‘Het kan: grootschalige akkerbouw in kleinschalig landschap’

Foto: Henk Riswick

Foto: Henk Riswick


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

Hoe combineer je topfitte akkerbouw met een kleinschalig en soortenrijk landschap? Dat kan prima door biodiversiteit als het vijfde gewas te beschouwen in combinatie met een redelijke vergoeding, aldus Peter Lerink.In mijn werkkring heb ik veel te maken met mensen met vernieuwingsdrang. Dankzij mensen van deze soort wonen wij niet meer in een hol, zoals dieren, die deze eigenschap ontberen. Vernieuwing in een natuurlijke omgeving, met natuurlijke processen, is extreem lastig. Alles houdt met alles verband. Ik denk daarbij wel eens aan het perceel zetmeelaardappels in Tweede Exloërmond, waar we in mijn tijd bij machineproducent Rumptstad een loofklapper testten. Trok je in één hoek aan één stengel, dan bewoog in de andere hoek, ver buiten ons gezichtsveld, een blaadje. Natuurlijk processen regelenDe situatie op de Oostvaardersplassen laat zien hoe goed wij in staat zijn om natuurlijke processen te regelen. Vooruitstrevende akkerbouwers weten hoe kleine aanpassingen aan een systeem in evenwicht grote gevolgen kunnen hebben. Denk daarbij aan akkerranden in relatie tot plaagdieren, zoals trips. ‘Bij vernieuwing in een natuurlijke omgeving moeten we voorzichtigheid betrachten en meer naarmate ons gezichtsveld beperkter is’Het omgekeerde is echter ook van toepassing. Daar waar we, op basis van data van slimme sensoren, denken te moeten ingrijpen, regelt de natuur zelf bij. Soms, althans. Kortom, bij vernieuwing in een natuurlijke omgeving moeten we voorzichtigheid betrachten en meer naarmate ons gezichtsveld beperkter is. In de praktijk is het nog wel eens andersom: individuen met een beperkt gezichtsveld stellen grote veranderingen voor en zijn vervolgens verongelijkt wanneer ze geen navolging vinden. De akkerbouwer wordt dan terughoudendheid verweten. Klimaatverandering en biodiversiteitEen bijzondere soort innovatie betreft aanpassingen die speciaal gericht zijn op een omgeving die aan sterke veranderingen onderhevig is. Het resultaat van die aanpassingen zou je ‘evolutie’ kunnen noemen. Zij die zich het beste weten aan te passen zijn duurzaam bezig, vrij naar Darwin. Twee onderwerpen steken met kop en schouders boven andere uit: klimaatverandering en afnemende soortenrijkdom of, met andere woorden, biodiversiteit. Ik beperk mij hier tot het tweede onderwerp, biodiversiteit. Laten we niet lang stilstaan bij wie debet is aan de afname van biodiversiteit, want dat zijn we allemaal. We moeten dus ook allemaal, als maatschappij, onze bijdrage leveren om het tij te keren, met middelen en/of daden. Waar het op daden aankomt liggen er opgaven en kansen voor alle terreinbeheerders in het buitengebied, onder wie akkerbouwers, om hun diensten aan te bieden. Zoals ik al aangaf is het vernieuwen van een bestaand systeem in evenwicht lastig. In de Hoeksche Waard is in het afgelopen decennium op pilotschaal gekozen voor het verweven van akkercultuur en -natuur. - Foto: Henk RiswickVerweven akkercultuur en -natuur in Hoeksche WaardDat hebben we in de Hoeksche Waard ook ondervonden. In de Hoeksche Waard is in het afgelopen decennium op pilotschaal gekozen voor het verweven van akkercultuur en -natuur, in lijn met de visie van het ministerie van LNV en anticiperend op ‘natuurinclusieve akkerbouw’. De stip op de horizon noemen we het Groenblauwe Akkernatuurnetwerk (GBANN). Het GBANN is een fijnmazig netwerk van sloten met bloemrijke, overwinterende akkerranden met een gezamenlijke breedte in de orde van 15 tot 20 meter. Het GBANN is geënt op het bestaande netwerk van sloten en grotere watergangen en sluit aan op boerenerven en op grofmazige landschapselementen zoals dijken en terreinen van tbo’s (terrein beherende organisaties). ‘Stelt u zich voor: een mooi, kleinschalig en soortenrijk boerenlandschap met cultuurakkers waar met precisietechnieken topakkerbouw wordt bedreven. Wie wil daar nou niet wonen, werken en recreëren?’Uiteraard is een speciaal beheer van toepassing, gericht op enerzijds het vergroten van de soortenrijkdom en anderzijds het voorkomen van plagen. De kracht van het GBANN schuilt in multifunctionaliteit: nectar voor insecten, voedsel-, schuil- en nestplekken voor akkerfauna, buffer tussen cultuurakker en oppervlakte water voor waterkwaliteit, accentuering van de kleinschaligheid van het landschap en afstemming op de ‘menselijke maat’, etcetera. Stelt u zich voor: een mooi, kleinschalig en soortenrijk boerenlandschap met cultuurakkers waar met precisietechnieken topakkerbouw wordt bedreven. Wie wil daar nou niet wonen, werken en recreëren? Biodiversiteit als vijfde gewasKortom, beschouw biodiversiteit als het vijfde gewas, zorg voor een redelijke vergoeding, sta beheer (dat wil zeggen: spuit en geweer) toe voor het realiseren van een nieuw, duurzaam evenwicht. Bovenal: houd het simpel, zodat een euro daar terechtkomt waar hij wat oplevert.

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Lees meer over


Snel delen


Sectornieuwsbrief Akkerbouw


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.