Varkenshouderij

Achtergrond 1 reactie

Duitse varkenssector en overheid doodsbang voor AVP

Afrikaanse varkenspest rukt gestaag op in Europa. In Duitsland staat preventie nog steeds centraal. De vraag is hoelang nog. Het virus zit in Polen en sinds een half jaar ook in België.

Afrikaanse varkenspest (AVP) rukt sinds de eerste uitbraak ervan in 2007 in Georgië op naar het Oosten en Westen. Het zit nu volop in Roemenië, Oekraïne, Polen, en de Baltische staten. Er zijn ook wat haarden in Hongarije en sinds enkele maanden heerst AVP ook in de Belgisch/Franse grensstreek. Wekelijks melden de veterinaire autoriteiten in die landen nog nieuwe uitbraken. Geen van deze landen lijkt de strijd te winnen, er blijven nieuwe gevallen komen buiten de toezichtszones. Alleen Tsjechië is weer vrij van de ziekte, ruim een jaar. De daar getroffen maatregelen hebben de brede interesse van de EU-veterinairen die maandelijks over de situatie overleggen.

Lees ook: Europese Commissie: gezamenlijke aanpak AVP

Virus nadert Duitse grens

De ziekte verspreidt en migreert vooral via de wilde zwijnen. Dat gaat met een tempo van ongeveer 3 kilometer per maand. Daarnaast overbrugt het virus, vermoedelijk via menselijk handelen of nalaten, af en toe ineens een grote afstand. Zo kwam het in België terecht.

Het virus nadert de Duitse grens. De overheid en sector zijn doodsbang, zeker ook gezien het grote aantal wilde zwijnen in Duitsland. Ter indicatie: in 2017 is het bloed van ruim 27.000 geschoten en 850 dood aangetroffen wilde zwijnen onderzocht op het virus, alle waren negatief.

De Duitse draaiboeken voor Afrikaanse varkenspest zijn recent herzien. Ze gaan vooral uit van een uitbraak onder wilde zwijnen. Voor klassieke varkenspest liggen er andere draaiboeken, vergelijkbaar met de Nederlandse.

AVP-draaiboek

In het Duitse AVP-draaiboek draait het vooral om informeren, van burgers en jagers. De eerste boodschap: het is geen zoönose, de mens is er ongevoelig voor. Daarbij krijgt de burger direct ingeprent wat het economisch belang van de varkenshouderij is: 150.000 mensen zijn er direct of indirect in werkzaam. En de waarschuwing: voer wilde zwijnen niet, neem geen voedsel mee uit het buitenland en mijd contact met dode wilde zwijnen (maar meld wel waar je ze zag!).

Geen drijfjacht

Dat is de actie in het voorstadium. Zodra er een positief wild zwijn wordt gevonden, wordt een gebied met en straal van circa 4 km rond de vindplaats als kerngebied benoemd. Daaromheen wordt een hek geplaatst, de jacht en bostoegang stilgelegd en de aanwezige zwijnen met rust gelaten. Geen drijfjacht, geen afschot, want dat geeft onrust onder de dieren en migratie naar een groter gebied. Om dezelfde reden blijven de gewassen in de kernzone staan om de rust van de dieren maar niet te verstoren. Niemand mag dit gebied meer in. Na enkele maanden gaan politie-scherpschutters er jagen op de varkens.

Alles toegestaan in bufferzone

In de bufferzone met een straal van minstens 15 km rond het kerngebied is het alle hens aan dek rondom afschieten van de wilde zwijnen. De eerste maand mogen in dat gebied alleen scherpschutters van de politie op zwijnenjacht, daarna worden ook jagers opgeroepen maximaal wilde zwijnen te schieten, en in te leveren tegen een hoge beloning. Daarbij is alles toegestaan: vanuit de auto, nachtkijkers, vallen, alles mag om de wilde zwijnen in het gebied maar te elimineren. Het is namelijk geen jacht, maar dierziektebestrijding die daar plaatsvindt.

Geen vers gras of verse granen

Varkenshouders in het kerngebied en de bufferzone mogen, omdat het in Tsjechië zo effectief bleek, geen vers gras of verse granen aan hun dieren voeren omdat die mogelijk besmet zijn met het virus. Ook stro uit deze regio mag niet meer bij de varkens, tenzij het langer dan 6 maanden in opslag heeft gezeten en contact met wilde zwijnen tijdens de bewaring uitgesloten is.

Naweeën van een uitbraak

Varkenshouders krijgen ook naweeën van een uitbraak onder wilde zwijnen. Deskundigen schatten in dat dat een lange periode zal zijn omdat incidenteel nog besmette varkens gevonden zullen worden in het kerngebied. Om de export van vlees open te houden, wordt alle vlees van varkens uit de bufferzones in het binnenland afgezet. Leveren van varkens van en naar bedrijven in de bufferzone wordt aan strenge regels verbonden.

Transport is pas toegestaan na bloedonderzoek, 10 dagen voor transport. Daarvoor zijn 2 wegen. De eerste is routinematig bloed tappen van maximaal 59 varkens per levering, uitgaande van een levering van minstens 150 dieren. De dag voor levering moet klinisch onderzoek – in de praktijk temperaturen door een dierenarts – van alle te leveren varkens plaats vinden. Bij een volgende levering hetzelfde verhaal.

De tweede methode is verkrijgen van een status. Dat lijkt vooral voor vermeerderingsbedrijven een optie. Het begint met temperaturen van alle dieren bloedonderzoek van 29 dieren ouder dan 60 dagen. 4 maanden later hetzelfde. In de tussentijd het vleesvarkensprotocol met maximaal 59 monsters per aflevering en temperaturen van alle te leveren biggen en zeugen. Na die 4 maanden heeft het bedrijf de status en volstaat het temperaturen van de te leveren dieren een dag voor levering.

Kosten torenhoog

De kosten hiervan zullen torenhoog zijn, en zoals nu voorzien: volledig rekening veehouder. Met name vermeerderaars zien dat als een zwaard van damocles. Bij een biggenprijs van € 40 is € 10 per big voor afzetzekerheid een extreme last. Daarover lijkt het laatste woord dus nog niet gezegd. De eerste geluiden voor financiering vanuit de Tierzeugenkassen, dus het collectief, klinken al. Zeker, die kunnen dat dragen als het maar een enkele uitbraak is. Maar aangezien de Duitse overheid nu al 4 woud-crisesteams paraat heeft staan, en is voorbereid op het gelijktijdig managen van 4 uitbraken, lijkt de overheid te rekenen op grote schades.

Lees ook: Belgische politie pakt varkenspest-verdachten op

Eén reactie

  • diekmann

    Is er dan nog export mogelijk naar bv China bij een duitse uitbraak.

Of registreer je om te kunnen reageren.