Akkerbouwer werkt vasthoudend aan betere grond

Foto: Peter Roek
Akkerbouwbedrijf Nieuw Campen werkt aan de vruchtbaarheid van de grond. Op de kortere termijn via diepe grondbewerking en toevoegingen, op de lange termijn via toevoeging van organisch materiaal.Afgelopen najaar bij het aardappelen rooien kon Michael Schippers van akkerbouwcombinatie Nieuw Campen in het Zeeuwse Kamperland precies zien waar wél Calcifert was gestrooid en waar niet. In overleg met coöperatie CZAV was op het bedrijf een praktijkproef met het calciumproduct aangelegd.“Ik wist niet waar het wel en niet was gestrooid. Maar op de rooier zag ik tot op de streep waar het wel of niet lag. Op een onbehandeld stuk van het perceel kreeg ik ineens veel meer kluiten over de rooier in de kipper. Van het ene op het andere moment wil de de grond niet meer zeven. Percelen verschillen sterk. Er zitten erbij met moeilijke grond. Wat we hier gezien hebben, is dat een investering van pakweg € 80 per hectare maakt dat de grond een stuk zeefbaarder wordt. Zo blijft veel meer op het land achter in plaats van dat je het als kluiten in de schuur krijgt. Sowieso wordt de bewerkbaarheid van de gekorrelde kalkmeststof beter.”
Artikel gaat verder onder de interactieve foto. Beweeg over de iconen voor meer info en foto‘sFoto‘s: Peter RoekKwaliteit grond niet beschouwd als vast gegevenSchippers en zijn vennoten van Nieuw Campen beschouwen de kwaliteit van hun grond niet als vast gegeven. Waar ze denken te kunnen verbeteren doen ze dat; door toevoeging van organisch materiaal en bodemverbeteraars, maar zo nodig ook door percelen op de kop te zetten. Aan de andere kant proberen ze zo goed mogelijk om te gaan met de grond door bijvoorbeeld niet-kerende grondbewerking en de keuze tussen ploeg en spitmachine, afhankelijk van wat het beste lijkt.Dat bodemverbetering in de regel een kwestie is van lange adem, illustreert Schippers aan de hand van een perceel in de Rippolder aan de noordkant van Noord-Beveland. In 1974 liet zijn vader er een perceel diepploegen om van een storende laag in de ondergrond af te komen. Voor de bewerking had het perceel in de bouwvoor een percentage organische stof van 1,0%. Nu, bijna 45 jaar later, ligt het percentage op 1,2%. In de tussenliggende periode is het stro altijd ondergeploegd, is er kippenmest opgereden, later geitenmest, later champost, toen champost én geitenmest.Michael Schippers toont de structuur van champignonmest (champost).Percentage organische stof verhogen moeilijk“Het blijkt ontzettend moeilijk het percentage organische stof omhoog te krijgen”, vat Schippers samen. “Maar of ze bij de bepaling van organischestofgehalte alles mee meten, weet ik niet. We zien in ieder geval de gewasresten goed zitten in die grond. Ik word hier niet moedeloos van of zo. Na het diepploegen in 1974 was het bijna strand. Ondertussen is die grond echt wel beter geworden. In de cijfers zie je het niet echt, maar het komt uiteindelijk terug. In bewerkbaarheid en volume zien we het beter worden. Je moet het op de lange termijn zien; je moet vanaf het moment dat je zo’n perceel aanpakt feitelijk een nieuwe bouwvoor gaan maken.”Erg verdrogend perceel aanpakkenDit jaar gaat de maatschap een erg verdrogend perceel van 11 hectare aanpakken. Met begeleiding van Delphy zijn er vorig jaar met de kraan 4 gaten gegraven om te zien wat de oorzaak van de verdroging is. Wat bleek is dat op een diepte van ongeveer 0,5 meter een laagje van 10 à 15 centimeter erg grof zand zit. Dat laagje bemoeilijkt de capillaire opstijging van water in droge periodes.Bovendien zit het een diepe beworteling in de weg. “De wortels komen er niet door. Wat we nu gaan doen is de grond 70 centimeter diep laten spitten. We heffen het storende laagje op om zo aansluiting met de fijnzandige ondergrond met zoetwater te krijgen. Daarvoor is spitten nodig. Met een woelpoot los je dit niet op.” Het betreffende perceel bevat nu 26% afslibbaar en 1,2% organische stof. “Wat het organischestofgehalte wordt is afwachten. Dat weet je pas achteraf. Het zou kunnen halveren. Dat gebeurde bij een eerder perceel.“
Het diepspitten kost € 160 per uur en komt bij 80 centimeter diep op zo’n € 1.200 per hectare.De grond goed krijgen is één ding, erop passen een ander. John Deere 6930 met zaaibedcombi: achter dubbellucht met bandenspanning op 0,4 bar.Niet beregenenOrganische stof is op Nieuw Campen belangrijk voor de vochthoudendheid. Er kan niet worden beregend, dus gewassen moeten het behalve van de capillaire opstijging van water, hebben van het vermogen vocht vast te houden. Al het stro van het bedrijf wordt gehakseld en ondergewerkt, afgezien van een beetje voor de paarden.Graszaadhooi wordt geperst, maar daar zorgt de stoppel voor extra organisch materiaal. Het aardappelland krijgt 60 ton champost per hectare. Op de luzernestoppel gaat Fertex – de dikke fractie van varkensmest – voor de goede vertering. “In de stikstofbolletjes zit niet genoeg. Bovendien krijg je voor Fertex goed geld toe als je het in de winter kunt ontvangen; het is redelijk stapelbaar.” In de voorvrucht voor bieten (tarwe of graszaad) komt varkens- en rundveemest.Luzerne en ingedikte varkensmest. prijstechnisch een interessant product als je het in het najaar of de winter kunt ontvangen.GrondverbetermiddelenVerder maakt Nieuw Campen graag gebruik van grondverbetermiddelen zoals Calcifert voor de verbetering van de structuur en van PRP-sol en Neosol ter stimulering van de biologische activiteit in de bodem.“Een aantal van onze percelen is slempgevoelig, we horen goede verhalen over deze middelen. Maar om het zeker te weten, leggen we praktijkproeven aan op ons bedrijf, in stroken van 21 meter. Keihard bewijs is het misschien niet, maar van de strook behandeld met PRP-sol kwam per hectare bijna 6 ton aardappelen meer dan van de onbehandelde stroken. Bij aardappelen van 12 cent is dat € 600 per hectare extra. De kosten in het eerste jaar lagen op € 110 per hectare. Later voor onderhoud strooi je een derde van de eerste gift. Het werkt via het bodemleven. Ik merk het ook doordat de trekkracht bij ploegen vermindert.”Staafdiagram praktijkproef Kamperland 2013-2015. Steeds de eerste staafjes zijn van 2013 in de aardappelen. Meeste meeropbrengst in 2015 is in graszaad.Goed bodemleven met verse organische stofVolgens CZAV/Cropsolutions, dat op Nieuw Campen de praktijkproeven met bodemverbetermiddelen begeleidt, kan het stimuleren van de gunstige schimmels en bacteriën in een bodem binnen enkele jaren grote effecten laten zien op de natuurlijke bodemvruchtbaarheid. Een goed bodemleven is een van de 3 pijlers van een goede bodemkwaliteit (naast fysische en chemische bodemvruchtbaarheid). Een goed bodemleven:bepaalt in belangrijke mate de bodemstructuur;is belangrijk voor een voldoende ziekteweerbaarheid van een grond;levert grote bijdrage aan de beschikbaarheid van voedingsstoffen, waterhuishouding en bewerkbaarheid van de bodem;wordt onder meer gevoed door beperkt beschikbare verse organische stof;kan door extreme (weers)omstandigheden ernstig worden beschadigd;stimuleert een snelle omzetting van organische stof naar stabiel humus.Als belangrijkste maatregel wordt genoemd de aanvoer van voldoende verse organische stof met mest, groenbemesters en gewasresten. Als eventuele aanvullende maatregelen noemt CZAV toevoeging van bodembacteriën en voeding voor bodembacteriën
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









