‘Varkenshouders verdienen steun bij preventie stalbranden’

Foto: Bert Jansen
Vaak ligt de oorzaak van een stalbrand in de electrische installatie. Volgens bioloog Albert Weijman is er te weinig aandacht voor de relatie tussen knaagschade en brandrisico.Bioloog Albert Weijman vindt dat varkenshouders steun verdienen bij het voorkomen van stalbranden, in plaats van met de beschuldigende vinger naar te worden gewezen wanneer een stal met dieren afbrandt. Weijman is adviseur overheden bij het Kennis- en Adviescentrum Dierplagen (KAD) in Wageningen. Volgens hem veroorzaken knaagdieren naar schatting de helft van het aantal stalbranden met onduidelijke oorzaken. Hij pleit voor een effectief en duurzaam plaagdierbeheer.Waarom is hier niet meer aandacht voor?“Overheden, verzekeraars, varkenshouders en andere betrokkenen zijn zich nog steeds onvoldoende bewust van de relatie tussen knaagdrift en kortsluiting. Knaagdieren moeten knagen om te voorkomen dat hun knaagtanden onvoldoende slijten. Dat is dodelijk. Veestallen trekken ratten en muizen aan, omdat daar altijd volop voedsel te vinden is. Daarom vind ik dat er meer aandacht moet komen voor preventie, wering en alternatieve methoden.”Wie moet daarvoor zorgen?“Ik vind dat de overheid hierin de leidende rol moet nemen en met scherpere beleidsvoorstellen moet komen. Tot nu toe is PVV-kamerlid Dion Graus, de initiator van het Actieplan Stalbranden, de enige die hier aandacht voor vraagt. Ik vind het een gedeelde verantwoordelijkheid van overheid, varkenshouders en consumenten. Je moet varkenshouders steunen bij het voorkomen van stalbranden (in plaats van met een beschuldigende vinger naar hen te wijzen, wanneer het misgaat).”Albert Weijman van het Kennis-en Adviescentrum Dierplagen bij collage van artikelen over ratten en muizenplagen. - Foto: Tamara ReijersHoe kun je daar vorm aan geven?“Ik vind het raar dat professionele toepassers van biociden na een relatief korte cursus gecertificeerd plaagdieren mogen bestrijden. Ratten zijn intelligente dieren die alle kansen benutten om stallen binnen te kunnen dringen en er zich ook te vestigen. Die kansen worden door ons mensen geboden. Om te beginnen moet je ratten en muizen zoveel mogelijk beletten om stallen binnen te komen. Deuren zoveel mogelijk gesloten houden, dus. Bouwkundige wering betekent inklimgevaar beperken. Afdichten van doorvoeren van leidingen. Deugdelijke isolatie van leidingen.Vervolgens is serieuze monitoring van groot belang, zodat de populaties niet ongemerkt kunnen groeien. In laatste instantie komt bestrijding met klemmen en/of rodenticiden aan de orde. Toepassing van rodenticiden is de laatste trap van de strategie die we IPM noemen. Integrated Pest Management. Een IPM-aanpak vraagt vakmanschap, dus ook tijd en geld. Maar het is een investering die loont”Waarom gebeurt dat volgens u te weinig?“Ratten en muizen lopen niet alleen op varkensbedrijven rond, maar ook veelvuldig in de stedelijke omgeving, rond woonhuizen en bedrijventerreinen. Daar is minder aandacht voor preventie en bestrijding dan bij varkenshouders. Ratten en muizen zijn altijd op zoek naar voedsel, schuil- en nestelgelegenheid. Om het succes van knaagdieren te kunnen minimaliseren, moeten alle belanghebbenden gezamenlijk optrekken. In mijn ogen is dat dus een gezamenlijke verantwoordelijkheid van overheid, burgers en varkenshouders. Dieren die niet worden geboren, hoeven ook niet te worden gedood. Preventie is het ultieme biocide, zonder de zeer onwenselijke kans op doorvergiftiging.” Wat moet er nog meer gebeuren?“In geval van een brand zijn de varkens nu kansloos. Toch bestaan er stalsystemen waarbij wanden bij brand omvallen, zodat de dieren kunnen vluchten. Om die wanden te kunnen toepassen zijn investeringen nodig die varkenshouders zelf niet of nauwelijks kunnen financieren binnen de huidige marktverhoudingen. Toch moeten we naar een duurzamere varkenshouderij toe, met dierenwelzijn als uitgangspunt en met een bijpassend verdienmodel. Diervriendelijke, brandveilige stallen horen daarbij. Je kunt dat als overheid stimuleren met subsidies, net zoals bij de transitie naar duurzame energiebronnen.”Hoe maak je die slag naar een duurzame varkenshouderij?“In de eerste plaats moeten we in Nederland stoppen met het ‘uitpersen’ van onze varkenshouders. De kiloknallers van de supermarkten blijven consumenten nog steeds verleiden tot de aankoop van veel te goedkoop varkensvlees. Consumenten op hun beurt zijn zich te weinig bewust van de relatie tussen hun koopgedrag en dierenwelzijn, terwijl we dat allemaal heel belangrijk vinden.”
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









