Veehouder aan roer bij Landelijke Aanpak Klauwgezondheid
Het verbeteren van klauwgezondheid gaat langzaam. Om met de sector sneller stappen te zetten, is een Landelijke Aanpak Klauwgezondheid opgezet om kennis te bundelen en beschikbaar te maken. Veehouders moeten daarmee zelf aan de gang.

De klauwgezondheid verbetert langzaam. Met de Landelijke Aanpak Klauwgezondheid krijgen veehouders handvatten om zelf te werken aan verbetering van huisvesting, management, fokkerij en voeding. Geen dwang maar eigen regie, stelt de stuurgroep. Foto: Van Vliet Fotografie
Klauwgezondheid blijft een lastig onderwerp in de melkveehouderij. Lastig betekent niet onmogelijk. Sinds de invoering van registratieprogramma Digiklauw zijn er wel degelijk stappen voorwaarts gezet. Daarbij moet wel opgemerkt worden dat niet alle veehouders deelnemen aan Digiklauw, hoeveel dat er wel zijn, wordt door CRV niet gemeld. Tussen de invoering in 2006 en 2025 is voor vrijwel alle klauwaandoeningen het percentage geregistreerde gevallen gedaald (zie tabel). Zoolbloedingen en stinkpoot namen met respectievelijk 70% en 80% het meest af. Mortellaro, zoolzweer en tyloom blijken lastiger onder controle te krijgen, maar ook daar daalt het percentage registraties. Alleen witte lijndefect laat gedurende de jaren een stijgende lijn zien.

Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









