BoerenlevenAchtergrond

Kijkje in een boerenkeuken uit 1933

Bij de vlammen kon je de voeten opwarmen en eten koken voor mens én dier.

De foto uit 1933 laat een interieur zien zoals dat in het oosten van het land veel voorkwam. Een schouw met op de richel tinnen voorwerpen, een ketel aan een haalfoes ofwel een haardhaal, een paar stoelen eromheen, en een vloer van steentjes die al dan niet in mozaïek gelegd waren.

Aan kruipruimtes deed men nog niet, de vloer lag meteen op de zandgrond. Dat trok koud op vandaar dat men de voeten vaak richting het vuur stak. En wie wat verder van de vlammen af zat, gebruikte de voetenstoof.

Het tinnen serviesgoed op de schoorsteenmantel was ooit voor dagelijks gebruik. Het liet zich makkelijk gieten en kon tegen een stootje. Het was echter gevoelig voor oxidatie, het moest dus regelmatig opgepoetst worden. Dat was één van de redenen dat het later werd vervangen door aardewerk. - Foto: Misset
Het tinnen serviesgoed op de schoorsteenmantel was ooit voor dagelijks gebruik. Het liet zich makkelijk gieten en kon tegen een stootje. Het was echter gevoelig voor oxidatie, het moest dus regelmatig opgepoetst worden. Dat was één van de redenen dat het later werd vervangen door aardewerk. – Foto: Misset

Zaaghaal

De ketel hangt aan een zaaghaal. Door hem hoger of lager aan de tanden te hangen, had men invloed op de bereidingstijd. Opvallend is dat er naast de zaaghaal ook een schroefhaal hangt; een stang die met een schroefdraad in lengte verstelbaar was zodat de ketel dichter op of verder van het vuur af te hangen was. Aan deze haal werd meestal het varkensvoer gekookt, aan de zaaghaal hing de ketel voor menselijk gebruik. Om die van het vuur te tillen, werd een speciaal stuk gereedschap gebruikt om handen branden te voorkomen.

Pannenkoeken bakken

Ook te zien is een koekenpan hangend in een speciaal hangijzer. De pan heeft een opvallend lange steel, ook dat was om te voorkomen dat men de handen zou branden. In de koekenpan werden bijna dagelijks pannenkoeken gebakken. Niet de dunne flensjes zoals we die nu kennen maar dikke jongens, soms met een flink stuk spek of worst er in. Ze werden na afkoelen in een doek geknoopt en gingen mee naar het land om daar op te eten. Een beetje zoals we nu boterhammen mee zouden nemen.

In de rubriek Zo ging het toen gaan we terug in de tijd. Boerderij bestaat al meer dan 100 jaar en aan de hand van foto's uit het archief kijken we naar de agrarische sector in de vorige eeuw. Benieuwd naar meer historie? Check het dossier Zo ging het toen.