Aardpeer voor veevoer en zoetstof

Foto: Misset
De afbeelding dateert uit 1942. Het gaat om het gewas links op de achtergrond dat hoger reikt dan de dame op het paard. Het betreft topinamboer, ook bekend als aardpeer.Een merkwaardige naam, want het gewas is familie van de zonnebloem. Het wordt zo’n drie meter hoog en produceert behalve een enorme hoeveelheid loof ook grillig gevormde knollen. Ze bevatten veel inuline, waardoor diabetici er baat bij zouden hebben. Ook werd de zoetstoffenproductie als mogelijkheid onderzocht. Vroeger werd het her en der ook wel geteeld als veevoer. Het was goed bestand tegen droogte en zeer winterhard. Het vee was er overigens niet dol op. De smakelijkheid van de knollen was ‘matig’, die van het houterige loof werd ronduit als ‘slecht’ omschreven. Er waren boeren die de taaie stengels gebruikten als aanmaakhout voor de kachel. Foto: MissetBoeren kwamen er nooit meer vanafAardpeer heeft sterk de neiging tot woekeren. Het kleinste stukje dat na de oogst achterblijft, groeit weer uit. Boeren kwamen er vroeger nooit meer vanaf. Toen er later bestrijdingsmiddelen op de markt kwamen, kregen ze het advies de opslag te lijf te gaan met MCPA.De landbouwgids uit 1952 adviseerde om eind maart, begin april, topinamboer te planten. Er was zo’n 1.500 kilo pootgoed per hectare nodig, de rijafstand diende 60x45 centimeter te zijn. Dit artikel is te lezen in Boerderij 26 van dinsdag 28 maart en is onderdeel van de rubriek Zo ging het toen.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









