‘Naar een Autoriteit Gewasbescherming’
Directeur André Hoogendijk van BO Akkerbouw pleit voor de invoering van een Autoriteit Gewasbescherming. Daarmee kan de sector op transparante wijze de milieubelasting verminderen. Zo komen we uit de maatschappelijke discussie over de toelating van middelen.

André Hoogendijk van BO Akkerbouw pleit voor de invoering van een gewasbeschermingsmiddelenautoriteit, naar voorbeeld van de Diergeneesmiddelenautoriteit. Met die werkwijze is het antibioticagebruik fors gereduceerd. Foto: Van Assendelft Fotografie
De akkerbouw staat onder grote druk om het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen terug te dringen. Tegelijkertijd willen we als sector op een rendabele wijze voedsel produceren. Middelen horen op de akker en niet in de sloot, bij de buren of in een natuurgebied. We kunnen als sector echter niets met discussies over individuele middelen, lokale bedenksels of toevallige metingen.
We willen als sector, net als het kabinet, de milieubelasting verlagen — en zelfs fors verlagen. Daar werken we al aan met ons Actieplan Plantgezondheid. We ontberen echter nog een aantal instrumenten. Een Autoriteit Gewasbescherming kan daar een belangrijke rol in spelen, naast de ontwikkeling van alternatieve middelen en maatregelen. We laten ons daarbij inspireren door de veehouderij.
Succesvolle aanpak antibioticaresistentie
Rond 2010 nam de veehouderij onder politieke druk het initiatief voor de oprichting van de Autoriteit Diergeneesmiddelen. Er waren grote zorgen over de volksgezondheid vanwege resistentieontwikkeling. Denk bijvoorbeeld aan de MRSA-bacterie. De overheid dreigde in te grijpen in de beschikbaarheid van antibiotica voor vee.
Met dank aan de inzet van de sector en de succesvolle introductie van de Autoriteit Diergeneesmiddelen is het gebruik van antibiotica, gemeten in dierdagdoseringen, sindsdien met 75% gereduceerd. De aanpak van antibioticaresistentie is misschien wel het grootste succesverhaal uit de landbouw in deze eeuw. Daar kunnen we wat van leren.
Vertaling naar gewasbescherming
Er zijn inhoudelijke verschillen tussen antibiotica en gewasbeschermingsmiddelen. Het gaat echter om de systematiek. Zo kunnen we gaan sturen op een breed geaccepteerde indicator van milieubelasting, zoals de veehouderij stuurt op dierdagdoseringen. Dan komen we als sector uit de discussie over kilo’s en groepen van actieve stoffen.
Ook kunnen telers en teeltadviseurs, net als veehouders en veeartsen, op basis van benchmarking werken aan verdere verduurzaming. De meeste ondernemers willen bij de beste 25% horen. De Autoriteit kan daarbij ondersteunen door trends en ontwikkelingen op een transparante wijze inzichtelijk te maken en te duiden. Uiteraard op basis van geaggregeerde, geanonimiseerde data.
Vrijheid en verantwoordelijkheid
Toelatingen horen thuis bij het Ctgb. Beleid over gewasbescherming hoort thuis bij de Rijksoverheid. Maar de keuze welk middel op dat moment het beste past in het gewas hoort bij de ondernemer te liggen. Bij die keuze is ruimte nodig om een goede afweging te maken. Bij de vrijheid hoort de verantwoordelijkheid om daar aantoonbaar goed mee om te gaan.
Het uitgangspunt is om als sector zelf aan de bal te blijven. Te vaak rennen we bij gewasbescherming achter andere partijen aan. Laten we zelf de aanval kiezen. Niet op elkaar of op de ander, maar laten we de aanval inzetten op het verlagen van de milieubelasting. Met een Autoriteit Gewasbescherming als ondersteunend instrument voor vakmanschap, ondernemerschap en de zorg voor elkaar en onze omgeving.
André Hoogendijk is directeur van BO Akkerbouw







