1965: werpkooi beschermt de biggen

Werpkooi - Foto: Misset
Sinds mensen zeugen in stallen houden, is het doodliggen van biggen een probleem geweest.Sommige zeugen zakken met beleid, heel langzaam, door hun knieën als ze gaan liggen. Biggen die onder haar lopen, hebben dan de tijd om weg te komen. Maar er zijn ook zeugen die onaangekondigd neerploffen en al doende hun kroost pletten. Soms gaan ze er bovenop liggen, soms verdrukken ze de biggen tegen de muur- of hokwand. Hoe jonger de biggen, hoe kwetsbaarder. Vooral de eerste uren na de geboorte waren penibel, als de biggen nog wiebelig op hun pootjes stonden en verstrikt raakten in de lange strosprieten. Tekst gaat verder onder foto.Een werpende zeug is vaak erg onrustig. Ze gaat steeds staan en weer liggen. Grote kans dat ze op haar pasgeboren kroost gaat liggen. De werpkooi verminderde deze kans. - Foto: MissetBoeren staken er veel energie in om doodliggen te voorkomen. Heel vroeger waakte men; boer, boerin of knecht ging bij een werpende zeug zitten om haar in de gaten te houden. Op de foto uit 1965 is gebruikgemaakt van een werpkooi. Die werd los in het hok gezet. Hierin lag de zeug min of meer gefixeerd, de biggen konden onder de stangen door en vrij door het hok lopen. Biggen pletten tegen de muur was bij dit systeem uitgesloten, erop ploffen kon nog wel. Later, toen werpafdelingen vaste boxen kregen, werden die voorzien van valbeugels. Opklapbare beugels aan de binnenkant van de box, houden de eerste ‘val’ van de zeug tegen. Dat geeft de biggen net even extra tijd om weg te komen. Dit artikel is te lezen in Boerderij 39 van dinsdag 27 juni en is onderdeel van de rubriek Zo ging het toen.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









