Benchmark ‘zorg jonge dieren’ geen verplichting maar hulpmiddel
De nog te ontwikkelen benchmark ‘zorg jonge dieren’ gaat breder dan alleen uitval en dient als handvat voor de varkenshouder.

De benchmark 'zorg jonge dieren' omvat meer dient als hulpmiddel voor varkenshouders om de zorg voor biggen te verbeteren. - Foto: Studio Kastermans
De Autoriteit Diergeneesmiddelen (SDa) werkt aan de ontwikkeling van een monitorings- en benchmarksysteem voor jonge dieren. Na Kamervragen over uitvalspercentages besloten de geiten-, melkvee- en varkenshouderij een benchmark vanuit de sector op te zetten.“De sectoren werken in verschillende programma’s – zoals Bigvitaliteit in de varkenshouderij en KalfOK in de melkveehouderij – al geruime tijd aan het verbeteren en het optimaliseren van de zorg voor jonge dieren. We willen zelf verantwoordelijk zijn voor het opstellen van een benchmarksystematiek. Daarom hebben we voor de uitvoering de SDa gevraagd. Zo willen we voorkomen dat een eigen programma de suggestie wekt dat de veehouderij niet transparant genoeg wil zijn.” Dat zegt Jeannette van de Ven, portefeuillehouder diergezondheid bij LTO Nederland en voorzitter van de Raad van Advies voor dit project.De benchmark ‘zorg voor jonge dieren’ is zeker niet bedoeld om varkenshouders die kampen met een hoger dan gemiddelde uitval aan de schandpaal te nagelen. Doel is om tot een zorgdashboard of -kompas te komen waarmee varkenshouders met adviseurs en een dierenarts om tafel kunnen om verbetering van de zorg van jonge dieren gericht aan te pakken.
Invoering op zijn vroegst in 2026
De sector krijgt niet op korte termijn al te maken met een benchmark. Het net gestarte project heeft een looptijd van drie jaar, dus voor 2026 ligt er geen benchmark. De kosten voor het project zijn geraamd op € 1,48 miljoen. Eind 2023 en 2024 zijn er tussentijdse evaluatiemomenten. Volgens Jeannette van de Ven hoeven er op die momenten geen keiharde resultaten te liggen. Er moeten wel resultaten zijn over de voortgang van een monitoringssysteem wat de zorg voor het jonge dier in beeld brengt. Tijdens een evaluatiemoment wordt het proces tegen het licht gehouden en is er ook een ‘go-no go’-moment. Doorgang of een eventueel vroegtijdig einde van het project wordt tijdens die evaluatiemomenten bepaald door de gezamenlijke veehouderijsectoren en de overheid.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









