Varkenshouderij

Achtergrond 1 reactie

Wegen levert handvatten voor management op

Onderzoek van student Stefan ter Haar bevestigt de veronderstelling dat varkens wegen bijdraagt aan de verbetering van het bedrijfsresultaat.

Het wegen van zeugen en biggen kan een vermeerderingsbedrijf met 600 zeugen jaarlijks € 18.234 opleveren. Dat komt afgerond neer op € 30 per zeug, of € 1 per afgeleverde big. Dit is de uitkomst van het afstudeerproject van HAS-student en boerenzoon Stefan ter Haar, in samenwerking met Flynth adviseurs en accountants en IT-bedrijf RedVan.

Het wegen van zeugen is in opkomst. Met gebruik van de nieuwere voerstations verloopt het wegen automatisch. Het extra werk zit dan elleen in de interpretatie van de gegevens. - Foto: Anne van der Woude
Het wegen van zeugen is in opkomst. Met gebruik van de nieuwere voerstations verloopt het wegen automatisch. Het extra werk zit dan elleen in de interpretatie van de gegevens. - Foto: Anne van der Woude

De uitkomsten zijn het resultaat van praktijkonderzoek waarbij 2 weekgroepen biggen zijn gevolgd. De cijfers geven een eerste, voorlopige indruk en zijn bedoeld om de eigenaren van een zeugenbedrijf inzicht te verschaffen in de conditie van hun zeugen en biggen. Met de verkregen data hebben zij handvatten om de technische en financiële resultaten te verbeteren.

Lees ook: Varkensgewicht continu in beeld

Het blijkt zonder meer dat het weegproject aanknopingspunten biedt om een bedrijf beter te laten draaien. Wegen helpt het aantal verliesdagen af te laten nemen en draagt eraan bij dat zeugen vanaf de eerste tot de vijfde worp meer biggen grootbrengen, doordat ze in de juiste conditie zijn. De tabel geeft een samenvatting van de resultaten.

Een zeug in juiste conditie wordt makkelijker drachtig en krijgt meer levend geboren biggen, die ook zwaarder ter wereld komen. Deze positieve effecten zetten door tijdens het verdere leven van een zeug. Dat is allemaal meetbaar.

Het economisch voordeel van biggen wegen is ook aantoonbaar, maar minder eenvoudig te realiseren dan bij zeugen. Ter Haar gaat ervan uit dat het bedrijf er op termijn in slaagt 90% van de biggen met een gewicht van 8 kilo of meer te spenen. Dat percentage is nu 55. Biggen die bij spenen op 26 dagen 8 kilo of meer wegen, hebben bij afleveren een gewicht van 25,3 kilo. Biggen die met spenen minder dan 8 kilo wegen, wegen bij afleveren gemiddeld 22,5 kilo. Een verschil van 2,8 kilo. De marge van de 8-plusbiggen is € 3,58 groter dan van de dieren onder 8 kilo met spenen. Grotere opbrengst, minder voer, minder mest.

Het wegen gaat probleemloos, de data zijn er, nu kan het spel beginnen om de resultaten te verbeteren

Ter Haar is ambitieus. Hij is van mening dat 90% van de Topigs 50-biggen bij spenen op 26 dagen een gewicht kan bereiken van 8 kilo of meer. Temeer omdat ze zwaarder ter wereld komen als de zeugen in de juiste conditie zijn. Het voordeel van € 3,58 per big wordt dan bereikt over nog eens 35% van de afgeleverde biggen. Omgerekend is dat € 1,25 over alle 18.000 biggen.

Productievere zeugen

Na wegen blijkt dat 68% van de gelten te veel gewicht verliest in de kraamstal. Op het bedrijf zijn 114 gelten aanwezig. Daarvan zijn er 77 die tijdens de eerste worp te veel afvallen. Het aantal verliesdagen gaat van 96 terug naar 75, zodra het gewichtsverlies onder de voorgeschreven 13,8% blijft. Van de 77 te lichte gelten zijn op dit bedrijf zodoende telkens 16 ‘onnodig’ gust. Een verliesdag kost € 2,44 maal 16 gelten is € 819,84 op jaarbasis. Omgerekend per zeug is dat € 1,37.

Uitgangspunten voor het onderzoeksbedrijf zijn dat de zeugen bij de eerste inseminatie 180 kilo wegen, met het voorgeschreven gewicht het kraamhok ingaan en tijdens de lactatie niet meer dan 13,8% van hun lichaamsgewicht verliezen. Op het zeugenbedrijf waar Ter Haar zijn onderzoek deed, komt 38% van de eersteworpszeugen te licht uit het kraamhok. Bij de tweede worp kost dat minimaal 26 biggen. De waarde van een extra afgeleverde big is € 23,40 (gemiddelde opbrengst van de afgelopen 5 jaar minus voer- en overige kosten).

Het resultaat van vitale zeugen en biggen is vermoedelijk terug te zien in de vleesvarkensstal. Of dat zo is, wil Flynth nader onderzoeken. - Foto: Ronald Hissink
Het resultaat van vitale zeugen en biggen is vermoedelijk terug te zien in de vleesvarkensstal. Of dat zo is, wil Flynth nader onderzoeken. - Foto: Ronald Hissink

Uit Wagenings onderzoek van enkele jaren geleden blijkt dat zeugen in de rest van hun productieve leven meer biggen voortbrengen als de productie tijdens de eerste en tweede worp hoog is. Op dit bedrijf leidt het juiste zeugengewicht en daardoor hogere productie tot 5,3 extra biggen, opgeteld over worp 3, 4 en 5. Het voordeel is dan 5,3 biggen maal de juist genoemde marge van € 23,40 per big. Als 38% van de eersteworpszeugen niet in conditie is, komt dat op dit bedrijf overeen met 104 zeugen in worp 3, 4 of 5. 104 zeugen met jaarlijks 5,3 meer afgeleverde biggen leidt tot een extra marge van € 12.898.

Doelgericht werken

Dieren wegen op een vermeerderingsbedrijf biedt perspectief, zoveel is wel duidelijk. Er is naar een beperkt aantal factoren gekeken. De gezondheidskosten bijvoorbeeld zijn in dit onderzoek niet meegenomen. Ook de levensduur van de zeugen niet. Net zo min is gekeken naar het effect van hogere geboorte- en speengewichten op de resultaten in de vleesvarkensstal. Dat gaat in een vervolgonderzoek gebeuren door een andere student.
De aanwezige bedrijfseigenaren zijn positief over de resultaten van het onderzoek. Zij noemen het heel informatief. Het wegen geeft informatie op dierniveau en maakt het mogelijk tijdens de productie bij te sturen. En ook gericht bij te sturen, want het is duidelijk waar het mis gaat tijdens de productie en met welke dieren.
De verkregen inzichten zetten de bedrijfseigenaren aan om andere keuzes te maken. Ze zullen niet zomaar een weekgroep vol maken met een te lichte gelt. Iets dat veel gebeurt en wat zij ook deden. Nu is bekend wat dat voor invloed heeft op de levensproductie van een zeug.
Henk Altena, sectormanager varkenshouderij bij Fynth, ziet perspectief in het wegen en de mogelijkheden die dat geeft om de bedrijfsresultaten te verbeteren. Altena: “Het is duidelijk waar de zwakke plekken zitten en hoe die zijn te verbeteren.” In gesprekken met adviseurs is het voor de zeugenhouders voortaan duidelijk waar over wordt gepraat. De tijd van aannames maken is voorbij, ervaren de zeugenhouders. Het wegen heeft er al toe geleid dat het aantal levend geboren biggen bij de gelten boven het bedrijfsgemiddelde zit. Arjan van der Hoek van IT-bedrijf RedVan vindt dat een stap is gezet. “Het wegen gaat probleemloos, de data zijn er, nu kan het spel beginnen om de bedrijfsresultaten te verbeteren.”

Eén reactie

  • Snel

    Zeug kan wel kilo`s hebben maar als er geen spek op de rug zit heeft `t dier niet genoeg reserves voor de volgende keer. De magere zeug zoals de Deen en de TN70
    moeten zo gevoerd worden dat ze spek op rug krijgen. Heeft niet met de hoeveelheid voer te maken maar met de voersamenstelling ( vezels)

Of registreer je om te kunnen reageren.