‘Middel komt lang niet altijd op de goede plek terecht’

Laatst bijgewerkt:
Foto: Koos van der Spek

Foto: Koos van der Spek


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

Moderne veredelingstechnieken en het ioniseren of magnetiseren van spuitvloeistof helpen om phytophthora in aardappelen te beheersen. Een optimale spuittechniek biedt ook nog veel perspectief, want gewasbeschermingsmiddelen komen nu lang niet altijd op de juiste plek.Door de droge weersomstandigheden dit voorjaar was de ziektedruk door phytophthora in aardappelen tot aan juli erg laag, zeker in vergelijking met 2016. “Vorig jaar was het tijdens de groeifase erg nat, waarbij steeds nieuwe infecties optraden op nieuw blad”, zegt Huub Schepers, onderzoeker bij Wageningen University & Research. In regio’s waar de afgelopen weken veel regen is gevallen en de luchtvochtigheid hoog was, neemt het risico op phytophthora-infecties toe. Dacom geeft aan dat het risico op infecties in Noordoost-Nederland het grootst is. “Op plekken waar het langer vochtig blijft, zoals langs bomenrijen, zijn her en der wat phythophthorameldingen, maar het is niet dramatisch”, zegt Aaldrik Venhuizen van Agrifirm. Volgens adviseurs van onderzoek- en adviesbureau Delphy, komen de besmettingen vooral vanuit de knol. “In Flevoland zien we vooral stengelaantasting en veel minder bladaantasting”, zegt Niek Vedelaar van Delphy. Spuiten van zetmeelaardappelen tegen phytophthora. Middelen komen vaak niet onderin het gewas, vooral bij zetmeelrassen met veel loof. - Foto: Koos van der SpekPreventief werkenOndanks de lage infectiedruk dit voorjaar, blijft waakzaamheid geboden. “Bij typisch phytophthoraweer kan phytophthora razendsnel uitbreiden. Waar lokaal veel regen is gevallen, treedt bovendien verdunning van middelen op met minder bescherming tot gevolg”, zegt Venhuizen. Goed blijven spuiten is ook belangrijk, omdat er steeds nieuwe klonen opduiken die ongevoelig zijn voor een bepaalde actieve stof. Zoals de inmiddels uitgestorven kloon Green 33 dat was voor fluazinam in Shirlan. Door de recente regenval zijn er weer nieuwe knollen en loof gevormd. “Dan heb je middelen nodig die zowel loof- als knolbescherming bieden tegen phytophthora”, zegt Just Hamming, productmanager bij Crop Solutions van CZAV. Schepers stelt dat een goed preventief schema het meest effectief is qua werking en kosten. “Op het juiste moment spuiten is het allerbelangrijkst”, vindt Schepers. Het is aan te raden om het spuitinterval, de middelenkeuze en/of dosering aan te passen op basis van de te verwachten infectiedruk. Waarschuwingssystemen van Dacom, Agrovision en Agrifirm-WUR ondersteunen hierin. Deze systemen berekenen het risico op: phytophthora-infecties op basis van weersomstandigheden en -verwachting;gebruikte spuitschema; gewasstadium;relatieve luchtvochtigheid; temperatuur en eventuele ziektebronnen in de omgeving. Het systeem van Agrifirm-WUR geeft in Noordoost-Nederland ook specifiek advies om het infectierisico via oösporen af te dekken. Grotere bedrijven hanteren in het algemeen een vast spuitinterval en variëren in dosering, bedrijven met kleinere aardappelarealen variëren meer in spuitinterval.“De teler zelf en zijn intuïtie bij de stand van het gewas op een perceel is ook erg belangrijk in het spuitmanagement, want de weersverwachting klopt ook niet altijd”, zegt Hamming. PhytophthoramiddelentabelDe keuze van middelen is erg bedrijfsspecifiek en elk middel heeft een specifieke werking. Telers kunnen de phythophthoramiddelentabel van Euroblight raadplegen voor informatie over de effectiviteit van middelen, of combinaties van middelen. “Deze lijst is samengesteld op basis van Europees onderzoek naar de effectiviteit van middelen tegen phytophthora”, zegt Schepers. Wageningen University & Research is coördineert EuroBlight, het Europese netwerk van agrochemische bedrijven, handelshuizen en onderzoeksinstellingen. Crop Solutions doet onderzoek naar de effectiviteit van combinatie-spuitschema’s tegen phytophthora en alternaria in combinatie met de inzet van plantversterkers, zoals zeewierextracten en aminozuren. “We willen nagaan of er met hulp van plantversterkers met minder fungiciden tegen phytophthora gewerkt kan worden”, zegt Hamming. Phytophthoraspecialist Huub Schepers. - Foto: Ton KastermansSuccesvolle proevenAgrifirm voert met succes proeven uit met Wetcit, een hulpstof, die de werking van gewasbeschermingsmiddelen verbetert. “De resultaten hiermee zijn overtuigend”, zegt Venhuizen. “Door een verbeterde werking van middelen tegen phytophthora, halen telers met dezelfde hoeveelheid gewasbeschermingsmiddelen betere bescherming en hogere opbrengsten.” Volgens Schepers en Hammink blijft het ook belangrijk om te zorgen voor afwisseling van middelen om resistentie tegen middelen te voorkomen. “Wij monitoren tijdens het seizoen met FTA-kaartjes de phytophthoraschimmels op doorgebroken infecties”, zegt Hamming. “Dan weet je welke genotypen er in je regio voorkomen en dat is belangrijk voor je middelenkeuze.”Tolerante rassenAardappelrassen die resistent zijn tegen phytophthora kunnen in potentie ook bijdragen aan het verminderen van schade door de schimmelziekte. Maar klassieke veredeling schiet hierin te kort. “Met reguliere kruisingen kunnen we één of misschien twee resistentiegenen inbrengen. Dat vraagt veel tijd en energie, en het probleem is dat de meeste resistenties van phytophthora snel worden doorbroken”, zegt Gerard Backx, directeur van HZPC. “Een andere benadering is om hoge toleranties te kweken; biologische telers gebruiken deze rassen. Maar ook toleranties zijn beperkt. Alle rassen krijgen, als er ziektedruk is, vroeg of laat phytophthora.” Aardappelrassen met cisgenese bestand tegen phytophthoraSchepers geeft aan dat de ontwikkeling van tolerante rassen noodzakelijk is voor de biologische teelt, omdat biologische telers geen gewasbeschermingsmiddelen mogen gebruiken. “Omdat deze rassen vaak minder goed presteren qua opbrengst en bakkwaliteit, zijn deze rassen minder interessant voor reguliere consumptieaardappeltelers. Ook is het de vraag hoe lang een ras resistent blijft, als er nieuwe genotypen van phythophthoraschimmels opduiken”, zegt Schepers. Wageningen University & Research heeft in het DuRPh-project, onder andere in samenwerking met HZPC, gevoelige aardappelrassen met cisgenese bestand gemaakt tegen phytophthora. Hierbij worden soorteigen genen in de aardappelplant gebracht. “Je moet meer resistentiegenen of -systemen bij elkaar brengen en combineren, om rassen met een hoge resistentie of tolerantie te creëren”, zegt Backx. “Het gaat bijvoorbeeld om het ras Innovator met een heel goede resistentie. Met zo’n ras kunnen telers volstaan met één phytophthorabespuiting per seizoen, in plaats van elke week of om de tien dagen. Er is veel minder chemie nodig en dat levert veel milieuvoordelen en maatschappelijke winst op.” Ook is het voorkomen van phytophthora-aantastingen belangrijk voor de aardappelopbrengsten en het rendement van telers. Steeds meer akkerbouwers en loonwerkers gebruiken technieken die zorgen voor een betere verdeling van middelen tegen phytophthora in het gewas, zoals deze teler in Limburg die spuit met luchtondersteuning. - Foto: Hans PrinsenAcceptatie gentechniekenDe acceptatie van gentechnieken in de EU is echter nog een groot probleem. “Cisgenese is niet toegestaan in Europa, tenzij je het classificeert als een GMO of genetisch gemodificeerd organisme. Dat willen we niet”, zegt Backx. “De aardappelveredeling kan in de aanpak van phytophthora veel grotere stappen voorwaarts maken, als cisgenese en andere moderne veredelingstechnieken zoals Crispr-Cas worden toegestaan.” In de VS zijn deze technieken onder bepaalde voorwaarden wel mogelijk. HZPC overweegt dan ook een deel van zijn genenonderzoek te verplaatsen naar de VS. De Crispr-Cas-techniek kan met inbrengen van een eiwit bepaalde genen aan en uit zetten. Uit Wagenings onderzoek blijkt dat phytophthora geen aardappelplanten kan infecteren waarvan de S-genen zijn uitgeschakeld.Techniek gaat verderEen nieuwe ontwikkeling is het ioniseren of magnetiseren van spuitvloeistof. Dat zorgt dat de vloeistof beter aan het blad hecht en dat geeft veel minder drift. En dat is van belang, omdat telers volgens nieuwe wetgeving vanaf 1 oktober drift verder moeten beperken. Fabrikanten van deze techniek, zoals MagGrow en Magliv, hebben ook al enkele Nederlandse gebruikers.“In Engeland loopt fundamenteel onderzoek naar het gebruik van hightech sporenvangers”, vertelt Schepers. “Wij geven nu op basis van weersvoorspelling een verwachting voor het sporuleren van phytophthora. Met sporenvangers kun je sporen ook daadwerkelijk vangen. Dan weten we op welk moment de sporen er zijn. Voor een effectieve phytophthorabestrijding is het nog mooier als we dan ook weten om welk genotype of isolaat het gaat.” Het gebruik van sensoren voor gerichte bespuitingen gaat verder toenemen. Bijvoorbeeld boomhoogtesensoren op de spuitboom en gewassensoren waarmee plaatsspecifieke variabele doseringen en reducties van fungicidegebruik mogelijk zijn. Hetzelfde geldt voor gerichte bespuitingen op basis van biomassakaarten gemaakt door drones of satellieten. Alles weten over precisielandbouw? Kijk dan eens op futurefarming.com en meld u aan voor de nieuwsbrief. Spuiten tegen alternariaOnderzoeker Huub Schepers vindt dat telers niet te snel tegen alternaria moeten spuiten. “Er is een beperkt aantal middelen tegen alternaria, waarbij het risico op ontwikkeling van resistentie van alternaria tegen deze middelen vrij groot is”, zegt Schepers. Het is belangrijk om alleen te spuiten als de planten stress hebben als gevolg van bijvoorbeeld droogte, veel wind, veel water, of hoge virusdruk. “We hebben een onderzoeksvoorstel ingediend om na te gaan of het mogelijk is om met sensortechnieken gestreste planten te kunnen detecteren, en op basis daarvan middelen tegen alternaria in te zetten.” Venhuizen van Agrifirm adviseert om op gevoelige rassen eind juli te beginnen met bespuitingen tegen alternaria en herhalingsbehandelingen toe te passen op basis van neerslaghoeveelheden. Hamming vindt de voorgeschiedenis van een perceel, de ziektedruk en de mate van stress bij de plant bepalend voor alternariabespuitingen. “Bij niet-kerende grondbewerking kunnen gewasresten zorgen voor overleving van alternariasporen in het volgend seizoen. Dan moet je vaker spuiten tegen alternaria”, zegt Hamming. “Sommige phytophthorastammen zijn minder gevoelig voor fluazinam, maar dit middel heeft wel een nevenwerking op alternaria en sclerotinia.”Verbetering spuittechniek nodigUit onderzoek van Delphy blijkt dat bij bespuitingen van aardappelen tegen phytophthora de middelen lang niet altijd op de goede plek terechtkomen. “Middelen komen vaak niet onderin het gewas, zeker bij zetmeelrassen met veel loof. Als de indringing en verdeling van middelen over de bladeren onvoldoende is, haal je niet de verwachte werking van de middelen”, zegt Herman Krebbers, expert mechanisatie en precisielandbouw van Delphy. Papier en paperclipsTelers kunnen de bedekking van gewasbeschermingsmiddelen eenvoudig controleren door vloeistofgevoelig papier in het gewas te hangen. Bijvoorbeeld met paperclips aan aardappelblaadjes op verschillende niveau’s in het gewas. Dit kan ook met het toevoegen van een fluorescerend middel aan de spuitvloeistof en het zichtbaar maken van de bedekking met een speciale lamp. “Dan zie je dat de spuittechniek in veel gevallen beter kan. Veelgemaakte fouten tijdens spuiten zijn te hard rijden, niet de juiste spuitdoppen gebruiken, spuiten bij te veel wind en met een te fijne of te grove druppel”, vertelt Krebbers. Nieuwe techniekenIn de praktijk werken steeds meer telers met een Wingssprayer, luchtondersteuning, lucht-vloeistof-mengdoppen of pulserende doppen, tijdens spuiten. Ook andere fabrikanten komen met nieuwe systemen, zoals specialist in veldspuiten en spuitdoppen Dubex, die onlangs Wave heeft geïntroduceerd. Een techniek die lijkt op de Wingsprayer; het gewas opent en daar wordt gespoten. Dit zorgt voor een efficienter gebruik van gewasbeschermingsmiddelen.“Dat is een goede zaak, want dat verbetert de bedekking en verdeling van middelen tegen phytophthora in het gewas, en daarmee de effectiviteit van de middelen.”

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Snel delen


Sectornieuwsbrief Akkerbouw


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.