Varkenshouderij

Nieuws 1 reactie

Onzekerheid over toekomstige situatie weerhoudt varkenshouders om te stoppen

Veel varkenshouders gaan, ondanks de slechte financiële positie, door met hun bedrijf omdat niet duidelijk is wat hun situatie is na een beëindiging. Dat is de belangrijkste conclusie van een overleg tussen de Noord-Brabantse Statenfractie van D66 en vertegenwoordigers van verschillende bedrijven uit de periferie.

Het overleg werd georganiseerd door D66 om antwoord te krijgen op de vraag waarom varkenshouders die geen droog brood verdienen niet stoppen met hun bedrijf. Als basis diende een onderzoeksrapport van Wageningen Economic Research, naar de financiële positie van land- en tuinbouwbedrijven in Noord-Brabant, in opdracht van de D66-fractie.

Complexe keuze

Uit het overleg blijkt in de eerste plaats dat de afweging om te stoppen voor een varkenshouder veel complexer is dan hij voor de buitenwereld lijkt. Zo is het niet duidelijk wat er met de schuldenlast gebeurt bij een bedrijfsbeëindiging. Daarnaast speelt ook de fiscale situatie voor veel ondernemers een belangrijke rol. Zo is het onduidelijk wat de fiscale consequenties zijn wanneer een ondernemer heeft deelgenomen aan fiscale regelingen of juridische structuren met een lange looptijd. Hierdoor is niet te overzien wat de gevolgen van stoppen zijn.

Uit het overleg kwam verder duidelijk naar voren dat ondernemers die doorgaan een andere weg moeten inslaan dan de weg die ze altijd hebben gevolgd. Bijvoorbeeld door te investeren in een samenwerkingsverband, zoals Livar, of in een specifieke niche-markt. Als de provincie varkenshouders hierin wil steunen, kan zij de ondernemers het beste aan de lastenkant compenseren, omdat extra subsidies en leningen de situatie alleen maar complexer maken, aldus de overlegpartners.

Regelgeving Brabantse veehouderij

De Statenfractie van D66 gebruikt de uitkomsten van het overleg als basis voor haar input voor de vergadering van Provinciale Staten (PS) op 7 juli. Dan beslist PS over ingrijpende regelgeving om de veehouderij in Noord-Brabant te hervormen. Het rapport van Wageningen Economic Research is vrijdag 19 mei door Tineke Klitsie, lid van de D66 fractie, aangeboden aan de voorzitter van de Themacommissie Landbouw van PS.

Eén reactie

  • John*

    de slechtere financiele positie komt door maatregelen waar niet direct een financiële vergoeding tegenover staat. Door nu al extra maatregelen op te leggen wordt dit niet beter en zullen veel boeren moeten stoppen met een restschuld. Als er wel gewoon gewacht wordt tot 2028 heeft iedereen de investeringen in het milieu van 2012 afgelost en is er weer ruimte voor nieuwe investeringen in het milieu of om te stoppen zonder restschuld.

    Wat ze nu doen is gewoon hard aan de boom schudden en nog meer 'megastallen' stimuleren. En daarbij over de jaren heen is de varkenshouderij rendabel, zelfs zonder subsidie!

Of registreer je om te kunnen reageren.