Bruinrotbesmetting hakt er flink in

Foto: Mark Pasveer
De NVWA meldde in oktober 2018 een uitbraak van bruinrot in aardappelen. Er waren vier bedrijven besmet. Drie pootgoedtelers blikken terug op die hectische tijd.De maand oktober 2018 zit in de geheugens gegrift van vader Jen en zoon Bart Brooijmans. Ze waren net de laatste aardappelen aan het rooien toen de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (NVWA) belde met de mededeling dat er verdachte knollen waren gevonden bij de reguliere NAK-controle van de pootaardappelen.Akkerbouwers Jen (l) en Bart Brooijmans hoorden in oktober 2018 van de NVWA dat bruinrot was vastgesteld in een partij pootaardappelen. “We hebben alle zakelijke relaties gebeld, met lood in de schoenen. Maar de reacties waren hartverwarmend. Ze spraken allemaal hun vertrouwen uit.” - Foto: Peter RoekLater belde de fytosanitaire autoriteit met de mededeling dat er 50% kans was dat bruinrot zat in het Spunta-pootgoed. Het bedrijf van de akkerbouwers in Kuitaart in Zeeuws-Vlaanderen werd geblokkeerd en alle aardappelen op het bedrijf werden intensief bemonsterd en onderzocht. Bart: “Ik heb die nacht slecht geslapen. Ik maakte me vooral zorgen over de financiële gevolgen en of zakenrelaties nog wel met ons geassocieerd wilden worden. Dat laatste is gelukkig goed gegaan.”Vele zorgenDe akkerbouwers teelden 47 hectare pootgoed en 9 hectare consumptieaardappelen in 2018. Na de melding van de NVWA maakten ze zich naast de financiële schade vooral zorgen over drie zaken.Ik heb ze op een middag allemaal gebeld, met lood in de schoenenZe huren grond bij andere boeren om aardappelen te telen. Bart: “Ik heb ze op een middag allemaal gebeld, met lood in de schoenen. Maar de reacties waren hartverwarmend. Ze spraken allemaal hun vertrouwen uit. We kunnen gewoon weer grond bij ze huren. Onze andere zorg betrof de twee handelshuizen aan wie wij het pootgoed zouden leveren. Maar ook die blijven ons steunen. Terwijl zij vorig jaar zo’n 1.000 ton pootgoed van ons bedrijf moesten missen. Dat is een forse schade voor hen, waar zij zich niet tegen kunnen verzekeren. We leveren ons pootgoed dit jaar weer aan hen. Onze derde grote zorg betrof het sorteren van het pootgoed. We huren ieder jaar dezelfde mensen in via een uitzendbureau. Als er bij ons geen werk is, hebben ze in die periode geen inkomsten. Zouden zij in 2019 terug komen? Gelukkig hebben we werk voor ze gevonden tijdens het sorteerseizoen bij andere boeren. Ze komen dit jaar weer bij ons sorteren.”Aardappelopslag bestrijdenDe maatschap Brooijmans koopt ieder jaar S-klasse pootgoed aan en vermeerdert dat twee jaar, waarna het als klasse E wordt verkocht. Ze hadden Spunta-pootgoed gekocht van een stammenteler. Onderzoek van de NVWA wees uit dat de besmetting bij de maatschap Brooijmans alleen in het Spunta-pootgoed zat. Er was geen kruisbesmetting opgetreden.Op het perceel waar de besmette Spunta’s stonden mogen 5 jaar geen aardappelen worden geteeld, zegt Jen. “De eerste 3 jaar moeten we daar graan, mais of gras telen. Gedurende die 5 jaar moeten we verplicht aardappelopslag en zwarte nachtschade bestrijden. De NVWA controleert dat streng.”10% van de prijs afVan de 9 hectare consumptieaardappelen was de helft al afgeleverd toen de besmetting in het Spunta-pootgoed werd gesignaleerd. De andere consumptieaardappelen zijn gecontroleerd afgevoerd naar een verwerker, zegt Bart. “Maar er ging wel 10% van de prijs af. De verwerker moet in zo’n geval aan extra voorwaarden voldoen. Gelukkig bleef er nog steeds een goede prijs over.”De afvoer van de 47 hectare pootgoed was een heel ander verhaal. De akkerbouwers hadden 22 hectare behandeld met imazalil, een fungicide tegen bewaarziekten. Dat maakte dit pootgoed ongeschikt voor humane consumptie of veevoer. Deze aardappelen gingen naar de vergister zonder vergoeding. De andere 25 hectare pootgoed is voor een deel weg gegaan voor de verwerking. De rest is merendeels afgezet voor verwerking als vlokken of in de salade.Geluk bij een ongelukDat de besmetting in oktober werd geconstateerd is een geluk bij een ongeluk, zegt Bart. “We hadden nauwelijks bewaarkosten gemaakt en waren nog niet begonnen met sorteren. Als zo’n besmetting in februari opduikt, heb je veel meer kosten gemaakt. Bovendien hadden wij de hele winter de tijd om ons bedrijf volledig te ontsmetten en ons voor te bereiden op het nieuwe groeiseizoen.”De prijsvorming bij de andere gewassen was in 2018 gelukkig goedBart vindt het een voordeel dat het akkerbouwbedrijf ook zaai- en plantuien, peen, suikerbieten, wintertarwe en brouwgerst in het bouwplan heeft. “De prijsvorming bij de andere gewassen was in 2018 gelukkig goed. Dat heeft de schade bij de aardappelen voor een deel opgevangen.”Hectische tijdJen en Bart zijn blij dat ze deze hectische tijd achter zich kunnen laten. Een besmetting met bruinrot is zeer ingrijpend. De maatschap is verzekerd bij PotatoPol, de verzekering tegen schade door bruinrot, ringrot of PSTVd in aardappelen. Jen: “We zijn al verzekerd sinds de jaren negentig. Zo’n besmetting is een grote schadepost. We moesten helemaal opnieuw beginnen met het pootgoedbedrijf en we konden niet profiteren van de hoge prijzen in 2018.”Aanzienlijke schadeDe schade is aanzienlijk, beaamt Bart. “Maar dankzij de uitkering van PotatoPol konden we dit jaar weer inzaaien en onze gewassen verzorgen, zoals we gewend waren. We hebben ons verzekerd om een dergelijke calamiteit te overleven. We hebben als het ware een jaar overgeslagen. PotatoPol heeft de schade goed afgehandeld. Nadat de restwaarde van de aardappelen in februari was vastgesteld, hadden we binnen een paar dagen het geld op de rekening staan.”PotatoPol: aardappelverzekering zonder winstoogmerkVerzekeringsmaatschappij PotatoPol is in 1997 opgericht door LTO en de Nederlandse Akkerbouw Vakbond. Alle aardappeltelers kunnen lid worden. PotatoPol heeft geen winstoogmerk en is onderdeel van Bos Fruit Aardappelen Onderlinge Verzekeringen. In 2018 telde PotatoPol ruim 3.000 leden op een totaal van bijna 12.000 aardappeltelers. Het verzekerde areaal pootaardappelen (NAK en TBM), consumptie- en zetmeelaardappelen was toen ruim 100.000 hectare. Er stond dat jaar bijna 165.000 hectare aardappelen in Nederland. PotatoPol verzekert schade door een besmetting met de quarantaine-ziekten bruinrot, ringrot en PSTVd.Een medewerker van de keuringsdienst NAK verwijdert een stukje van een aardappel. Dit wordt gebruikt voor het onderzoek op bruinrot en ringrot en tevens voor het onderzoek in de nacontrole van het pootgoed. - Foto: Mark PasveerRichtlijnen om risico te verkleinenRingrot wordt veroorzaakt door de bacterie Clavibacter michiganensis subsp sepedonicus. De aardappelsector heeft ringrot goed onder controle. Nederland is sinds 2014 vrij van ringrot. Daarvoor waren er veel uitbraken. Daarom stelde de sector in 2012 het Hygiëneprotocol Ringrot op met richtlijnen om het risico op besmetting te verkleinen. Dat blijkt effectief: ringrot is al bijna 6 jaar niet meer gevonden.Beregenen met oppervlaktewaterBruinrot wordt veroorzaakt door de bacterie Ralstonia solanacearum. Die komt voor in oppervlaktewater. Daarom is beregenen met oppervlaktewater aan banden gelegd in door de NVWA aangewezen gebieden. Pootgoed mag nergens met oppervlaktewater worden beregend. Bruinrot komt incidenteel voor. De laatste bruinrotbesmetting dateert van oktober 2018. Het PSTVd-virus werd in 2014 en 2016 aangetroffen in kweekmateriaal voor aardappelen. Maar dat had verder geen gevolgen voor de aardappelsector als geheel.Alleen directe gewasschadeWanneer de NVWA aardappelen aanmerkt als ‘besmet’, betaalt PotatoPol een vergoeding op basis van het verzekerde bedrag, minus de eventuele restwaarde die de aardappelen hebben opgebracht bij verkoop. Ook het eigen risico gaat daar nog van af. De verzekering dekt alleen de directe gewasschade. Bedrijfsschade en extra kosten zoals ontsmetten van werktuigen en opslagruimtes worden niet vergoed. PotatoPol vergoedt ook schade als de NVWA aardappelen aanmerkt als ‘waarschijnlijk besmet’. Dit laatste geldt niet voor zetmeelaardappelen, want die kunnen met deze status normaal worden verwerkt. De LTO-werkgroep Pootaardappelen besteedt deze winter tijdens bijeenkomsten aandacht aan PotatoPol.Aan jezelf twijfelenDe maatschap Van der Spek in het Groningse Houwerzijl kreeg 25 oktober 2018 de definitieve bevestiging dat bruinrot was gevonden. Dat was in een partij PB-4 pootgoed, zegt Arie van der Spek. “Je begint eerst aan jezelf te twijfelen. Hoe kon dit gebeuren? We kopen nauwelijks pootgoed en telen alle stammen uit miniknollen. We zijn samen met de NVWA alle opties langs gegaan. We hebben de voorgeschiedenis van deze stam en de geschiedenis van alle percelen over een aantal jaren bekeken, maar niks kunnen vinden hoe de besmetting in die stam kon komen.”Pootgoedteler Arie van der Spek vraagt het zich nog steeds af. “Hoe kon dit gebeuren? We kopen nauwelijks pootgoed en telen alle stammen uit miniknollen. We zijn samen met de NVWA alle opties langs gegaan, maar hebben niks kunnen vinden hoe de besmetting in die stam kon komen.” - Foto: Mark PasveerOorzaak niet te achterhalenOok een overstroming met oppervlaktewater kan niet de oorzaak zijn, zegt Arie. “Onze percelen liggen in een hoger gebied. Dat overstroomt niet, ook niet na een stortbui. Misschien was de bruinrotbacterie via water in de drainbuizen omhoog gekomen. Het was in 2018 immers erg droog en de aardappelen moesten het water van diep weghalen. We beregenen namelijk al sinds 1995 niet meer. Maar deskundigen bestempelden deze mogelijkheid als zeer onwaarschijnlijk. We weten de oorzaak niet. Dat is best frustrerend.”Geen kruisbesmettingenDe maatschap bestaat uit de broers Arie en Marco van der Spek, met hun echtgenotes en zoon Klarens. Ze verbouwen pootaardappelen, graszaad, bieten en sinds dit jaar uien. Ze teelden 73 hectare pootgoed in 2018, waarvan 62 hectare stammenteelt. Alle aardappelen zijn in dat jaar intensief onderzocht, maar er zijn geen kruisbesmettingen gevonden.We hebben zelf aan onze omgeving verteld dat we bruinrot hadden. Daar kun je het beste open over zijnDe NVWA heeft alle protocollen van het bedrijf doorgelicht, zegt Arie. “We moesten alle sorteeropdrachten overleggen en aangeven welke volgorde van poten, spuiten en rooien we hadden gevolgd. We hebben zelf aan onze omgeving verteld dat we bruinrot hadden. Daar kun je het beste open over zijn.”Niks afgeleverdDe maatschap had gelukkig nog geen pootgoed afgeleverd, zegt Arie. “De besmette partij is vernietigd. De rest van het pootgoed is weggegaan als consumptieaardappel, als zetmeelaardappel of naar de vergister. Gemiddeld hadden we nog € 2.000 tot € 2.500 per hectare aan restwaarde. Dit wordt afgetrokken van de uitkering van PotatoPol. We telen geen consumptieaardappelen. We hebben wel concessies moeten doen aan de klassen pootgoed die we dit voorjaar konden krijgen. Wat dat betreft is 2019 voor ons een overgangsjaar.”Bloemenranden aanleggenNa de bruinrotbesmetting hebben de pootgoedtelers extra de puntjes op de i gezet, zegt Arie. “We gaan bijvoorbeeld in 2020 bloemenranden van 3 meter breed aanleggen via een project van het waterschap om afspoeling te voorkomen. Maar we willen niet de bagger uit de sloot op het land. Die kan ook niet op de bloemenrand. Dus houden we een halve meter brede strook aan tussen de bloemenrand en de sloot voor de bagger.”VerzekeringHet bedrijf is sinds het begin van PotatoPol in 1997 verzekerd, zegt Arie. “Zonder verzekering waren we in een diep gat gevallen. Dankzij de uitkering bleven de inkomsten uit het pootgoed redelijk op peil. Onze schade bestaat er uit dat we in het voorjaar van 2019 nieuw pootgoed moesten kopen voor zo’n € 200.000. Zo’n 80% van onze omzet in het akkerbouwbedrijf komt uit het pootgoed. Als je zo gespecialiseerd bent in de pootgoedteelt, kun je niet zonder verzekering. Anders is het risico te groot.”Nieuw pootgoed uit DenemarkenVoor de schuur van akkerbouwer Gertjan Nobel in het Noord-Hollandse Lutjewinkel staat een vrachtwagen. De eerste pallets met pootaardappelen staan er in. Het is voor het eerst sinds de vondst van bruinrot in oktober 2018 dat Gertjan weer pootgoed kan afleveren. De bruinrot is in 2018 met aangekocht Spunta-pootgoed meegekomen.Akkerbouwer Gertjan Nobel kreeg in 2018 bruinrot via een aangekochte partij Spunta-pootgoed. Hij kocht afgelopen voorjaar allemaal nieuw pootgoed in Denemarken. “We kunnen nu weer pootgoed afleveren. Dat hebben we lang moeten missen.” - Foto: Mark PasveerGertjan heeft dit voorjaar allemaal nieuw pootgoed gekocht in Denemarken. “We kunnen weer pootgoed afleveren. Dat hebben we lang moeten missen.”Pool van AgroplantGertjan heeft een akkerbouwbedrijf met pootaardappelen, graszaad, suikerbieten, tarwe en uien. In 2018 verbouwde hij 40 hectare Spunta-pootgoed. “Ik was altijd een vrije Spunta-teler. Dit jaar heb ik echter een deel van het pootgoed in de pool van Agroplant gedaan. Dit handelsbedrijf heeft afgelopen voorjaar gezorgd dat ik voldoende pootgoed uit Denemarken kon krijgen. Ook kan ik de rekening voor het aangekochte pootgoed verrekenen met de levering van de nieuwe oogst. Daarom verkoop ik een deel via de pool. Geweldig dat Agroplant dit zo voor mij heeft geregeld.”Nog meer meevallersGertjan noemt nog een meevaller. “Ik heb al mijn 40 hectare pootgoed van oogst 2018 aan een fritesfabrikant kunnen verkopen. Er was veel vraag naar fritesaardappelen. Omdat ik een grote partij van 1.800 ton kon leveren was het voor de fritesfabrikant aantrekkelijk om het bakproces aan te passen aan de Spunta-aardappelen. Een andere meevaller was dat de uien ook een goede prijs opbrachten.”Enorme schadepostDe meevallers waren broodnodig, want de vondst van bruinrot was een enorme schadepost. “Op de vrije markt bracht het Spunta-pootgoed ruim € 50 per 100 kilo op. Ik heb mijn aardappelen verkocht voor € 25. Het hele bedrijf is gereinigd en ontsmet. En ik heb allemaal nieuw pootgoed moeten kopen in Denemarken. Al met al heeft bruinrot een schadepost opgeleverd van € 700.000. Ik moest wel even slikken toen ik dat had uitgerekend.”Aardappelvrije zoneDe NVWA meldt in de Fytosanitaire Signaleringen 2017 dat het Groningse riviertje het Reitdiep besmet is met de bruinrotbacterie. Tijdens een zomerstorm in juli 2015 is zeer waarschijnlijk besmet water op pootgoedpercelen gewaaid. Gertjan vindt dat dat moet worden voorkomen. “Ik denk dat het beter is om langs besmet oppervlaktewater een aardappelvrije zone aan te houden. Zo voorkom je dat andere aardappeltelers flinke schade oplopen. Want zo’n bruinrotbesmetting, dat hakt er flink in. En het is slecht voor het imago van het Nederlandse pootgoed.”
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









