1938: ongemak tijdens koude winter

Foto: Misset
Op de foto uit 1938 ligt een flink pak sneeuw. In de herinnering van oudere boeren en boerinnen was dit destijds niks bijzonders. Het sneeuwde elke winter, zo leek het en het vroor dat het kraakte.Het jaar van de foto was weliswaar koud, maar niet ongewoon koud. Twee jaar later was dat wel het geval. De winters tijdens de oorlogsjaren waren enorm koud, met niet alleen lage temperaturen maar ook nog eens met veel sneeuw. In de steden liepen de trams vast en er ontstonden tekorten aan kolen en andere brandstoffen om de huizen warm te stoken. Wie stierf, kon niet begraven worden omdat in de keihard bevroren ondergrond geen graf te graven was. Tijdens de winter van 1938 vroor het van half november tot begin januari bijna aan één stuk door. Uitschieters waren er tot min 15, her en der lag een dunne laag sneeuw. - Foto: MissetOp het platteland hadden de boeren zo hun eigen problemen. Als het heel koud was, vroren de waterputten en -bakken voortdurend dicht, het wetteren van vee kostte daardoor extra tijd. Melk vroor aan in de melkbussen en het schoonmaken van die bussen lukte niet goed meer. De slobber voor de varkens bevroor in de troggen, ziektes van mens en dier lagen op de loer. Als er MKZ uitbrak, was dat vaak in de winter. Het boerenwerk richtte zich meer op zaken als op het repareren van gereedschap, bezems binden, stoelen matten, graan dorsen en bossen stro ‘kammen’ om straks in het voorjaar het dak mee te herstellen.Dit artikel is te lezen in Boerderij 10 van dinsdag 5 december en is onderdeel van de rubriek Zo ging het toen
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









