‘Consumptieteler draait voor kosten op’

Laatst bijgewerkt:
Foto: Penn Communicatie

Foto: Penn Communicatie


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

De kwaliteit van het pootgoed is de verantwoordelijkheid van de pootgoedhandelshuizen. De rassen zijn eerder voor de industrie dan voor de teler.Afgelopen weken had de NAK telersvergaderingen. Ook bij ons in de buurt. Hier werd onder andere besproken over de problematiek van de erwiniabacterie en hoe het onderzoek op deze bacterie gefinancierd moet worden. Zo'n onderzoek kost toch al snel €100 tot €200 per perceel. Is het de moeite waard om dit te onderzoeken en wie is er schuldig aan dat het erwinaprobleem steeds groter is geworden? Rol erwinia bij opkomstproblemenVele consumptietelers klagen de laatste jaren steen en been dat het pootgoed niet meer van die kwaliteit is als een decennium geleden. Opkomstproblemen van het pootgoed is meer regelmaat dan een incident. Vaak speelt erwinia hier een belangrijke rol in. Vaak wordt dit dan aan de pootgoedleverancier en handelshuis waar de poters vandaan komen gemeld. Consumptietelers worden hierin dan gecompenseerd in het pootgoed dat ze hebben ontvangen. Je praat vaak maar over €300 à €400 per hectare. Een schijntje van de werkelijke schade. De NAK pleit er daarom voor om het ook bij hen te melden, zodat ze alles goed in kaart kunnen brengen en hierop kunnen anticiperen.Met een hectare pootaardappelen wordt al snel 15 hectare uitgepoot. Als je een opbrengstderving van 10 ton per hectare consumptieaardappelen hebt, is de totale schade al snel 150 ton à 10 cent per kilo: €15.000. Met een onderzoek van pakweg €150 had je dit wellicht kunnen voorkomen. Als je het zo bekijkt, dan zouden eigenlijk alle risicorassen verplicht getoetst moeten worden, en dit voor alle klassen. Consumptieteler betaalt uiteindelijkTja en wie moet dit dan gaan betalen? Je kunt niet verwachten dat telers van rassen die geen risico vormen mee moeten gaan betalen voor deze extra onderzoeken. Dus de handelshuizen dan wel telers die deze rassen op de markt brengen, moeten in eerste instantie deze extra kwaliteitsborging betalen. Ze zullen wellicht deze extra kosten later weer doorberekenen op het pootgoed. Dus uiteindelijk betaalt de consumptieteler deze extra kosten. Maar waarom is dit erwinaprobleem zo fors toegenomen? De vermeerderingsbedrijven hebben de focus gelegd op aardappelen die uitermate geschikt zijn voor de verwerkende industrie (dunne schil, weinig suiker, voldoende grofte, enzovoorts). Ze hebben het belang van de verwerkende industrie boven het belang van de consumptieteler gelegd. Wij consumptietelers hebben graag een aardappel die makkelijk te telen en te bewaren is en een goede opbrengst heeft met weinig kwaliteitsproblemen. Mede door de koppelverkoop van aardappelcontracten en pootgoed worden alleen rassen gecontracteerd die de verwerkende industrie graag verwerkt. Hoe de teler het ervan afbrengt is voor hun een ondergeschikt belang (denk aan bewaarproblemen, kringerigheid, versuikeren, blauwgevoeligheid, opkomstproblemen). Ook het ontbreken van een recente rassenlijst waar alle aardappelen met elkaar vergeleken worden is een groot gemis. Hopelijk wordt er met de vruchten die deze avonden hebben voortgebracht wat gedaan en komt de hele sector er sterker uit.

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Lees meer over


Snel delen


Sectornieuwsbrief Akkerbouw


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.