Varkenshouderij

Achtergrond

‘Varkensbedrijven groeien en wij moeten mee’

Organisatorisch gaat de Deense varkensfokkerij op de schop. Muurmann Henriksen, CEO Danbred: “Wij hebben simpelweg geen andere keuze dan reorganiseren.”

De herstructurering van de Deense fokkerijorganisatie Danbred is formeel afgerond. Niettemin hebben de Denen nog veel werk te verzetten voordat het einddoel is bereikt: een slagkrachtige verkoop- en adviesorganisatie op poten zetten die mondiaal zichtbaar is.

Thomas Muurmann Henriksen (44), algemeen directeur bij fokkerijbedrijf Danbred. Voor de reorganisatie was Muuman Henriksen ceo van Danbred International. Een van voormalige dealers van Deense genetica. - Foto: Kees van Dooren
Thomas Muurmann Henriksen (44), algemeen directeur bij fokkerijbedrijf Danbred. Voor de reorganisatie was Muuman Henriksen ceo van Danbred International. Een van voormalige dealers van Deense genetica. - Foto: Kees van Dooren

In Nederland is een begin gemaakt met het versterken van de aanwezigheid op de markt. Danbred maakte 12 april bekend dat het in Nederland een dochteronderneming heeft opgericht. Deze zetelt vooralsnog in Sint-Oedenrode, bij Klasse Ki. Danbred ziet Klasse Ki als strategisch partner om in Nederland genetica te verkopen, vertelt algemeen directeur Thomas Muurmann Henriksen. “Klasse Ki is een verlengstuk van Danbred in Nederland. Van daaruit werkt onze Nederlandse tak, Danbred bv, voorlopig.” Danbred heeft daarnaast 6 fokbedrijven onder contract in Nederland.

Door de herstructurering begint het fokkerijbedrijf op veel punten weer vanaf nul. Voorlopig houden ze kantoor in Herlev, een voorstadje van Kopenhagen. Eind dit jaar is duidelijk hoe de Nederlandse tak van Danbred is georganiseerd.

Wat is al wel bekend?

“De meeste zaken gaan we in de loop van dit jaar invullen. Er wordt een directeur benoemd en personeel aangesteld. De Nederlandse gebruikers van onze varkensgenetica krijgen een aanspreekpunt waar zij met alle fokkerijgerelateerde zaken terechtkunnen. We bouwen ook een website. We willen nadrukkelijk in de Nederlandse markt aanwezig zijn. Naast Duitsland, Frankrijk en Spanje is Nederland een van onze belangrijkste Europese afzetmarkten. Ons Nederlandse marktaandeel zit ergens tussen 20 en 25%. Wij zijn echter actief in 40 landen. Het kost daarom simpelweg veel tijd om deze herstructurering van onze organisatie wereldwijd door te voeren. Overigens is in Frankrijk de nieuwe organisatie gereed.”

Wat schieten varkenshouders op met de reorganisatie?

“Varkensbedrijven verwachten tegenwoordig meer van ons dan het leveren van genetica. Ze willen het hoogst mogelijke rendement halen met hun varkens. Om het beste uit hun dieren te halen, is het nodig dat zij goed advies en begeleiding van ons krijgen. In de oude situatie was onze verkooporganisatie veel te versnipperd om dat advies en die begeleiding te bieden. Veel van de kleinere agenten en handelsbedrijven, die voorheen onze zeugen verkochten, hadden geen geld om de gebruikers van advies te voorzien.

‘Wij hebben simpelweg geen andere keuze dan reorganiseren’

Varkensbedrijven groeien en wij moeten meegroeien. Concurrenten, zoals PIC, Topigs Norsvin of Genesus, hebben een vergelijkbare organisatiestructuur als wij nu ontwikkelen. Ik verwacht dat, net als in de pluimveehouderij, in de varkenshouderij op termijn nog maar een heel klein aantal fokkerijorganisaties actief is. Om bij deze groep te horen, hebben wij simpelweg geen andere keuze dan reorganiseren. Anders blijven we niet in de markt.”

Wat gaan de Nederlandse klanten merken?

“Meer service en begeleiding. De plannen gaan we nog verder uitwerken. Voor ons Nederlandse dochterbedrijf Danbred bv nemen we mensen aan of huren mensen in die ervaring hebben met het begeleiden van hoogproductieve varkensbedrijven. We werken al met een dierenarts die onze klanten bijstaat. We willen samen met voerleveranciers de beste voerstrategieën ontwikkelen voor de Danbred-zeugen.

Foto: Henk Riswick
Foto: Henk Riswick

Ook willen we klanten samenbrengen in producentengroepen, zodat zij kennis kunnen delen. Alles is erop gericht het maximale rendement uit het genetisch potentieel van onze dieren te halen. De Nederlandse varkenshouders profiteren ook van de Deense kennis op gebied van verzorging van zeugen en biggen. Danbred is immers gelinkt aan het Danish Pig Research Centre (DPRC). Het DPRC is met 51% hoofdaandeelhouder van Danbred.

‘In november dit jaar gaan we een digitale onderwijs- en instructie-tool lanceren’

We kunnen geen generiek advies maken voor alle klanten overal over de wereld. In Nederland en Denemarken is de sector totaal anders georganiseerd dan in bijvoorbeeld Azië. Ook is het kennisniveau hoger in Nederland. We moeten dus maatwerk leveren. Tijdens veehouderijbeurs Eurotier in november dit jaar gaan we een digitale onderwijs- en instructie-tool lanceren voor onze klanten. Deze testen we nu in Denemarken. De onderwijsmodule komt in minimaal 3 talen beschikbaar.”

Is jullie zeug zo lastig te managen?

“Nee, dat is niet het geval. We willen met extra service en begeleiding onze betrokkenheid naar de afnemers tonen. Op de belangrijke internationale markten willen we simpelweg sterk aanwezig en goed zichtbaar zijn. Net als onze concurrenten.”

De toenemende worpgrootte van zeugen vraagt wel meer vakmanschap. Of zie ik dat verkeerd?

“Dat valt mee. We fokken al 10 jaar op vitaliteit van biggen. En dat blijft een belangrijk kenmerk. Momenteel weegt dat voor 28% mee in onze zeugenlijnen, en vitaliteit is na voederconversie het belangrijkste fokdoel. We werken met het zogeheten LP5-getal. Het aantal levende biggen, 5 dagen na geboorte. Dit kengetal geeft aan hoezeer een zeug in staat is haar biggen op gang te krijgen en hoezeer de biggen in staat zijn te overleven bij hun moeder. Het aantal levende biggen op 5 dagen is een zeer goede voorspeller van het aantal gespeende biggen bij een zeug. Het is ook een eerlijk getal omdat het omgevingsfactoren, zoals hygiëne en stalklimaat, grotendeels uitsluit. We tellen de biggen immers al op 5 dagen na hun geboorte.

Foto: Koos Groenewold
Foto: Koos Groenewold

We blijven nog gewoon fokken op toomgrootte. Dat heeft een economische reden. Een zeug vormt de investering op een vermeerderingsbedrijf en het geld komt uit de verkoop van biggen. Zo simpel werkt het nu eenmaal. In Denemarken en Nederland zijn de productiekosten hoger dan in Oost-Europa, Azië of Zuid-Amerika. Voor onze klanten in Noordwest-Europa is het daarom belangrijk dat zij met zeugen werken die een topproductie leveren en dat die klanten het potentieel van de zeugen weten te benutten. De boeren in Nederland en Denemarken bewijzen dat zij grote producties halen met onze zeugen. Dat is nodig. Anders hebben zij geen economisch perspectief in de globale varkensmarkt.”

Reorganisatieperikelen in Deense varkensfokkerij

De reorganisatie van de Deense varkensfokkerij leidde tot scheuringen. Tot vorig jaar werd de Deense genetica alleen verkocht onder de merknaam DanAvl. Er zijn nu drie organisaties die Deense varkensgenetica verkopen. Een daarvan is dus Danbred, de voortzetting van het DanAvl-programma. Daarnaast zijn er twee nieuwkomers: Danish Genetics en Danic.

‘Wij zijn de voortzetting van het Deense varkensfokkerijprogramma’

De twee nieuwkomers met hun aanhang konden zich niet vinden in de nieuwe voorwaarden die van toepassing zijn bij Danbred. Het gevolg is dat circa 30% van de fokbedrijven niet meer bij Danbred, het voormalige DanAvl, zit, bevestigt Muurman Henriksen.

In hoeverre beïnvloedt de splitsing de genetische vooruitgang?

“Ik kan niet ontkennen dat zoiets zorgt voor een tijdelijk vacuüm in de fokkerij. Desondanks is onze fokkerijpopulatie weer op het niveau van voor de splitsing. We hebben een aantal nieuwe fokbedrijven onder contract en bestaande fokkers hebben meer zeugen. De fokkerijmachine draait dus weer volop door. We hebben 23 topfokbedrijven onder contract, allemaal in Denemarken. Deze hebben samen 2.200 Landras- en Yorkshire-zeugen en 1.800 Duroc-zeugen voor de eindberenkant. Wereldwijd hebben we 76.000 zuiverelijnszeugen op top- en subfokbedrijven liggen, dat is inclusief de Deense populatie. Wereldwijd hebben we 114 subfokbedrijven onder contract, waarvan er 60 in Denemarken zijn gevestigd. We zijn overigens continu op zoek naar nieuwe subfokbedrijven. Anders kan ons bedrijf niet groeien.”

Danbred in handen van 3 partijen

Danbred is in handen van 3 partijen. Van de aandelen is 24,5% in bezit van landbouwcoöperatie Danish Agro. Danish Agro is ook eigenaar van ki-bedrijf Hatting-KS. Nog eens 24,5% van de aandelen is in handen van Danbred International. Dat is het collectief van Deense nucleus- en subfokbedrijven. Het meerderheidsbelang (51% van de aandelen) ligt bij Seges. Seges is de onderzoekstak van de Deense landbouw- en voedselraad, genaamd Landbrug & Fødevarer. De directie van Seges bestaat uit varkenshouders. Zij hebben dus altijd het laatste woord over het varkensfokkerijprogramma van Danbred.

Wat is de omzetverwachting voor 2018?

“We komen uit op ongeveer een miljoen zeugen via eigen aanfok op zeugenbedrijven. We verwachten daarnaast 750.000 fokzeugen te verkopen, dat gaat om zowel F1-dieren als zuiverelijnszeugen.”

Wat gebeurt er met de fokkerijdata na de splitsing?

“Die blijven bij ons. Wij zijn de voortzetting van het Deense varkensfokprogramma. Als fokkers ervoor kiezen een andere weg in te slaan, is de consequentie dat ze niet meer bij de data kunnen. Zo eenvoudig is dat.”

Als een rechter daar nu anders over denkt?

“Dit is mijn opvatting. Mocht het tot een zaak komen, dan zullen we zien hoe een rechter hierover denkt. Volgens mij is dit vrij logisch en blijven de data bij ons en bij niemand anders.”

Of registreer je om te kunnen reageren.