Jaren 70: Muurtje van plaggen als afrastering

Foto: Misset
De foto uit begin jaren 70 laat het maken van een tuunwal op Texel zien. Een tuunwal, kortweg een tuun, diende als afrastering voor het vee.In andere delen van Nederland maakte men vroeger de omheiningen van doornstruiken, of men maakte ondoordringbare vlechtheggen. Dat soort vegetatie deed het op Texel niet goed, de bodem was en is er te zout. Ook hout om een raster te maken was er niet, op Texel is amper bos. In plaats daarvan stak men plaggen en stapelde die op elkaar tot een muurtje. Op kleigrond kon men steviger plaggen steken. Tuunwallen van kleiplaggen waren daarom traditioneel zo’n acht plaggenlagen hoog. Men stapelde tot men op een meter zat. De breedte onderaan had een vergelijkbare afmeting, het muurtje liep naar boven taps toe. Prikkeldraad, ruilverkaveling en de overstap op melkvee bedreigden de tuunwallen. Daarom zijn ze inmiddels beschermd, weghalen mag niet zomaar meer. - Foto: MissetPlaggen gestoken van zandgrond waren lang zo stevig niet. Muurtjes van zandplaggen werden hooguit een halve meter hoog. Om te voorkomen dat de schapen en lammeren eroverheen zouden klimmen, werden er bovenop alsnog stekelige duindoorntakken ingestoken. Toen boeren later de beschikking kregen over prikkeldraad, zetten ze dat bovenop de lage tuunwallen. Maar wat nog veel meer gebeurde, is dat de tuunwallen werden gesloopt en volledig werden vervangen door weidepalen en prikkeldraad. Dat scheelde in het onderhoud en ook koeien bleven erachter.Dit artikel is te lezen in Boerderij 42 van dinsdag 18 juli en is onderdeel van de rubriek Zo ging het toen.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









