‘Beter voorbereid, maar waakzaamheid blijft geboden’
Nederland is sinds de grote MKZ-uitbraak in 2001 inmiddels 25 jaar vrij van MKZ. Hoewel Europa beter voorbereid is op een nieuwe uitbraak, is waakzaamheid nog altijd geboden. Dat zegt Aldo Dekker, projectleider vesiculaire ziekten van Wageningen Bioveterinary Research.

De uitbraak van mond-en-klauwzeer in 2001 heeft veel leed veroorzaakt in de driehoek tussen Zwolle, Deventer en Apeldoorn. Foto: Mark Pasveer
Na een afwezigheid van 17 jaar werd 25 jaar geleden, op 21 maart 2001, mond-en-klauwzeer (MKZ) vastgesteld in Nederland. De MKZ-crisis in 2001 had een enorme impact op de Europese veehouderijsector, want niet alleen Nederland werd getroffen. Deze uitbraak betekende een keerpunt in de kennis en de mogelijkheden van bestrijding van deze besmettelijke dierziekte.
Vandaag de dag lijkt de dreiging misschien ver weg, maar recente ontwikkelingen laten een ander beeld zien. Vorige maand nog werd door de wereldorganisatie voor diergezondheid (WOAH) een nieuwe MKZ-uitbraak gemeld op het Griekse eiland Lesbos. In combinatie met drie onafhankelijke uitbraken verspreid over Europa in 2025, onderstreept dit dat het virus een reëel en blijvend risico vormt.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses








