‘Toch maar beter geen plantgezondheidsfonds’

Foto's: Ronald Hissink
Het idee om er opnieuw werk van te maken is aanmerkelijk minder kansrijk en wenselijk.Wat voor de veehouderij een goed idee is, is dat niet automatisch ook voor plantaardige sectoren. Een diergezondheidsfonds is prima – de veehouderij heeft zich pas nog geschaard achter verlenging hiervan -, maar het idee om opnieuw werk te maken van een plantgezondheidsfonds is aanmerkelijk minder kansrijk én wenselijk.Een perceel aardappelen.Plantaardige sector is veel diverserHet idee dat nu opnieuw is gelanceerd, is op zich nog wel te volgen. Als een bedrijf getroffen wordt door een quarantaineziekte, heeft dat grote gevolgen. Kan de individuele teler dat risico wel aan? Gaat hij of zij de ziekte wel melden? Uit het oogpunt van een effectieve bestrijding moet dat wel. De financiële garantie die een collectief fonds biedt, helpt om die drempel te nemen. Zo werkt het ook bij het diergezondheidsfonds. Maar hier houdt de vergelijking op. De plantaardige sectoren zijn veel diverser. Het wordt daardoor erg moeilijk om binnen al die gespecialiseerde teelten de solidariteit te vinden voor de benodigde heffing. Zo’n plantgezondheidsfonds is een recept voor veel gedoe en onvredeBovendien hebben telers – uitgezonderd wellicht zeer gespecialiseerde tuinders – meestal uitwijkmogelijkheden. Kunnen ze één gewas niet verbouwen, dan zijn er alternatieven. De bereidheid om de premies op te brengen, zal dan ook klein zijn. Zo’n fonds is een recept voor veel gedoe en onvrede. Kortom, het idee van zo’n plantenfonds is sympathiek, maar geen goede oplossing voor het probleem. Laat dit liever over aan de verzekeraars.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









