Europese biodieselfabrieken draaien op halve kracht

De Europese biodieselfabrieken hebben in 2008 minder dan vijftig procent van hun capaciteit benut. Dat blijkt uit cijfers van de European Biodiesel Board (EBB).De Europese biodieselfabrieken hadden in 2008 gezamenlijk een capaciteit van 16 miljoen ton. Er is echter slechts 7,7 miljoen ton biodiesel geproduceerd in 2008. Ondanks dat de capaciteit slechts voor de helft wordt benut, is de capaciteit in 2009 uitgebreid tot ruim 20 miljoen ton. In 2020 moet 10 procent van alle brandstoffen duurzaam zijn. Om aan die eis te voldoen moet nog veel gebeuren, waarschuwt de EBB. Er moet dan minimaal 30 tot 35 miljoen ton biodiesel geproduceerd worden.
In Nederland gaat het nog wat slechter dan in heel Europa. De Nederlandse biodieselfabrieken hadden in 2008 een capaciteit van 500 duizend ton, er werd 80.000 ton geproduceerd. Voor 2009 is de capaciteit wel verdubbeld, naar ruim een miljoen ton.
Duitsland is het land met de grootste capaciteit, 5,3 miljoen ton. In 2008 werd daar 2,8 miljoen ton biodiesel geproduceerd. Frankrijk benut wel vrijwel de gehele capaciteit, er kan ruim 1,9 miljoen ton biodiesel geproduceerd worden en in 2008 was dat 1,8 miljoen ton.
De reden voor de lage productie is de grote concurrentie van biodiesel uit de Verenigde Staten. Daar wordt een hoge subsidie verleend bij de productie van biobrandstoffen, waardoor de brandstoffen goedkoper op de markt worden gebracht dan de Europese brandstof. Om die concurrentie tegen te gaan heeft de Europese Unie half maart een importheffing ingesteld voor Amerikaanse biobrandstoffen. Ook in Argentinië wordt op dit moment goedkoop biodiesel geproduceerd. Ook dat kan een bedreiging zijn voor de Europese biodieselmarkt.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses








