Deense voedingsexport lijdt nauwelijks onder Brexit

Foto: Arla
Voor de Deense voedingsexporteurs, vanouds vooral actief in het Verenigd Koninkrijk met varkensvlees en zuivel, vallen de gevolgen van de Brexit nog wel mee, als we analisten van de Universiteit van Kopenhagen mogen geloven.De analisten gaan uit van twee scenario’s als uitkomst van de onderhandelingen tussen Brussel en Londen: een vrijhandelsakkoord of een handelsakkoord onder het geldende WTO-regime.Voor de Deense voedingsindustrie is Groot-Brittannië van oudsher een belangrijke buurmarkt. Het begon een dikke eeuw geleden met boter en bacon en nog steeds zijn dat de belangrijkste producten. Inmiddels wordt de hele Britse zuivelindustrie gedomineerd door een van oorsprong Deense onderneming: Arla. Ook slachterijconcern Danish Crown heeft met dochter Tulip UK aanzienlijke belangen op de Britse markt. Daarnaast heeft bijvoorbeeld bierbrouwer Carlsberg een stevige voet aan de grond in het Verenigd Koninkrijk (VK). Consequenties BrexitDe grote hamvraag is dus ook voor de Denen wat de Brexit voor consequenties zal hebben voor de onderlinge agrarische handel. Onderzoekers van de universiteit van Kopenhagen (KU) hebben het uitgezocht en de bevindingen neergelegd in een rapport.Dat de consequenties volgens de analisten negatief zijn, is niet verrassend. Ook is het zo dat de gevolgen van de Brexit voor de Britten zelf duidelijk negatiever zijn. De Deense voedingsexport naar het VK had in de jaren 2011-2013 een waarde van ruim € 1,6 miljard, waarvan – afhankelijk van het jaar – tussen de € 650 miljoen en € 770 miljoen varkensvlees. De zuivelexport had een waarde van rond de € 220 miljoen. De totale Deense ‘agrifood’-export bereikte in de genoemde periode een waarde van gemiddeld € 15 miljard. De Britse markt is dus wel van belang, maar dat belang is afgezet tegen het geheel relatief gering. Groot deel van verlies kan worden opgevangenDat neemt niet weg dat er problemen ontstaan voor met name de sectoren zuivel en vlees. Op de markt voor groente en fruit hebben de Denen op de Britse eilanden daarentegen, in tegenstelling tot Nederland, helemaal niets in te brengen. Maar los daarvan geloven de KU-analisten dat in ieder geval een groot deel van het te verwachten verlies kan worden opgevangen op andere markten, niet alleen in de EU, maar ook daarbuiten. En vooral naar landen waarmee de EU gunstige handelsovereenkomsten onderhoudt. Twee scenario‘sBovendien is het nog maar de vraag hoe de voorwaarden voor de uittreding van Groot-Brittannië uit de gemeenschappelijke Europese markt eruit komen te zien. Omdat daarover bij lange na nog geen duidelijkheid bestaat, daar de onderhandelingen tussen Brussel en Londen immers nog maar net begonnen zijn en naar verwachting pas over een jaar of drie kunnen zijn afgerond, gaan de analisten uit van ruwweg twee scenario’s. Dat wil zeggen een scenario waar een vrijhandelsakkoord uit de bus rolt en een scenario waar de onderlinge handel wordt onderworpen aan de geldende principes van de WTO. In het eerste geval levert de Deense voedingsexport naar het Verenigd Koninkrijk 48% in. In het WTO-model 79%. Het verlies voor de totale Deense voedingsexport wordt uiteindelijk becijferd op een bescheiden 0,29% in het vrijhandelsscenario en 0,43% in het WTO-scenario. Meevallende prognoseTegen de achtergrond van deze bevindingen is het rapport door het Deense landbouwministerie eerder met een zekere opluchting ontvangen dan met paniekerige ondergangskreten. Wat staat de Deense regering nu te doen? Niet achterover leunen in ieder geval, ondanks de meevallende prognose. Bewindsman Esben Lunde Larsen houdt het hierop: “De analyse laat zien hoe belangrijk het is dat we hard werken aan het in stand houden van goede handelsrelaties met onze partners in de EU en daarbuiten.”
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









