‘Boer centraal bij duurzaamheid’

Foto: Peter Roek
Akkerbouwer verdient centrale rol in ontwikkelen duurzame bedrijfsvoering.De afgelopen tijd zijn weer een enkele nota’s en visies verschenen die van belang zijn voor de akkerbouw. Ik doel op de tussenevaluatie van de nota Duurzame gewasbescherming, visie op kringlooplandbouw en Deltaplan biodiversiteitsherstel. In deze nota’s kun je lezen dat de komende jaren veel moet veranderen op het boerenbedrijf. Maar wat opvalt, is dat het steeds gaat om de invulling van een specifiek thema en dat plannen worden gesmeed om aan dit specifieke thema te werken. Met andere woorden het thema wordt centraal gezet en niet de praktische context van het agrarische bedrijf, waar alle veranderingen moeten plaatsvinden. Werken vanuit perspectief agrarisch ondernemerDe noodzaak om de komende jaren de bedrijfsvoering aan te passen en te werken aan een verdere verduurzaming van de landbouw wordt denk ik wel breed gedeeld in de sector. Maar ik kan me ook goed voorstellen dat individuele akkerbouwers moeite hebben om door de bomen het bos nog te zien, waar moet ik beginnen en wanneer is het goed. Als ondernemer heb je te maken met alle genoemde thema’s en is het een uitdaging om die te integreren in de bedrijfsvoering voor de toekomst, ook in economische zin. Want de gevraagde veranderingen zijn alleen haalbaar binnen economische randvoorwaarden, en dat inzicht groeit gelukkig bij beleidsmakers en ngo’s. Regionale projecten laten goede resultaten zienWe moeten de aanpak volgens mij omdraaien: niet vanuit het thema werken, maar vanuit het perspectief van de agrarisch ondernemer. Akkerbouwers hebben immers te maken met alle thema’s. En die overlappen elkaar deels, maar kunnen soms ook met elkaar conflicteren. Dus samenwerken met groepen ondernemers die hiertoe gemotiveerd zijn en met bedrijven uit de ketens waarin de akkerbouwers actief zijn. Verschillen tussen bedrijven en ketens worden dan duidelijk en worden integraal meegenomen, dit kan helpen om andere bedrijven in vergelijkbare omstandigheden en ketenpartijen mee te krijgen. Invulling nieuw beleid met zogenoemde praktijknetwerkenEr is veel ‘bewijs’ dat aantoont dat deze aanpak werkt. Als voorbeeld, een van de conclusies die tijdens de presentatie van de tussenevaluatie van de nota duurzame gewasbescherming werd getrokken, is dat regionale projecten goede resultaten laten zien. Projecten waarin direct met ondernemers wordt samengewerkt en waarin de gezamenlijke zoektocht goed wordt gefaciliteerd. Dat is ook mijn eigen ervaring, opgedaan in diverse projecten over de laatste 30 jaar. In die zin is het hoopvol dat in beleidskringen ‘praktijknetwerken’ worden genoemd als instrument om te werken aan de invulling van nieuw beleid. Op zich biedt het POP-programma hiervoor goede mogelijkheden, onder meer via het spoor ‘Samenwerking voor innovatie’. Maar het huidige programma loopt binnenkort af en er dreigt een gat te vallen naar het nieuwe programma. Dan moeten andere fondsen beschikbaar gesteld worden om deze periode te overbruggen. En dan, tot slot, in veel huidige subsidieprogramma is nauwelijks ruimte om de inzet van de agrarisch ondernemer te waarderen. Ik pleit ervoor dat dit wel mogelijk wordt voor ondernemers die mede de kar trekken voor het ontwikkelen van een duurzame bedrijfsvoering van de toekomst.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









