Akkerbouwer kan vogels een handje helpen

Foto:
Vogels zitten in de knel. Akkerbouwers kunnen ze helpen met beschutting en voedsel. Of juist door even niets te doen op het land.Weidevogelbeheer is al lang een bekende term, akkervogelbeheer is relatief nieuw. Ook in akkerbouwgebieden zitten vogels in de knel. Boeren kunnen ze een handje helpen. De patrijs, veldleeuwerik, zomertortel, grauwe kiekendief en de velduil zijn voorbeelden van kwetsbare akkervogels in Nederland. De grauwe gors en ortolaan zijn in de jaren negentig zelfs uitgestorven als broedvogel. De blauwe kiekendief (op de foto een jong exemplaar) is een roofvogelsoort die leeft in open gebieden. Het aantal broedparen is sinds 1993 sterk gedaald. De soort is inmiddels zeer schaars geworden. - Foto: Jules BosSchaalvergroting en intensiveringHet aantal akkervogels loopt onder meer terug door efficiëntieslagen in de landbouw. Vogels hebben een veilige nestplek, beschutting en voedsel nodig. Intensivering, schaalvergroting en de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen in de landbouw maken het steeds moeilijker om in die basisbehoeftes te voorzien. Het gevolg is dat diverse soorten vogels sinds de jaren zeventig drastisch in aantal teruglopen. Vogelbescherming Nederland vraagt in de landbouw aandacht voor dit probleem met factsheets akkervogels en akkervogelbeheer. Hierin wordt een aantal bedreigde vogelsoorten voorgesteld en maatregelen uitgelegd om het ze beter naar de zin te maken. Lees ook: Boerenlandvogels hebben het moeilijkFinanciële tegemoetkomingWaarom zou een akkerbouwer die maatregelen ter harte nemen? Jules Bos, programmamanager Akkervogels bij Vogelbescherming: “Omdat ook een akkerbouwer geniet van een zingende veldleeuwerik of een klucht patrijzen. Wij merken dat er bij akkerbouwers best bereidheid is om akkervogels te helpen.”Extra stimulans is de financiële tegemoetkoming die een akkerbouwer kan ontvangen, mits hij is aangesloten bij een van de vele agrarische natuurverenigingen die Nederland telt en de grond begrensd is in een provinciaal natuurbeheerplan. Voor maatregelen geldt een bijdrage van ongeveer € 2.000 per hectare.Meerjarige akkerrand: buffer
Een akkerrand wordt ingezaaid met een mengsel van grassen, kruiden en granen. - Foto: Jules BosMaatregel: een meerjarige akkerrand is een strook waarin een mengsel van grassen, kruiden en granen wordt ingezaaid. Brede, meerjarige randen hebben de voorkeur boven smalle, eenjarige randen. Want: minder bodemverstoring en een grotere bufferwerking. Voordeel vogels: vogelsoorten als de grasmus, patrijs en veldleeuwerik vinden een geschikte nestplaats, voedsel en beschutting in de akkerrand. Voordeel boer: natuurlijke vijanden van plaaginsecten hebben ook baat bij akkerranden. Kevers, sluipwespen en spinnen bijvoorbeeld. De omgeving waardeert akkerranden. Ze moeten worden gezaaid op zonovergoten plekken met weinig wortelonkruiden en niet langs wegen of op natte plekken. Maaien mag alleen buiten het broedseizoen – voor 1 april en na 1 augustus – en in fases.Wintervoedselveldje: bron van zaden
Op een wintervoedselveldje blijven granen en andere zaaddragende planten tot ver in de winter staan. - Foto: Jules BosMaatregel: een wintervoedselveldje is een perceel of strook van zeker 1 hectare waar granen of andere zaaddragende planten, zoals bladrammenas, niet worden geoogst of ondergeploegd. Ze blijven tot ver in de winter staan. De beste plek is een zonnige locatie in de buurt van struiken, houtwallen of boomgroepen. Een bekende plek met wintervoedselveldjes is het Zuid-Limburgse hamsterreservaat. Voordeel vogels: door het gebruik van herbiciden is het aanbod onkruidzaden in het landelijk gebied sterk afgenomen. Wintervoedselveldjes bieden ’s winters een rijke zadenbron. Vogels komen er in grote aantallen op af, zowel zaadeters als roofvogels. Een wintervoedselveldje biedt de vogels ook dekking. Voordeel boer: geen direct voordeel. Misschien een breder draagvlak in zijn omgeving.Vogelakker: veilig nestelen en eten
Een vogelakker is een volveldse, meerjarige maatregel. Vogels die graag middenin percelen verbijven, profiteren hiervan. - Foto: Jules BosMaatregel: een vogelakker is een meerjarige volveldse maatregel. De vogelakker van zeker 2 hectare bestaat voor 75% uit stroken groenvoedergewas zoals rode klaver (zandgrond) of luzerne (klei) en voor 25% uit natuurbraak die is ingezaaid met een mengsel van grassen, granen en kruiden. De stroken groenvoer worden 3 à 4 keer gemaaid. De opbrengst kan worden afgezet in de veehouderij. Voordeel vogels: Vogelakkers bieden veldleeuweriken een nestplaats en muizenetende vogels en uilen het hele jaar een rijke dis. Voordeel boer: De vogelakker is te zien als rustgewas. De luzerne en klaver hebben een positief effect op bodemstructuur en -vruchtbaarheid. Er wordt bovendien nuttig product geoogst. Bij het maaien moet rekening worden gehouden met de broedcyclus van de leeuwerik.Overwinterende graanstoppels: nieuwe kans
Het laten overwinteren van graanstoppels is een eenvoudige en goedkope maatregel, mits de grondsoort het toelaat. - Foto: Jules BosMaatregel: graanstoppels blijven na de oogst staan tot minimaal 15 maart. In onbespoten graanstoppels kan zich nog een onkruidvegetatie ontwikkelen die deels tot bloei en zaadzetting kan komen. Deze graanstoppels bieden dan dekking en voedsel aan akkervogels. Graanstoppels komen in het agrarisch cultuurlandschap nauwelijks meer voor en hebben dus direct toegevoegde waarde. Het tijdens één herfst en winter tolereren van onkruiden in stoppels heeft vermoedelijk weinig gevolgen voor de onkruiddruk in het volggewas. Voordeel vogels: zaadeters als veldleeuwerik, patrijs, geelgors en kneu profiteren van ervan, alsook torenvalk en uilen. Voordeel boer: Geen direct voordeel. Het laten overwinteren van graanstoppels is een relatief goedkope maatregel. De grond blijft gewoon in productiecyclus.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









