CBb buigt zich over fosfaatrechtenstelsel

Foto: Ronald Hissink
Woensdag 26 september heeft het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) tijd uitgetrokken om zich een juridisch oordeel te vormen over de systematiek van het fosfaatrechtenstelsel. Door meerdere zaken tegelijk te behandelen, willen de rechters een compleet beeld krijgen van de problematiek van deze fosfaatwetgeving.Volgens advocaat Peter Goumans van Hekkelman Advocaten en Notarissen in Nijmegen, die twee veehouders bijstaat, zal het nog een juridisch lastige zaak worden. Zeker na de uitspraak van het CBb over het fosfaatreductieplan. Sinds 1 januari 2018 is het stelsel van kracht en mogen melkveehouders niet meer fosfaat produceren dan het aantal fosfaatrechten dat ze toebedeeld hebben gekregen. Het aantal fosfaatrechten is gebaseerd op het aantal dieren dat op 2 juli 2015 – de peildatum – op het bedrijf gehouden werd.Richtinggevende uitspraakIn een doorlopende zitting zal het CBb acht zaken behandelen waarin verschillende aspecten van het fosfaatrechtenstelsel onder de loep worden genomen. “Het moet uiteindelijk leiden tot een richtinggevende uitspraak over het fosfaatrechtenstelsel”, aldus de Nijmeegse advocaat.Als we niet oppassen, staan de boeren in deze eerste procedure nu al op achterstandGoumans vertegenwoordigt een aantal veehouders die volgens hem zwaar getroffen zijn door de peildatum van 2 juli 2015. Op die datum hadden ze hun veestapel om verklaarbare redenen niet op het gewenste niveau, aldus de advocaat. Daarnaast zullen ter zitting thema’s aan de orde komen zoals de berekening van de melkproductie, de nul-beschikking, fraude, varkensrechten, ontschotting en knelgevallen.Geen tijd voor een goede reactieVolgens advocaat Goumans was het ministerie in deze zaak veel te laat met het verweerschrift. Hierdoor hebben de advocaten in de acht te behandelen zaken geen tijd meer om adequaat te reageren. “Na de uitspraak op 21 augustus door het CBb over het fosfaatreductieplan heeft het ministerie in een verweerschrift opgenomen dat beoordeling op bedrijfsniveau moet worden doorgevoerd in het fosfaatrechtenstelsel. Dat verweerschrift van 78 pagina’s kwam pas op de allerlaatste dag en bevat niet eens een verdere motivering. Ik heb daardoor zelf geen deskundigen meer kunnen raadplegen.”Aanvullende informatieEen ander probleem in deze procedure is volgens Goumans dat de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl) naar aanleiding van de fosfaatreductie-uitspraak van het CBb besloten heeft melkveehouders om aanvullende informatie te gaan vragen, om op die manier een goede beslissing op bedrijfsniveau te kunnen nemen. “Bij de zaken die nu voor de rechter komen, is dat niet gebeurd, daar is mijns inziens dus sprake van ongelijke behandeling.”Toch wil Goumans geen uitstel, hij wil dat er snel duidelijkheid komt. “Ik opteer voor een schriftelijke tussenronde die ons in staat stelt zaken op orde te brengen en een gelijk speelveld te creëren voor alle veehouders.”Continuïteit in gevaarAdvocaat Marieke Toonders die namens Linssen cs Advocaten samen met collega Joost de Rooij ook twee melkveehouders ter zitting vertegenwoordigt, ziet nog een ander probleem opdoemen. “De eisen van LNV aan boeren zijn extreem streng. Veehouders moeten aantonen dat de fosfaatregeling hun bedrijfscontinuïteit in gevaar brengt en daarnaast ook nog bewijzen dat het gaat om een bijzondere omstandigheid, anders dan alle andere gevallen. Om moedeloos van te worden. Ik hoop dat het CBb uiteindelijk met een duidelijke en hanteerbare uitspraak komt.”
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









