Ziekenhuis serveert liflafjes

Opa heeft veel pijn en oma neemt tassen vol stevig boereneten voor hem mee. Dan gaat mijn telefoon: de kinderen zijn nog niet opgehaald…Opa heeft veel last van zijn been. Hij zit vol pijnstillers waar hij erg duf van wordt. De bezoekuurtjes zijn niet echt een ontspannen bezigheid. Het lukt niet om aan het bed een gesprekje te beginnen. Dat komt natuurlijk omdat opa zo duf is, maar het lijkt ook wel of die oude mensen niet weten waar ze het over moeten hebben als ze buiten hun eigen omgeving zijn.
Opa vraagt een beetje hoe het met de boerderij gaat. Oma antwoordt zo goed en zo kwaad als het gaat, maar begint dan over wie er allemaal nog meer in het ziekenhuis liggen.
Verder heeft ze een tas vol eten mee, want dat ziekenhuisvoer kan in haar ogen geen goed doen. Dat zijn liflafjes waar een mens niet op gedijt. Dus heeft ze gekookte worst mee van de eigen pink die dit najaar geslacht is. Lekker als vieruurtje. En natuurlijk ontbreekt haar huisgemaakte cake niet.
Als de bezoektijd voorbij is, ben ik opgelucht. Ik voel me helemaal niet zo lekker in die warme ziekenhuiskamers. En in mijn achterhoofd spookt steeds het achterstallige werk thuis. Zou Peter er wel aan denken de kinderen op te halen? Die spelen bij een klasgenootje van Thijs nu ik ’s middags naar het ziekenhuis moet. Morgenmiddag hebben ze vrij, dan kunnen ze mee op ziekenbezoek. Dat is meteen een stuk leuker. Kinderen zijn goede bliksemafleiders.
Op de terugweg rinkelt mijn mobiele telefoon. De moeder van Thijs: Peter is nog niet geweest om de kinderen op te halen. Ik heb het gevoel dat ik ontplof van woede.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses








