is dat er een tweede leverancier bij is gekomen. Dat maakt het minder kwetsbaar. En FrieslandCampina levert maar een klein volume. Bovendien heeft Unilever grootse plannen met Ben & Jerry’s. Ze moeten ook voldoende melk kunnen krijgen. We leveren onze melk via Ommen, waar we samenwerken met Hyproca, maar desnoods kunnen we vanuit de Beemster leveren. Overigens leveren we ook aan Nestlé.”‘Ik heb niet de strategie van: die kaasmakerij moet vol, maar ik ben ook geen Cono-poedermaker’De hoofdactiviteit is en blijft ondertussen kaas. En al wil Cono niet meer kaas maken dan de markt aankan, toch wil ze ook groeien in kaas. Hoe moet dat?“Ik heb niet de strategie van: die kaasmakerij moet vol. Maar ik ben ook geen Cono-poedermaker. We willen op een goede manier groeien, met merken en deels via andere kanalen. Bijvoorbeeld via de foodservice. Dan kun je denken aan broodjes Beemster-kaas, Beemster-kaas in kaassoufflés en in muffins. Ook is het denkbaar dat we nog nieuwe soorten kaas op de markt brengen.”Sinds uw aantreden bij Cono bent u steeds op zoek geweest naar verdere besparingen in het productieproces, naar betere verwaarding, optimalisatie, nieuwe markten. U hebt al heel wat gerealiseerd.“We proberen, met respect voor onze kernwaarden, steeds efficiënter te worden en nieuwe kansen te zoeken. De gemakkelijke besparingen zijn echter gerealiseerd, denk ik. Het gaat nu nog vooral om centen, al kunnen die bij elkaar toch ook nog tot een behoorlijk bedrag oplopen. Het melkplaatje hebben we wel grotendeels rond. Grote vraag is: blijft dat zo met de fosfaatplannen voor 2017 en 2018? Dat is iets wat iedereen in de zuivel zich afvraagt. Als er veel melk verdwijnt, ontstaat er misschien wel een nieuwe strijd om de melk.”Zal Cono de deur dan weer openzetten voor nieuwe leden?“Dat is de vraag. Het ligt sterk aan de ontwikkeling van de melkplas. We moeten onze stroom Noord-Hollandse melk en kaas goed bewaken.”Concurrenten kopiëren initiatieven van Cono, heeft u gezegd. Wat doet Cono nu concreet om nieuwe stappen vooruit te zetten als het gaat om initiatieven bij de boer?“We werken aan verdere uitbouw van het Caring Dairy-programma. Daar kijken we samen met Unilever naar. Bijvoorbeeld uitbouwen van weidegang tot 180 dagen, jongvee sneller en langer in de wei doen et cetera. We wilden eerst met een beperkte proef starten, maar er was een onverwacht grote belangstelling. Ruim 160 leden willen meedoen, terwijl we hadden gerekend op hooguit 100. Deelnemers kunnen bij de proef kiezen voor diverse inspanningsniveaus. Men kan er tot € 2.000 per jaar mee bijverdienen, los van de hoeveelheid melk die wordt geleverd. De meesten gaat het echter niet eens zozeer om het geld dat ze ermee kunnen binnenhalen. Je ziet dat er veel enthousiasme is om nieuwe stappen te zetten. Dat is prachtig om te zien.”

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Lees meer over


Snel delen


Sectornieuwsbrief Rundveehouderij


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.