Grenzeloos genetische samenwerking in Denemarken

Foto: Møllevang

Foto: Møllevang


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

De Deense fokkerij heeft de afgelopen jaren een behoorlijke verandering ondergaan. Møllevang, een van de kernfokkers van het land, besloot de samenwerking aan te gaan met geneticabedrijf PIC. Dit gaf eigenaar Niels Pedersen toegang tot geheel nieuwe markten.“Ze noemen me altijd meneer Mazzel”, zegt Niels Pedersen met een grote glimlach. “Iedereen zegt het en ik geloof het ook nog: ik ben gezegend met geweldige medewerkers, waarvan de meesten al jaren bij me werken. Dat betekent dat ik ze niet veel hoef uit te leggen over bijvoorbeeld het belang van bioveiligheid. Dat begrijpen ze. Nieuwe medewerkers passen zich snel aan aan de heersende bedrijfscultuur.”De Deen is eigenaar van Møllevang, een kernfokbedrijf van 1.250 zeugen en een subfoklocatie voor de productie van F1-zeugen met nog eens 1.250 zeugen. Het bedrijf heeft raszuivere Landras-, Yorkshire- en Duroc-varkens. Alles is hier van de hoogste kwaliteit; het bedrijf is het topje van de piramide wat ziektevrije productieomstandigheden betreft.Niels Pedersen startte in 2000 een vermeerderingsbedrijf dat gestaag uitgroeide tot een groot topfokbedrijf. Hij verliet de Deense coöperatieve fokkerij en werkt nu met PIC. - Foto: MøllevangFokbedrijf Møllevang in Holsted (Dk.)1.250
topfokzeugen
1.250
vermeerderingszeugen
2
moederlijnen (L04 en L05)
33-35
gespeende biggen in de moederlijnen
30.000
raszuivere en F1-gelten per jaar
17
exportlanden
35
medewerkers
2000
jaartal waarin is gestartVermeerderingsbedrijf vanaf 2000Pedersen heeft een achtergrond in de melkveehouderij en begon zijn carrière in de varkenssector met een eigen vermeerderingsbedrijf in 2000. Hij groeide langzaam door naar kernfokker, omdat hij het papierwerk en de analyses verrassend leuk vond, naast het technische werk in de stal. “Het verbeteren van de varkenskwaliteit interesseert mij enorm; dat houdt me gaande.”Denemarken was van oudsher vanuit het perspectief van buitenlandse geneticabedrijven een machtig en gesloten fort. 25 Deense kernfokkers, waaronder Møllevang, vormden samen de coöperatieve, goed beschermde basis van de Deense genetica. Pedersen realiseerde zich echter na een paar jaar dat hij de toekomst niet in een coöperatieve structuur tegemoet wilde gaan. Hij verliet de coöperatie medio 2017, waardoor een groot deel van de nationale steun wegviel. Pedersen moest zijn inkomen wel veiligstellen en daarnaast kon de genetische vooruitgang niet stil komen te staan. De vraag was dus hoe hij verder moest.Joint venture met PICNa het nodige speurwerk in de geneticawereld besloot Pedersen uiteindelijk een strategisch partnerschap aan te gaan met PIC. Een gesprek met COO Bill Christianson en directeur productmanagement Matt Culbertson, overtuigde hem ervan dat hij de juiste partners had gevonden. “Ik weet zeker dat ik in de juiste groep mensen terecht ben gekomen”, zegt Pedersen. “Toen we elkaar de hand schudden om onze samenwerking kracht bij te zetten, voelde dat goed.”Er waren nauwelijks aanpassingen op het gebied van bioveiligheid nodig, omdat Møllevang en PIC al veel bleken te werken volgens dezelfde richtlijnen. Zo hanteerden ze beiden al een buitenzone die vies mag zijn en een binnenzone die brandschoon is. Alle biggen werden al gewogen. Die informatie geeft op de lange termijn inzicht in de ontwikkeling van sterftereductie. Het beoordelen van kreupelheid is een belangrijke factor in het fokproces geworden. Daarnaast is het proces van spenen tellen nauwgezet nagelopen en waar mogelijk verbeterd.
Een foto van de stallen op één van de bedrijven van Pedersen. - Foto: Vincent ter BeekNiels Pedersen bekijkt zijn Duroc-zeugenstapel. - Foto's: MøllevangDe dragende zeugen worden in groepen gehouden en hebben toegang tot stro.Duroc-biggetjes drinken bij hun moeder.Gangpaden in het bedrijf zijn brandschoon en worden netjes gehouden.Locaties op 8 kilometer van elkaarDe bedrijfslocaties van Møllevang liggen 8 kilometer uit elkaar. Op de kernlocatie, die Pedersen ‘het lab’ noemt, werkt Møllevang in drie grote stallen met raszuivere Landras- (nu PIC L04 genoemd), Yorkshire- (PIC L05) en Duroc-lijnen (PIC 800). Hier worden de nieuwe, raszuivere dieren geboren en gefokt. Schaalgrootte telt hier niet, legt Pedersen uit. Genetische vooruitgang wel. “Bij vrouwtjes heb je meer kans om erdoorheen te komen dan bij mannetjes”, beschrijft Pedersen het gedetailleerde proces dat aan de basis ligt van genoomselectie en fokwaarden. 1 op de 100 mannelijke varkens wordt gebruikt om mee te fokken. Ze groeien alle op tot beer en als de beste exemplaren eenmaal uitgezocht zijn, wordt de rest uiteindelijk verkocht voor worst, met een lagere marktwaarde dan reguliere varkens omdat ze niet gecastreerd zijn.Møllevang wordt steeds sterker dankzij de samenwerking met PIC en kan zich richten op een internationale rol35 medewerkers uit Denemarken, Oekraïne en Roemenië runnen het bedrijf. De meesten begonnen op Deense bedrijven, maakten zich de Deense taal eigen en willen graag een toekomst in het land opbouwen. “We hebben duidelijke regels. Wie naar zijn thuisland is geweest, moet drie dagen in Denemarken in quarantaine voordat hij weer op het bedrijf aan de slag kan.”PIC en de nieuwe geneticaVoor PIC betekent de samenwerking met Møllevang dat het bedrijf een andere geneticalijn kan toevoegen aan zijn portfolio. Naast de bekende Camborough-zeug (een kruising tussen PIC L02 en PIC L03), zijn L04 en L05 nu ook leverbaar. “De behoefte aan dieren is immers soms anders in verschillende delen van de wereld”, zegt Pedersen.Als gevolg van de samenwerking met PIC is veel van het fokmateriaal van Møllevang ook verscheept om extra kernfokkerijen en vermeerderingscapaciteit te bouwen. Dat gebeurde om twee redenen: om er zeker van te zijn dat aan toegenomen vraag in andere gebieden kon worden voldaan met lokale/regionale productie en om een robuuste en betrouwbare toeleveringsketen op te zetten, ondersteund door voldoende achtervang.De twee moederlijnen blijven naast elkaar bestaan. Er worden proeven uitgevoerd om erachter te komen welke verbeteringen in de ene lijn ook voor de andere een voordeel kunnen vormen. PIC houdt de pure lijnen van beide rassen strikt gescheiden.Win-winsituatie?De samenwerking was op papier een win-winsituatie voor beide partijen. Ze stelde PIC in staat om Deens genetisch materiaal te vermarkten en Pedersen kreeg toegang tot een wereldwijd publiek. Ook kreeg hij de kans om actiever bezig te zijn met de ontwikkeling van zijn eigen genetica.Pedersen slaagde erin een paar klanten binnen Denemarken te behouden, maar de meerderheid bevindt zich nu in Duitsland, Oostenrijk en Nederland. “Møllevang wordt steeds sterker dankzij de samenwerking met PIC. We kunnen ons richten op een internationale rol.” Daarbij ziet hij dat hij nu duidelijk meer zeggenschap heeft over wat er gebeurt met zijn genetica. “Ik ben er nog steeds van overtuigd dat ik de juiste beslissing heb gemaakt voor de toekomst van Møllevang-genen én voor mij en mijn familie.”Kortom, hij is een gelukkig man, in meer dan een opzicht. Genetische verbetering krijgt een boost dankzij de integratie met de database van PIC. En bijna op hetzelfde tijdstip als Pedersen besloot om met PIC te gaan samenwerken, hielp de markt ook meteen een handje mee. Door de Afrikaanse varkenspest groeide de vraag naar fokdieren van hoge kwaliteit snel.

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Lees meer over


Snel delen


Sectornieuwsbrief Varkens


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.