Spuiten, rooien en beregenen lastiger in stroken

Foto: Fred Libochant

Foto: Fred Libochant


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

Teelt op spuitboombrede stroken past niet vanzelfsprekend aan op een gangbaar akkerbouwbedrijf, ervaart Leen Ampt. Met vier collega’s deed hij in 2020 ervaring op. Het experiment gaat verder.Akkerbouwer Leen Ampt is na een eerste jaar experimenteren in Zuid-Beijerland nog niet meteen enthousiast geworden over strokenteelt. Hij ziet de toegevoegde waarde nog niet. Daarbij past het systeem slecht op een perceel met grootschalige gangbare akkerbouw. Afgelopen jaar heeft hij ermee geëxperimenteerd. Met name als het aankomt op spuiten en beregenen is het strokenconcept te beperkend, is de ervaring. Vanuit landbouwkundig oogpunt bezien, brengt het weinig, oordeelt Ampt. Dit terwijl de trend naar meer efficiëntie en schaalvergroting en bijbehorende grotere machines drastisch wordt doorbroken door de strokenteelt. De schaalverkleining heeft gevolgen voor de prestaties van mens en machine, de capaciteit loopt terug. Ook de benutting van de ruimte gaat omlaag, aangezien de kopeinden onbeteeld blijven. Soms zijn er teeltvrije zones tussen gewassen. Lees verder onder de foto. Leen Ampt in overgebleven natuurstrook. "Duidelijk afgelopen seizoen was meer biodiversiteit door de natuurstroken. Goed voor het imago van de akkerbouw. Voor onze teelten leverde het niets op." - Foto: Fred LibochantGeen voorbarige conclusies trekkenTegelijk wil Ampt ervoor waken te voorbarig conclusies te trekken. “Een resultaat van slechts een jaar zegt niet alles. Daarom gaan we hier zeker mee verder. Om makkelijker te werken, maken we de kopakkers dit jaar breder. Ook in een jaar dat er niet veel beregend hoeft te worden zal het praktischer zijn.” Ampt en collega’s deden ervaring op met stroken van 45 meter breed, spuitboombreedte. Niet bepaald de smalste; in andere strokenteeltexperimenten variëren strookbreedtes tussen ruwweg 3 en 21 meter.Voorwaarden provincieDat Ampt en vier collega’s ondanks hun reserves de strokenteelt in 2020 uitproberen is om in aanmerking te komen voor de grond in de 100 hectare grote Leenheerenpolder helemaal in het westen van de Hoeksche Waard. Eigenaar is Provincie Zuid-Holland. In afwachting van definitieve natuurontwikkeling in het Natura 2000-gebied wil de provincie landbouw toestaan onder de voorwaarde van natuur- en biodiversiteitsontwikkeling. Strokenteelt, en een gras-kruidenrand dat het hele jaar blijft liggen, zijn verplicht. De provincie geeft de grond van jaar tot jaar uit. Zoeken naar balans schaalverkleining en mens- en machinecapaciteitAmpt en collega’s streven er bij de inrichting van Leenheerenpolder naar om een zo goed mogelijke balans te vinden tussen de gewenste schaalverkleining en genoemde mens- en machinecapaciteit. Er is gekozen voor stroken van spuitboombreedte vanuit de aanname dat de gewasverzorging met de veldspuit de belangrijkste bewerking is en ook blijft. De veronderstelling is dat meer zogenoemde groene middelen worden geïntroduceerd en dat spuittechnieken verder worden verfijnd. De verhouding hakvruchten/maaigewassen is 50%. Dat is iets hoger dan het gemiddelde in de Hoeksche Waard. Elke gewasstrook van 45 meter grenst met de ene zijde aan een natuurstrook en met de andere zijde aan een gewasstrook met een ander gewas. In het noordelijk deel van de polder hebben vier gewasstroken aan weerszijden een natuurstrook.De natuurstroken bestaan uit meerjarige bloemrijke graskruiden en vallen onder de regeling Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer (ANLb) De breedte van de natuurstroken is drie meter om de toepassing van gps-navigatie te vergemakkelijken. Het ruimtebeslag van de natuurstroken is 4%. Samen met de negen meter brede onbeteelde wendakkers is het ruimtebeslag van de natuurstroken in de Leenheerenpolder ongeveer 8%. De wendakkers, die ingezaaid waren met een grasklavermengsel, vallen niet onder de ANLb-regeling vanwege de intensieve berijding tijdens de oogst.Meer vogels en insectenNu, na het eerste jaar ervaring, is Leen Ampt niet gelijk onverdeeld enthousiast over de stroken plus natuurranden. “Zeker, er zijn meer vogels, er is meer biodiversiteit waargenomen door onafhankelijke Wageningse onderzoekers. Dat is goed nieuws voor de vogels en voor de insecten. In die zin biedt het concept een toegevoegde waarde. Maar als het gaat om natuurlijke bestrijding van ziekten en plagen vanuit de stroken, dan heb ik die niet nog niet gezien. Ik denk wel dat de stroken via meer natuur en een aantrekkelijker landschap helpen aan versteviging van het draagvlak voor de akkerbouw. Maar meer natuurlijke vijanden? Daar merk ik nog niks van. Luisbestrijding in de aardappelen doen we sowieso al bijna niet, zeker niet standaard. Natuurlijke vijanden die trips in de uien aanpakken heb ik ook nog niet kunnen ontdekken. Dat zou juist een winstpunt moeten zijn.” Lees verder onder de foto. Leenheerenpolder met 45 meter brede stroken consumptie-aardappelen, maaigewas, suikerbieten, zaaiuien, veldnonen. Daartussen 3 meter brede natuurstroken. - Afbeelding: IB LerinkSpuiten bij windstil weerWat daar nog bij komt is dat de stroken, ondanks dat ze spuitboombreed zijn, bij het spuiten hinder veroorzaken. Ten eerste doordat aan weerszijden van iedere spuitgang of een ander gewas of een natuurstrook ligt. “Dat betekent dat ik in de tarwe groeistoffen alleen bij 100% windstil weer kan spuiten. Bij de minste drift hebben uien ernaast daar al last van. Maar ook bloemetjes zijn net als uien en bieten gevoelig. Verder heb je bij niet vierkante percelen dat je aan het eind puntige stroken overhoudt. Die krijg je niet helemaal gespoten, waardoor ziektes en onkruid een kans krijgen. In de biologische teelt gelden die problemen met het spuiten niet.”Ook bij beregening zijn gewasstroken van 45 meter onwerkbaar smal. “Met de droogte van afgelopen seizoen was het misschien geen probleem om met de aardappelen de tarwe meteen mee te beregenen, maar dat is uitzonderlijk. In normale jaren ben je inefficiënt bezig. Uiteindelijk gaat het ten koste van je beregeningscapaciteit op gewassen die het nodig hebben. Bij smallere stroken heb je dat probleem met beregening en spuiten nog veel meer.” Met stroken lastiger oogstenVoor wat betreft de oogst vindt Ampt de stroken ook geen vooruitgang. Dat geldt met name voor de oogst van rooivruchten. Het graan kon probleemloos worden gemaaid, maar de aardappeloogst bleek lastiger. “Iedere strook is als het ware een perceel dat je nieuw moet opzetten; je moet vaker van binnenuit beginnen. Lastig is ook dat we geen kopakkers hebben. Wel een 9 meter brede natuurstrook, maar dat is best krap voor een vierrijige getrokken rooier.”Pas na meerdere jaren proberen, kunnen we beoordelen of we met strokenteelt verder kunnenStrokenteelt staat haaks op schaalvergrotingAlles bij elkaar komt het oordeel van Leen Ampt erop neer dat strokenteelt, ook als die 45 meter breed zijn, niet zomaar past op een gangbaar akkerbouwbedrijf. Niet in de laatste plaats omdat er landbouwkundig geen voordeel is waargenomen van de toegenomen biodiversiteit in de natuurranden. De strokengedachte staat sowieso haaks op de ontwikkeling van alsmaar uitdijende akkerbedrijven (of combinaties) die voor verdere arbeids- en machine-efficiëntie juist zoeken naar mogelijkheden voor perceelvergroting. Evenzogoed hebben Ampt en collega’s de grond in de Leenheerenpolder er graag bij. “We proberen daarom met de wensen van de provincie rekening te houden en een praktisch werkbare oplossing te vinden. Pas na meerdere jaren proberen, kunnen we echt beoordelen of we in de praktijk met strokenteelt verder kunnen.” Andersom gesteld zou pachtverlaging ook kunnen helpen om de beperkingen van de stroken te compenseren. Efficiënte indeling met GaosMet behulp van Gaos ( Geo-Akker-Optimalisatie-Service) werd de Leenheerenpolder verdeeld in 3-meterwerkgangen en 9-meter-wendakkers. Vervolgens werden de spuitpaden toegewezen en werden AB-lijnen gegenereerd voor SBG-Raven en Trimble.
Met behulp van SMS (AgLeader) werd het Trimble AgGPS-bestand geconverteerd in een John Deere GS3 2630-bestand. Omdat de natuurstroken dezelfde breedte hebben als de werkgangen, kan volstaan worden met drie AB-lijnen voor het hele perceel (één rechte voor de rompakker en twee curven voor de wendakkers). De Gaos-output is hier gevisualiseerd met behulp van QGIS, een open-source GIS-programma.
Gaos werd in 2008 door ontwikkeld door HWodka en is een voorbeeld van precisielandbouw-toepassing voor Nederlandse omstandigheden: een optimale benutting en verantwoording van de schaarse, dure ruimte.

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Snel delen


Sectornieuwsbrief Akkerbouw


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.