AlgemeenNieuws

Brabant: geurmodel veehouderij onbetrouwbaar

Den Bosch – Gedeputeerde Staten (GS) van provincie Noord-Brabant twijfelen sterk aan het VStacks-model, het wettelijk voorgeschreven model om geuroverlast van veehouderijen te berekenen. Onderzoek door het ingenieurs- en adviesbureau Witteveen+Bos laat zien dat die twijfel terecht is.

Daarom dringt de provincie er bij staatssecretaris Wilma Mansveld (Infrastructuur en Milieu) op aan om snel een gedegen onderzoek te doen naar het VStacks-model. Dat werd duidelijk tijdens een persconferentie in het provinciehuis.

Omdat de provincie grote twijfels had bij de betrouwbaarheid van de uitkomsten van de  berekeningen van de geuroverlast heeft ingenieurs- en adviesbureau Witteveen+Bos, in opdracht van Noord Brabant onderzoek gedaan. Uit de rapport van het adviesbureau bleek het vermoeden van de provincie te kloppen. De geurberekeningen op basis van VStacks wijken zowel naar boven als naar beneden aanzienlijk – tientallen tot honderden procenten – af van de werkelijkheid, stelt het adviesbureau. GS constateert daarom dat gemeenten vergunningaanvragen van veehouderijen eigenlijk niet goed kunnen beoordelen omdat er op dit moment geen betrouwbaar instrument omdat te meten.

De gevolgen van de ondeugdelijkheid van VStacks kunnen zowel voor veehouderijen als voor omwonenden nadelige gevolgen opleveren. Bij een onderschatting van de gevolgen van geuroverlast kan een vergunning worden afgegeven die voor omwonenden meer hinder oplevert dan verwacht en wenselijk geacht, aldus de provincie. Maar ook kan de situatie optreden dat bij het overschatten van de geurhinder een vergunning geweigerd wordt afgegeven, terwijl die in de praktijk wel acceptabel zou zijn (geweest). Vanwege het ontbreken van een deugdelijke onderbouwing van de berekeningen is het niet denkbeeldig dat tegen de meeste beslissingen op basis van VStacks door belanghebbenden of actiegroepen beroep zal worden aangetekend.

Op 16 april heeft GS van Noord-Brabant Mansveld op de hoogte gebracht van het onderzoek. In deze brief stelt GS: “Wij maken ons hierover ernstige zorgen, temeer omdat wij recentelijk de gemeenten in onze provincie hebben opgeroepen om in het kader van de transitie naar een duurzame veehouderij voortvarend aan de slag te gaan met het vaststellen van urgentiegebieden. Als een betrouwbaar instrument ontbreekt om de te verwachten mate van geurhinder te beoordelen, wordt dat een uiterst moeilijke, zo niet onmogelijke opgave.”

GS wil dat Mansveld snel duidelijkheid geeft over de rechtspositionele gevolgen voor bestaande en nieuwe vergunningen en ruimtelijke ordeningsbesluiten en snel te zorgen voor een korte termijn oplossing. Verder verwachten de provincie dat het Rijk gemeenten gaat ondersteunen in de periode tot er een definitieve oplossing is. In de ogen van GS is voor de lange termijn een wetenschappelijke evaluatie van de geurhindersystematiek nodig en een aanpassing van het rekenmodel.