Redactieblog

‘In China verandert alles’

De varkenshouderij in China gaat op zijn kop. Ze nemen echter niet de wereldmarkt over.

China is geen Nederland en Nederland is China niet. Vrijwel iedere vergelijking tussen beide landen gaat mank. Vanuit dat perspectief bekeken is het ook onlogisch om als Nederlandse varkenshouder naar, bijvoorbeeld, China te wijzen en te zeggen dat daar ‘veel meer kan’ dan in Nederland. Dat gebeurt soms wel, met het argument dat over een poos al het vlees daar vandaan komt. China heeft geen verplichte groepshuisvesting van zeugen, laat staan een vierdageneis. Plannen om een verdiepingsstal te bouwen in China zetten niet het hele land in rep en roer. Het Chinese varkensbedrijf Yangxiang bouwt nu zelfs flats met dertien verdiepingen. In Nederland is dat volstrekt ondenkbaar. Het idee alleen al opperen en het land is te klein.

Nog geen bedreiging voor wereldmarkt

De vrees dat Chinees vlees binnen enkele jaren de wereldmarkt overspoelt, is voorbarig. Het land is vooral met zichzelf bezig en de varkenshouderij staat aan het begin van een omvangrijke herstructurering. De helft van de 35 miljoen zeugen in China ligt nog bij hobbyboertjes die, als de prijs even laag is, minder varkens op de markt brengen. Dat zijn geen toekomstbestendige bedrijven en ze zullen nooit en te nimmer voor de wereldmarkt gaan produceren. De echte grote Chinese varkensintegraties produceren nog geen 10% van de binnenlandse vraag. Zij hebben de handen vol om aan de groeiende binnenlandse vraag te voldoen. Export is dus niet aan orde.

Varkenssector van zowel China als Nederland in overgangsfase

Terug naar Nederland waar een kritische maatschappij de verrichtingen van de varkenssector op de voet volgt. Wegkijken van de maatschappij gaat niet meer, zegt ook POV-voorzitter Ingrid Jansen. De mensen willen antwoorden van de varkenshouderij en het gevoel dat zij serieus worden genomen. Hoewel de fasen verschillen, is een van de weinige overeenkomsten tussen China en Nederland dat de varkenssector in beide landen in een overgangsfase zit. Nederland gaat voor ketenproductie en steeds meer dierenwelzijn. De markt vraagt dat. De kunst is goed te luisteren en de marktvraag te vertalen naar mooie concepten.

Of registreer je om te kunnen reageren.