Markt aardappelzetmeel gaat crescendo

Foto: Henk Riswick
De vooruitzichten voor de zetmeelaardappelteelt zijn uitstekend. Het areaal zetmeelaardappelen in de EU kromp flink na 2010, maar inmiddels ligt door hogere uitbetaalprijzen het areaal zetmeelaardappelen op een hoger niveau dan in 2010.Het gaat weer crescendo met de zetmeelaardappelteelt in Europa. Dat blijkt uit het marktrapport 2018 van het Bundesverband der Deutschen Stärkekartoffelerzeuger (BVS). Het areaal kromp na 2010 flink, als gevolg van de lage prijzen en de afschaffing van de gekoppelde steun in 2012 in veel EU-landen, maar het areaal is in 2017 nagenoeg weer terug op niveau 2010.Lees verder onder de grafiek.Na een flinke krimp is het areaal zetmeelaardappelen in 2017 weer terug op niveau 2010. De trend blijft stijgend. De Duitse krimp wordt gecompenseerd door extra groei in Polen en Denemarken.Stijgende aardappelprijzenIn 2010 bedroeg het areaal zetmeelaardappelen in Europa 203.792 hectare. Dat kelderde in de jaren daarna naar 180.690 hectare in 2014, waarna het areaal langzaam weer aangroeide tot 202.330 hectare in 2017. Ingewijden denken dat in 2018 en 2019 het Europese areaal zetmeelaardappelen nog verder is toegenomen door de stijgende aardappelprijzen die de verwerkers betaalden voor zetmeelaardappelen, maar cijfers daarvan zijn nog niet voorhanden. Omdat de EU de steun voor zetmeelaardappelen heeft afgeschaft en als gevolg daarvan geen info meer over uitgekeerde premies en subsidies publiceert, en veel statistiekbureaus in de EU-landen geen onderscheid maken in hun publicatiecijfers in aardappelen bestemd voor consumptie, industrie of zetmeel, is het lastig actuele data over zetmeelaardappelen op te diepen.Areaal zetmeelaardappelen in NederlandWat al wel over 2018 en 2019 bekend is. In Nederland groeide volgens CBS-cijfers het areaal zetmeelaardappelen van 44.041 hectare in 2017 naar 45.080 hectare in 2018. En uit de recent bekend gemaakte voorlopige areaalcijfers van het CBS bedraagt het areaal zetmeelaardappelen in 2019 45.300 hectare, een bescheiden groei van 0,5 %. In Duitsland groeide het areaal (na jarenlange krimp) van 53.523 in 2017 naar 56.600 hectare in 2018. De Franse overheid meldde vorige week dat het het Franse zetmeelaardappelareaal op 23.000 hectare schat, iets minder dan in 2018, maar meer dan in 2017.Verkoop zetmeel in de liftDe verkoop van natief aardappelzetmeel (natuurlijk onbewerkt zetmeel), maar veel meer nog de aardappelzetmeel-derivaten en aardappeleiwit zitten in de lift. In 1998 werd in de EU 7,3 miljoen ton zetmeel verkocht, in 2016 is dat gestegen tot 9,3 miljoen ton, blijkt uit cijfers van StarchEurope, de branche-organisatie van Europese zetmeelproducenten. Een plus van wel 2 miljoen ton. Dit kengetal geldt overigens voor alle zetmelen, dus uit aardappelen, tarwe en mais. StarchEurope heeft dit kengetal niet uitgesplitst per soort zetmeel. Ook hier weer geen recentere info.Lees verder onder de grafiek.De productie van zetmelen groeit gestaag, vooral van tarwe en mais. De productie van aardappelzetmeel kromp eerst , maar groeide vervolgens van 1,3 miljoen ton in 2013 naar 1,39 miljoen ton in 2016.Productie aardappelzetmeel fluctueertToch mag geconcludeerd worden dat ook de vraag naar aardappelzetmeel in de lift zit, uitgaande van de productiecijfers van zetmeel in Europa, die StarchEurope ook publiceerde over de jaren 1998-2016. De productie van zetmeel nam toe van 7,7 miljoen ton in 1998 naar 10,7 miljoen ton in 2016. De grootste stijging kon tarwezetmeel optekenen, een snelle gestage groei van 2,23 miljoen ton naar 4,28 miljoen ton in 2016, een stijging van wel 92%. Maiszetmeel groeide in een langzamer tempo van 3,77 miljoen ton in 1998 naar 5,03 miljoen ton in 2016, een stijging van 33%. De productie van aardappelzetmeel fluctueerde meer. Van 1,69 miljoen ton in 1998 naar 1,8 miljoen ton in 2001. Vanaf 2005 zakte de productie naar 1,3 miljoen ton in 2013, omdat het destijds op bulkmarkten werd weg geconcurreerd door de goedkopere mais en tarwezetmelen. Sindsdien nam de aardappelzetmeelproductie weer licht toe, naar 1,39 miljoen ton in 2016. En die trend heeft doorgezet volgens dezelfde ingewijden.Meer vraag naar speciaalproductenVooral de vraag naar speciaalproducten op basis van aardappelzetmeel groeit. Het aandeel gemodificeerd zetmeel groeit ten koste van natief zetmeel. Hetzelfde geldt voor het aandeel voor Food. In 1998 werd 53% van het zetmeel verkocht voor food-toepassingen en de rest naar industrieel, zoals papierproductie en chemische fermentatie van kledingstoffen. In 2016 vond 61% van het zetmeel zijn weg naar het beter betalende foodsegment. Een aanzienlijk deel wordt ook aan landen buiten de EU verkocht. Grootafnemers van Europees aardappelzetmeel zijn onder andere Zuid-Korea, de USA, China, Japan en Thailand. Duitsland exporteerde volgens het Statistisches Bundesamt in 2017 281.249 ton aardappelzetmeel, met een exportwaarde van bijna € 180 miljoen.Aardappelzetmeel onderscheidt zich van zetmeelproducten gemaakt van mais of tarwe, doordat ze zuiverder en schoner is en in tegenstelling tot mais- en tarwezetmeel veel sterker bindt bij temperaturen lager dan 100 graden Celsius. Deze eigenschappen maken dat de foodindustrie wereldwijd bereid is daarvoor meer te betalen dan voor andere zetmelen. Zeker als het gemodificeerd aardappelzetmeel betreft, met voor het eindproduct van de afnemer unieke eigenschappen.Lees verder onder de foto.Veel Duitse telers rijden zelf hun zetmeelaardappelen richting fabriek. In Duitsland is de teelt flink gekrompen ten koste van energiemais voor biovergisters. Deze spontane krimp heeft de Europese aardappelzetmeelmarkt gezond gemaakt. - Foto: Jan SibonKrimp Duitsland, groei Denemarken en PolenOndanks dat in 2017 het Europese areaal weer gelijk was aan 2010, heeft in Europa qua zetmeelaardappelproductie wel een teeltverschuiving plaats gevonden. Het areaal zetmeelaardappelen in Duitsland is ten opzichte van 2010 ruim 18.000 hectare gekrompen, naar 53.523 hectare in 2017. Ten opzichte van 2000 is het areaal zetmeelaardappelen in Duitsland bijna gehalveerd, toen lag het areaal zetmeelaardappelen nog boven de 100.000 hectare. De areaalkrimp ten opzichte van 2010 is overigens volledig gecompenseerd door areaaluitbreiding in Denemarken en Polen. In Denemarken groeide het areaal van 18.500 hectare naar 27.000 hectare en in Polen van 23.000 hectare naar 30.000 hectare (schatting) in 2017. Het Deense areaal in 2019 wordt geschat op zo’n 32.000 hectare, maar concrete areaalcijfers zijn nog niet voorhanden. Hoeveel zetmeelaardappelen nu in Polen groeien, is koffiedik kijken, maar feit is wel dat de Poolse aardappelzetmeelindustrie op de mondiale afzetmarkten flink aan de weg timmert. Ook in Duitsland neemt de laatste twee jaar de animo voor zetmeelaardappelen weer iets toe, nu de biogasbubbel langzaamaan aan het leeglopen is.Groene energieDe gestage krimp sinds 2006 in Duitsland is te wijten aan de ontkoppeling én de hoge subsidie die de Duitse overheid uitkeerde voor het opwekken van groene energie in biogasinstallaties. Het telen van energiemais voor vergisters (met behoud van hectarepremie) werd daardoor ineens veel lucratiever voor telers dan de teelt van zetmeelaardappelen, waarvan de uitbetalingsprijs toen wat in een dip zat. Voor veel Duitse telers was de keus toen snel gemaakt. Gevolg: een spontane sanering van de markt, zonder dat de niet-Duitse industrieën gedwongen hebben moeten saneren bij zichzelf en bij hun telers. Achteraf blijkt dat die Duitse krimp de aardappelzetmeelmarkt gezond heeft gemaakt, heeft Avebe-directeur Bert Jansen enkele jaren terug al eens in een interview in Boerderij gezegd.Vraag en aanbod in evenwichtDoor de decennialange subsidiëring van de zetmeelaardappelteelt en -productie was er sprake van een structureel overaanbod van aardappelzetmeel, waardoor het voor de Europese aardappelzetmeelproducenten lastig was hoge prijzen voor hun product te bedingen. Door de areaalkrimp kwamen vraag en aanbod van hoogwaardig aardappelzetmeel meer in evenwicht, en hoefde het verhoudingsgewijs duur geproduceerde aardappelzetmeel niet langer te concurreren met het kwalitatief mindere goedkoper geproduceerde mais- en tarwezetmeel op bulkmarkten.Ongelijk speelveldNederland en Duitsland kozen in het huidige GLB (Gemeenschappelijk Landbouwbeleid) voor ontkoppeling, maar diverse andere landen besloten toch voor zetmeelaardappelen de vrijwillig gekoppelde steun te handhaven. Franse telers krijgen in 2019 € 81 per hectare steun. Polen betaalt zetmeelaardappeltelers € 380 per hectare gekoppelde premie bovenop de standaard hectare-premie. Letland en Finland respectievelijk € 409 en € 551 per hectare. Tsjechië spant de kroon met een additionele aardappelzetmeelpremie van wel € 719 per hectare.Lees verder onder het kader.Avebe 100 jaarIn 1919 richtten enkele zelfstandige aardappelcoöperaties in Noordoost-Nederland het Aardappelmeel Verkoop Bureau op (AVB). In 1971 werden de coöperaties en het AVB samengevoegd tot Avebe. De coöperatie bestaat 100 jaar op 11 november 2019.CompetitieVooraf klaagden Duitse en Nederlandse telersorganisaties dat er zodoende een ongelijk speelveld in de EU zou ontstaan ten nadele van telers die geen gekoppelde steun meer ontvingen. Achteraf blijkt ontkoppeling juist een zegen. Het dwong de Duitse en Nederlandse verwerkers meer competitief te worden. Zo heeft Avebe volop ingezet op zetmeelderivaten voor food en hoogwaardig aardappeleiwit en heeft Emsland Group flink geïnvesteerd in zetmeelderivaten, opschaling van de vlokkenproductie en opschaling van zetmeel uit erwten nadat de aardappelzetmeelcampagne is geëindigd. Producenten in Polen, Finland en Letland produceren alleen natief aardappelzetmeel. Mocht in een volgend GLB na 2020 ook voor zetmeelaardappelen de vrijwillige directe steun worden afgeschaft, dan krijgen dergelijke producenten van aardappelzetmeel het waarschijnlijk lastig hun leveranciers te behouden. De prijs van uitsluitend natief zetmeel is doorgaans te laag om hun telers een concurrerende prijs voor zetmeelaardappelen te kunnen uitbetalen.Lees verder onder de foto.Aardappelzetmeel is gewild in de foodindustrie, omdat het smaaklozer is en sterker bindt dan tarwe- en maiszetmeel. - Foto: Jan Willem SchoutenGoede vooruitzichtenResumerend: de aardappelzetmeelmarkt is weer gezond, de vraag naar hoogwaardig aardappelzetmeel blijft stijgen en afnemers zijn bereid daarvoor te betalen. Coöperatief georganiseerde verwerkers kunnen telers zodoende hogere prijzen betalen voor hun grondstof. Jarenlang hing in West-Europa rondom de zetmeelaardappelteelt een beetje een kneusjesimago en werd de teelt door andere aardappeltelers bestempeld als vaste armoede. Het tij is echter gekeerd. Inmiddels is in Nederland en Duitsland de netto uitbetalingsprijs van zetmeelaardappelen nagenoeg gelijk aan die van vlokkenaardappelen en nadert deze de contractprijs van fritesaardappelen. Avebe betaalde over oogst 2018 al een gemiddelde prijs van € 90 per ton aardappelen, en streeft ernaar binnen enkele jaren een prestatieprijs van € 95 per ton te realiseren. Emsland Group betaalt vergelijkbare prijzen.De Europese aardappelzetmeelproducentenAvebeWat betreft aardappelzetmeel is de Nederlandse coöperatie Avebe marktleider in Europa. Avebe is een coöperatie met zo’n 2.300 Nederlandse en Duitse aardappeltelers als lid. Het Nederlandse areaal bedraagt ruim 40.000 hectare, het Duitse zo’n 15.000 hectare. Het bedrijf heeft twee fabrieken in Nederland (Ter Apelkanaal en Gasselternijveen en een derivatenfabriek in Foxhol). In Oost-Duitsland heeft Avebe fabrieken in Dallmin en Lüchow en in Zweden een derivatenfabriek in Malmö. In Gasselternijveen wint Avebe ook hoogwaardig eiwit Solanic uit aardappelen, wat intussen substantieel bijdraagt aan een plus op de aardappelprijs. Afgelopen jaar opende Avebe een nieuw Avebe Innovation Center op de campus van Universiteit Groningen, waar het continu nieuwe toepassingen op basis van aardappelzetmeel en -eiwit ontwikkeld. Recente innovaties zijn een zetmeelderivaat, waardoor softijsjes minder snel smelten en plantaardige kaas op basis van aardappeleiwit.Emsland GroupEmsland Group produceert aardappelzetmeel, aardappelgranulaten en -vlokken. De zetmeeltak heet Emsland Stärke, na Avebe de grootste speler qua aardappelzetmeel. De grootste aardappelzetmeelfabriek van het concern staat in Emlichheim, vlak over de grens bij Coevorden. Zodra de aardappelcampagne is afgerond, schakelt de fabriek over op droge erwten, waaruit het ook zetmeel en eiwit wint. Daarnaast heeft Emsland Stärke ook zetmeelfabrieken in de Duitse plaatsen Wietzendorf, Golβen en Kyritz. Emsland Stärke verwerkt zo’n 1,8 miljoen ton aardappelen van circa 35.000 hectare aardappelen tot zetmeel. De Emlichheimer Kartoffelfabrik AG, waaruit later Emsland Group is ontstaan, is in 1928 opgericht.SüdstärkeSüdstärke is een Zuid-Duits aardappelzetmeelconcern met fabrieken in Schrobenhausen en Sünching. Südstärke verwerkt jaarlijks zo’n 600.000 ton aardappelen, afkomstig van zo’n 10.000 hectare, tot aardappelzetmeel en -derivaten. Het bedrijf heeft zijn afnemers vooral in de papier, chemische industrie en levensmiddelenindustrie. Het bedrijf in Schrobenhausen is in 1938 opgericht, en is in 1947 begonnen met de productie van aardappelzetmeel. De locatie Sünching bestaat sinds 1919 en fabriceert sinds 1949 aardappelzetmeel. In 1981 fuseerden Kartoffelflocken- und Stärkefabrik uit Schrobenhausen en Sünchinger Stärke GmbH tot Südstärke GmbH.TereosTereos is een grote Franse coöperatie, vooral bekend van de suiker. Maar het heeft ook een zetmeeltak, met zowel tarwe- mais als aardappelzetmeel, genaamd Tereos Starch and Sweeteners. De focus ligt vooral op tarwe-zetmeel, maar het heeft ook een aardappelzetmeelfabriek in het Noord-Franse Haussimont. De fabriek is gebouwd in 1970. In 1993 kocht Avebe de fabriek . Tijdens de hoognodige rigoureuze reorganisatie in 2007 verkocht Avebe de fabriek aan Société Coopérative Agricole Féculière (SCAF). In 2011 nam Tereos een 75 procent aandeel in SCAF. In 2014 werd Tereos volledig eigenaar. SCAF telt een kleine 300 telers, die gezamenlijk 270.000 ton aardappelen telen op 10.000 hectare die tot natief zetmeel en zetmeelderrivaten worden verwerkt.RoquetteRoquette is een particuliere Franse verwerker, die tarwe, mais, tapioca en aardappelen verwerkt tot zetmelen, cyclodextrines, suikers, vezels, eiwitten en derivaten. Roquette verkoopt meer dan 300 soorten zetmelen en gemodificeerde zetmelen. De fabriek staat in Vecquemont. Hoewel het de grootste aardappelzetmeelfabriek in Frankrijk is, is de aardappelzetmeeltak binnen Roquette maar marginaal. Het bedrijf verwerkt circa 12.000 hectare aardappelen tot aardappelzetmeel.KMCKMC (Kartoffelmelcentralen) is een Deens aardappelzetmeelconcern op Jutland, eigendom van drie telerscoöperaties AKM Brande, KK Karup en AKS Toftlund. KMC fungeert vooral als verkoopkantoor voor de drie fabrieken. Het bedrijf is opgericht in 1933 en verwerkt jaarlijks circa 1 miljoen ton aardappelen, van circa 26.000 hectare. Naast 250.000 ton aardappelzetmeel produceert KMC ook 20.000 ton vlokken. KMC heeft op aandrang van de telercoöperaties de afgelopen jaren flink opgeschaald in capaciteit en verwerking, maar produceert sindsdien eigenlijk vooral meer natief zetmeel en ‘eenvoudige’ derivaten. De Deense telers wensten uit te breiden, omdat het aardappelsaldo op de Jutlandse zandgronden hoger is dan dat van suikerbieten en granen.AKV Lanfhol tAKV Lanfholt, dat staat voor Andels-Kartoffelmelsfabrikken Vendsyssel is een eveneens Deense producent van aardappelzetmeel. De aardappelverwerker is een joint venture aangegaan met Cargill. Cargill is verantwoordelijk voor de verkoop van het natieve aardappelzetmeel. AKV Langholt is opgericht in 1933 en verwerkt jaarlijks zo’n 210.000 ton van zo’n 6.000 hectare aardappelen tot zetmeel. AKV is een coöperatie van circa 160 telers op Noord Jutland.Lyckeby StärkelsenLyckeby Stärkelsen is een Zweedse coöperatie van zo’n 800 telers uit Zuid-Zweden. Het verwerkt aardappelen van 8.000 hectare in Zweden en 4.000 hectare in Tsjechië. Het bedrijf heeft naast een fabriek in Kristianstad in Zweden ook een aardappelzetmeelfabriek in Tsjechië. Het bedrijf produceert vooral zetmeel voor de papierindustrie, maar ook voor de foodindustrie. Lyckeby was in 2011 de enige Europese aardappelzetmeelverwerker die voornemens was de transgene amylopectine-aardappel Amflora van BASF te gaan verwerken, in haar Tsjechische fabriek.Fynnamyl OyFynnamyl Oy is een kleine Finse aardappelzetmeelproducent. Satakunnan Peruna Oy werd in 1942 opgericht in Kokemäki. In 1999 fuseerde het met Lapuan Peruna Oy en werd de naam Fynnamul Oy. Het heeft drie productielocaties en verwerkt jaarlijks aardappelen van 4.000 hectare tot zetmeel. Bijzonder, het is een van de weinige leveranciers die biologisch aardappelzetmeel produceert.AgranaAgrana is een Oostenrijke zetmeelfabrikant, die mais-, tarwe- en aardappelzetmeel fabriceert. In Gmünd tegen de Tsjechische grens verwerkt het aardappelen van 7000 à 8000 hectare tot aardappelzetmeel voor food en industrie. Net als Fynnamyl Oy levert ook Agrana biologisch aardappelzetmeel.PolenVan de talrijke veelal kleine Poolse aardappelzetmeelfabrikanten is het erg lastig gevalideerde info te achterhalen, omdat ze geen van allen lid zijn van de Europese branche-organisatie Committee of the European Starch Potato Producers Unions. Googelen en Google-translate maakt duidelijk dat er diverse producten zijn, die hoofdzakelijk natief aardappelzetmeel produceren. Een van de Poolse producten is Zaklady Przemystu Ziemniaczanego Zetpezet in Pila. Het is voor 35,47 procent eigendom van de Poolse staat. Het is van oorsprong een Duits bedrijf (Zentral Genossenschaft Stärkefabrik), maar is na de oorlog, toen een deel van Duitsland Pools grondgebied werd, geconfisqueerd door de Poolse staat.Een andere Poolse producent is Wielkopolska SA in Staw. Het heeft zijn 100 jarig jubileum al gevierd. Het is opgericht in 1904. Przedsiebiorstwo Przemyslu Ziemniaczanego SA in Niechlow produceert aardappelzetmeel. Ook deze fabriek uit voormalige Duitse provincie Silezië werd na de oorlog Pools staatseigendom. De fabriek verwerkt naar eigen zeggen 1.000 ton aardappelen per dag. Nowamyl in Lobez in West-Pommeren startte eind 19e eeuw met de productie van aardappelzetmeel. Pepees Group is een bedrijf met enkele aardappelfabrieken in Lomza, Bronislaw en Lublin. PPZ Bronislaw in Kujawy, onderdeel van Pepees, is naar eigen zeggen een van de grootste producenten van aardappelzetmeel op de Poolse markt. PPZ Trzemeszno is opgericht in 1883, en ook eigendom van de staat. ZPZ B.E.S.T. tot slot is een zetmeelfabrikant in Parczew. Het is opgericht in 1995 en verwerkt 600 hectare zetmeelaardappelen van 200 Poolse aardappeltelers tot zetmeel.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









