Reportage zeugenbedrijf Pappot: samen tafelen wekt eetlust van biggen op
Familievoeren blijkt een schot in de roos bij familiebedrijf Pappot om de zuigende biggen aan het eten te krijgen. Hierdoor is de speendip gering en zijn er geen staartbijtproblemen.

Vader en zoon Pappot produceren biggen voor de biologische markt. Foto’s: Henk Riswick
Bij zeugenhouder Bert Pappot in Eibergen (Gld.) bepalen de dieren in grote mate zelf wat ze doen. Het is daarom geen uitzondering als twee zeugen liggen te rusten of werpen in hetzelfde kraamhok. Dat eerste gebeurt nu ook. Omdat het al wat lenteachtig aanvoelt, kiest een deel van de zeugen met biggen ervoor om naar buiten te gaan. Dat is ook een optie.
Twee jaar geleden is Pappot gestart als biologisch zeugenhouder. Hij heeft zijn gangbare stallen aangepast overeenkomstig de richtlijnen van biologisch. De kraamstal telt vier afdelingen met elk zes kraamhokken. Maandelijks werpen er twaalf tot veertien zeugen. De zoogperiode is zeven weken. Dan speent hij twaalf biggen bij zijn zelf gefokte zeugen. Voor de eigen aanfok werkt hij met de Terra-lijn-zeug. Die wordt geïnsemineerd met een Noors-landras of een beer van de Zwitserse fokkerijorganisatie Suisag. In het eerste geval komt er een TN50-zeug uit.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses













