Varkenshouder in Woubrugge krijgt geen groter bouwblok

Den Haag - De Raad van State heeft het beroep afgewezen dat een varkenshouder uit Woubrugge heeft ingesteld tegen het bestemmingsplan van de gemeente Kaag en Braassem, waar Woubrugge onder valt. In het bestemmingsplan kreeg de varkenshouder een bouwblok van 1,1 hectare voor zijn bedrijf toegekend, dat was hem te weinig. Volgens hem heeft hij dan niet de mogelijkheid om in de toekomst nog uit te breiden, iets dat noodzakelijk is volgens hem om aan de gewijzigde welzijnseisen in de varkenshouderij te kunnen voldoen.De gemeente Kaag en Braassem heeft bij het vaststellen van het bouwblok in het bestemmingsplan deze afgestemd op de bestaande bebouwing die op grond van een omgevingsvergunning uit november 2011 door de varkenshouder is gerealiseerd. Uitbreiding acht de gemeente niet gewenst aangezien dat het woon- en leefklimaat van omwonenden te veel zou aantasten. De varkenshouder voert aan dat juist met de toepassing van moderne technieken die aantasting van het woon- en leefklimaat kan worden voorkomen.
De Raad van State constateert dat er op het moment dat het bestemmingsplan door de gemeenteraad van Kaag en Braassem werd vastgesteld er geen concrete plannen voor uitbreiding van het bedrijf in Woubrugge bestonden. Daarnaast ligt het bedrijf van de varkenshouder op korte afstand van woningen, de Raad van State vindt het in deze situatie redelijk dat de gemeente niet wil meewerken aan de door de varkenshouder gevraagde uitbreidingsmogelijkheden van zijn bouwblok.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









