Varkenshouderij

Nieuws

‘Biggen kopen op spotmarkt is geen optie’

Vaste koppelingen tussen vermeerderaar en mester zijn een must, vindt Heribert Qualbrink van Westfleisch.

De veehandelstak van de Duitse vleesverwerker Westfleisch kreeg twee jaar geleden een tik te verwerken. De helft van de buitendienst, inclusief de directeur, vertrok naar concurrent Tönnies Fleisch die een veehandel startte. De veehandel van Westfleisch heeft echter niet aan slagkracht ingeboet, betoogt inkoopdirecteur Heribert Qualbrink van Westfleisch.

Wel is het beleid herzien. Westfleisch exporteert nauwelijks nog biggen. Ze kunnen de biggen goed gebruiken voor hun contractmesters. Qualbrink vertelt dat zij jaarlijks 5,6 miljoen varkens slachten, afkomstig van contractbedrijven. Dit is 10% van de Duitse vleesvarkensproductie.

Inkoopdirecteur Heribert Qualbrink van Westfleisch. Foto: Kees van Dooren
Inkoopdirecteur Heribert Qualbrink van Westfleisch. Foto: Kees van Dooren

Hoe draait het nu bij de gebruiksveetak?

“We zijn erin geslaagd in korte tijd weer een sterke buitendienst op poten te zetten. Wij verhandelen jaarlijks 1,9 miljoen biggen. Door de structuurverandering in de varkenshouderij, stoppers en meer concurrentie is dit aantal lager dan voorheen. Wekelijks kopen we 8.000 biggen van Nederlandse zeugenbedrijven. Dat aantal is stabiel. De Nederlandse biggen blijven grotendeels in onze eigen keten met contractmesters.”

‘Voorlopig stoppen weinig varkenshouders’.

Groeit de Duitse biggenvraag nog? Onder zeugenhouders is veel onzekerheid over de boxbreedte in de dekstal.

“Duitsland telt momenteel 8.000 zeugenbedrijven. Een aantal dat al sterk is geslonken afgelopen jaren. Ik heb het gevoel dat er een landelijke regeling voor de boxbreedte komt met een dusdanige overgangstermijn dat bedrijven de tijd hebben om daarop te reageren. Voor deze oplossing zetten wij ons ook in.

Onze grootste zorg over het voortbestaan van bedrijven is de aanhoudende politieke en maatschappelijke discussie over dierenwelzijn en milieu. Dit kan op termijn varkenshouders ervan weerhouden hun bedrijf voort te zetten. Dit geeft veel onzekerheid. De komende twee jaar zie ik dat echter niet gebeuren, omdat weer wordt verdiend in de varkenshouderij. Voorlopig stoppen weinig varkenshouders.”

‘Structureel een bovengemiddeld antibioticagebruik kan een varkenshouder zich niet veroorloven’.

Zijn op termijn dan meer Nederlandse biggen nodig?

“Dat zou kunnen. Biggen kopen op de spotmarkt is in ieder geval geen optie meer. De monitoring van het antibioticagebruik in Duitsland is de reden daarvan. Een vleesvarkenshouder wil weten wat voor kwaliteit biggen hij koopt. Dat kan alleen van een vermeerderaar waar al lange tijd een zakenrelatie mee is. Structureel een bovengemiddeld antibioticagebruik kan een varkenshouder zich niet veroorloven.”

Hoe lang blijft de varkensmarkt nog zo goed als nu?

“De komende maanden zien er goed uit. Vraag en aanbod zijn in evenwicht. Maar er zijn veel factoren die dat evenwicht kunnen verstoren. Denk aan valutaschommelingen, een groeiend aanbod uit Spanje of teruglopende export naar landen buiten de Europese Unie, vooral naar China.”

Of registreer je om te kunnen reageren.