Verlaging ruw eiwit melkvee vraagt hele jaar aandacht
In de praktijkpilot Koe en Eiwit streven 150 melkveehouders naar een eiwitvoorziening op koppelniveau van 155 gram ruw eiwit per kilo droge stof. Dat lijkt eenvoudiger dan het is. Met name grasrijke rantsoenen en de inbreng van vers gras – met een variërende samenstelling – blijken geen gemakkelijke uitgangspositie.

Weidegras is in melkveerantsoenen een lastige voercomponent. De samenstelling van gras kan erg variëren, en ook de opname verschilt per dag. Vaak wordt het melkureumgehalte gebruikt als instrument om te bepalen of er extra energie of eiwit bij moet. Foto: Henk Riswick
Lees in dit artikel
- Verminderen ruw eiwit in ruwvoer essentieel
- Sturen met bemesting en maaimoment
- Vervang in voeding klein deel eiwit door energie
In het praktijkproject Koe en Eiwit valt op dat veel veehouders bij het verminderen van de hoeveelheid ruw eiwit in hun rantsoenen vooral kijken naar het ureumgehalte in de melk. Dat is natuurlijk een belangrijk instrument om de verhouding tussen energie en eiwit te monitoren. Maar in de essentie van het verminderen van ruw eiwit in het rantsoen is de directe aanvoer van eiwit naar de koeien nog veel belangrijker. Het is niet de bedoeling dat het verlagen van het melkureum zwaarder weegt dan het verminderen van het ruweiwit-aanbod.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









