Eerste kwekersrecht voor aardappel uit zaad

Foto: Bejo Zaden
Bejo kreeg kwekersrecht voor een aardappel uit zaad. Die lijkt minder geschikt voor Europa, maar op termijn kan het de pootgoedexport drukken.De aanhouder wint. Dat is van toepassing op Bejo Zaden die als eerste veredelingsbedrijf kwekersrecht kreeg in een westers land voor een aardappelras uit zaad. Het veredelingsbedrijf uit Warmenhuizen (Noord-Holland) werkte hier meer dan twintig jaar aan. Bejo kreeg dit jaar kwekersrecht in Nederland voor Oliver F1, een aardappelhybride die rechtstreeks uit zaad kan worden geteeld (TPS: True Potato Seed). De jonge planten worden in de kas opgekweekt en daarna uitgeplant. Oliver F1 kan dan in één seizoen tafelaardappelen produceren.Oliver F1 is een tetraploïd ras, zoals gangbaar bij aardappelen. Tetraploïd wil zeggen dat de chromosomen in vier paren voorkomen, waardoor de nakomelingen een grote verscheidenheid aan genen kunnen krijgen van de ouders. Terwijl de verwerkers en pakstations graag uniforme aardappelen willen. Diploïde aardappelen hebben dit nadeel niet, maar vallen nog tegen in opbrengst.‘Wij zijn erin geslaagd TPS-aardappelen te veredelen die veel uniformer zijn’Rien van Bruchem, cropmanager TPS bij Bejo, stelt dat een tetraploïd aardappelras dat uit zaad is vermeerderd, nooit de genetische uniformiteit heeft als klonaal vermeerderde aardappelen (via de knol). “Maar wij zijn erin geslaagd TPS-aardappelen te veredelen die veel uniformer zijn. Oliver F1 is uniform genoeg voor de afzetmarkten in Afrika, Zuidoost-Azië en Midden-Amerika. Bejo is ook bezig met diploïde aardappelen.”Bejo vroeg drie jaar geleden het kwekersrecht aan voor Oliver F1, zegt Van Bruchem. “Als groenteveredelaars kijken we anders naar de aardappelteelt. De aardappelhandelshuizen kweken hun rassen op uniformiteit en hectareopbrengsten. De afzetmarkten in Afrika, Azië en Zuid-Amerika hebben andere prioriteiten. Vaak zijn pootaardappelen daar onbetaalbaar, van slechte kwaliteit, of niet beschikbaar. Bejo gaat Oliver F1 positioneren op die afzetmarkten.”Cropmanager Rien van Bruchem van Bejo Zaden inspecteert een perceel Oliver F1-aardappelen. Het nieuwe ras is uit zaad opgekweekt en getest in Nederland. - Foto: Bejo ZadenTPS-aardappelen lijken minder geschikt voor de gematigde klimaatstreken op aarde. Van Bruchem: “Aardappelzaad kiemt in de buitenlucht nauwelijks in ons klimaat. De bodemtemperatuur is te laag. Je moet het zaad eerst zaaien in een kas en daarna de plantjes uitplanten. Het opkweken van aardappelplanten is te duur in Europa, vanwege het vele handwerk. Dat is in Afrika en Azië veel goedkoper.”Twee keer aanaardenBejo heeft Oliver F1 getest bij telers in Nederland. Daarbij zijn in de kas gekweekte plantjes later uitgeplant. De plant heeft tijd nodig om aan te slaan, zegt Van Bruchem. “Dat duurt vijf tot tien dagen. De plant vormt de knollen boven de plek waar het zaad zat. Je moet de rug twee keer aanaarden om voldoende omvang van de rug te krijgen.”Als de plant is aangeslagen, gaat het snel. Volgens Van Bruchem is de TPS-aardappel groeikrachtig. “De plant groeit ook lang door en blijft lang knollen zetten. Dat is niet altijd wenselijk, want je hebt meer uitval van te kleine knollen en de knollen zijn diverser in omvang. De opbrengst blijft dan ook achter bij wat Nederland gewend is. We halen 45 tot 55 ton per hectare. We onderzoeken of we de kieming sneller kunnen laten verlopen met priming (voorkiemen van zaad, red). Ook testen we gepileerd zaad om het fijne aardappelzaad geschikt te maken voor een gangbare zaaimachine.”‘TPS-aardappelen gaan op termijn een rol spelen in Afrika en Azië’Van Bruchem verwacht niet dat TPS-aardappelen de productie uit knollen gaat vervangen in Europa. “TPS-aardappelen gaan op termijn wel een rol spelen in Afrika en Azië. Dat kan gevolgen hebben voor de export van pootaardappelen naar die landen. Maar dat is nog ver weg. We hebben met Oliver F1 het kwekersrecht verkregen voor Nederland. Er loopt een aanvraag voor toekenning in de EU.”Van Bruchem is niet bang dat hoogwaardig aardappelzaad in andere landen wordt doorvermeerderd. “Hybride zaad is niet verder te vermeerderen en de knollen zijn minder kiemkrachtig.”GroentezadenBejo houdt zich bezig met de veredeling van groenten. Oliver F1 is het eerste aardappelras dat voortkomt uit het TPS-veredelingsprogramma van Bejo. Bij de ontwikkeling van Oliver F1 gebruikt Bejo de werkwijze zoals bij groentezaden. Daarbij worden homozygote ouderlijnen opgezet. Homozygoot wil zeggen dat door inteelt een vader- of moederlijn is ontwikkeld met een hoge genetische uniformiteit. Door deze te kruisen, ontstaan uniforme hybride (F1) nakomelingen die door het heterosis-effect beter zijn dan de beide ouders.Na decennia van veredelen is dit Bejo ook gelukt bij een tetraploïde aardappel, hoewel Oliver F1 niet 100% uniform is. Van Bruchem: “Veredeling via TPS gaat sneller dan via pootaardappelen. Bovendien kan Bejo na het vinden van een goede kruising heel snel een zaadproductie opzetten. Bij klonale aardappelrassen moet altijd eerst meerdere jaren worden vermeerderd, voordat commercieel pootgoed kan worden getest en geïntroduceerd.”Lees ook: ‘Aardappelen uit zaad weinig effect op pootgoedsector’Zaad hele jaar door leverenBejo ziet kansen in de aardappelmarkt voor TPS-aardappelen. Het veredelingsbedrijf verkoopt al groentezaden in Azië, Afrika en Zuid-Amerika. Aardappeltelers daar hebben behoefte aan goed uitgangsmateriaal, zegt Van Bruchem. “Dat is bij pootaardappelen lastiger dan bij aardappelzaad. Zaad is veel minder ziektegevoelig dan knollen. Je bereikt nieuwe afzetmarkten met je rassen, waar je nu alleen heen kunt met in-vitro-planten of miniknollen.Zaad kun je het hele jaar door leveren, zodat je ieder moment van het jaar ergens op de wereld een teelt kunt beginnen. De levering van pootgoed is seizoensgebonden; zaad kun je veel gemakkelijker en goedkoper bewaren en transporteren dan pootaardappelen. Voor één hectare aardappelen heb je 2.500 kilo pootgoed nodig. Bij zaad volstaat 60 gram.”Deze aardappel is uit zaad opgekweekt en geplant op een proefveld van kweekbedrijf Solynta op landbouwbedrijf 'Koninklijke Maatschap Wilhelminapolder', in Zeeland. - Foto: Anton DingemanseAanvraag kwekersrechtDe veredelingsbedrijven Bejo en Solynta hadden beide kwekersrecht aangevraagd voor een TPS-aardappel. De bedrijven zijn daar samen in opgetrokken, zegt Pim Lindhout, hoofd R&D bij Solynta. “We wilden dat er een procedure kwam om kwekersrecht aan te vragen voor een TPS-aardappel. Dat is Bejo gelukt. Solynta heeft daarop zijn aanvraag voor kwekersrecht weer ingetrokken, want die was alleen bedoeld om de procedure van de grond te krijgen. We zijn heel enthousiast dat het nu mogelijk is kwekersrecht te krijgen voor een TPS-aardappel.”Solynta zit op een ander spoor dan Bejo wat betreft de aardappelveredeling. Bejo wil een aardappel vermarkten die uit zaad is gekweekt, omdat je met zaad in bepaalde delen van de wereld gezonder uitgangsmateriaal hebt dan met knollen. Solynta ontwikkelt een compleet nieuw veredelingssysteem voor aardappelen, dat is gebaseerd op de hybride veredeling van diploïde aardappelen. Lindhout: “Daardoor kun je veel gerichter gewenste eigenschappen inkruisen. Zo kun je sneller nieuwe aardappelrassen ontwikkelen met een grote toegevoegde waarde. Daarnaast zien wij ook de voordelen van het kweken van aardappelen uit zaad in plaats van knollen, zoals beter uitgangsmateriaal en een efficiëntere logistiek.”Aardappelzaad kun je gemakkelijker en goedkoper bewaren en transporteren dan knollen. Voor één hectare heb je 2.500 kilo pootgoed nodig. Bij zaad volstaat 60 gram. - Foto's: Bejo ZadenAardappelen uit zaad zijn minder uniform dan aardappelen die uit pootgoed zijn geteeld. Daarom gelden voor TPS-aardappelen andere normen bij het verlenen van kwekersrecht."Discussie over TPS-aardappelenEen paar jaar geleden is er een discussie geweest in de aardappelveredeling over TPS-aardappelen, zegt directeur Gerard Backx van aardappelhandelshuis HZPC. “Binnen de European Seed Association (ESA) is besloten deze ontwikkeling niet tegen te houden. Klonaal vermeerderde aardappelen hebben een hoge mate van uniformiteit, die je met TPS niet haalt. Desondanks is gezegd dat TPS-rassen moeten kunnen worden toegelaten.”Backx is blij dat voor TPS-aardappelen een andere norm voor uniformiteit wordt gehanteerd. “Maar de vermarkting is lastiger vanwege de heterogeniteit. Je wil geen tafelaardappelen waar de kooktijd per pieper kan verschillen. Ik zie alleen afzetkansen op markten waar je nu niet met pootaardappelen heen kunt. HZPC heeft nog geen kwekersrecht aangevraagd voor TPS-aardappelen.”Bejo zit Agrico niet in het vaarwaterOok directeur Jan van Hoogen van handelshuis Agrico stelt dat aardappelen uit zaad iets is voor niet-westerse landen. “En je moet het zaad daar nog eens vermeerderen, om voldoende uitgangsmateriaal te krijgen. Bejo zit ons niet in het vaarwater. Oliver F1 past in hun pakket van groentezaden. De grote aardappelproducerende landen die veel pootgoed nodig hebben kiezen voor de grote pootgoedproducenten, om goedkoop, efficiënt en in grote volumes te kunnen inkopen. Dat geldt ook voor de fritesindustrie.”Nieuwe protocollen voor TPS-aardappelenVeredelingsbedrijf Bejo kreeg op 16 april 2017 kwekersrecht in Nederland voor het TPS-aardappelras Oliver F1. De Raad voor Plantenrassen heeft een nieuw protocol opgesteld voor aardappelen uit zaad (TPS: True Potato Seed), om kwekersrecht te kunnen verlenen. De bestaande protocollen gelden voor klonaal vermeerderde aardappelen (via knollen), zegt secretaris Kees Jan Groenewoud van de raad.“Een ras kan kwekersrecht krijgen als het voldoet aan de DUS-criteria, nieuw is en een geaccepteerde naam heeft. DUS staat voor Distinct (onderscheidend), Uniform en Stable (bestendig). TPS-aardappelen worden vermeerderd uit twee ouderlijnen en zijn over het algemeen minder uniform dan vegetatief vermeerderde aardappelen.”Afwijkende eigenschappenDe eis voor uniformiteit voor de TPS-hybride Oliver F1 wordt op een andere manier ingevuld, zegt Groenewoud. “Dat gebeurt niet op basis van afwijkende planten in het veld, maar op basis van individueel beoordeelde planten. Daarnaast is deze hybride aardappel niet beoordeeld op lichtkiemkenmerken, zoals wel gebeurt bij vegetatief vermeerderde aardappelen.”Door de afwijkende eigenschappen passen TPS-aardappelen niet in de bestaande protocollen voor het verlenen van kwekersrecht. Groenewoud: “Daarom hebben we een aangepast protocol opgesteld. Nederland loopt hierin voor op andere landen. We proberen via het Europees kwekersrechtbureau (CPVO) dit protocol ook in andere landen geaccepteerd te krijgen. De verwachting is dat er in de loop van 2017 meer duidelijkheid komt van het CPVO over hoe men daar aankijkt tegen ons nationale protocol voor TPS. Indien het CPVO de uitgangspunten die worden gehanteerd in het nationale protocol overneemt, dan kunnen TPS-aardappelen voor heel de EU kwekersrecht krijgen.”EU-rassenverkeerslijstOm in de handel te mogen worden gebracht, moet een ras op de EU-rassenverkeerslijst staan. Die lijst kent alleen vegetatief vermeerderde aardappelen en geen aardappelen uit zaad, zegt Groenewoud. “Hiervoor is een tijdelijke oplossing gevonden. Binnen de EU is een experiment gestart. Hierdoor kunnen naar verwachting vanaf 2018 aardappelzaad en daaruit geteelde knollen toch worden gecertificeerd en verhandeld binnen de EU, ondanks dat deze niet op de rassenverkeerslijst staan. Dat geldt voor toegelaten rassen en voor rassen die nog in onderzoek zijn voor opname op de rassenlijst.”
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









