Rundveehouderij

Nieuws

Voorkomen boterzuursporen in melk weer op normaal niveau

Boterzuur speelde eind vorig jaar een negatieve rol in de melkkwaliteit. Dat lijkt nu over.

Het percentage monsters boerderijmelk dat +/+ als uitslag op aanwezigheid van boterzuursporen kent, is weer gedaald tot het normale niveau. Dat blijkt uit cijfers van Qlip in Zutphen. Het percentage monsters boerderijmelk met te veel boterzuursporen ligt in het eerste kwartaal van 2017 op 0,88%. De uitslag +/+ volgt op basis van onderzoek naar gasvorming in twee separate buizen. Is er geen gasvorming, dan is de uitslag -/- en bij gasvorming in een van beide buizen volgt een uitslag +/-. Het percentage van 0,88% +/+ is vergelijkbaar met het eerste kwartaal 2016, toen het percentage op 0,85% lag.

Hameren op maatregelen

De aanwezigheid van boterzuursporen speelde eind vorig jaar flink op. In het laatste kwartaal van 2016 lag het percentage monsters met te veel sporen op het drievoudige van normaal.

Ondanks de daling tot het normale niveau in het eerste kwartaal, hameren melkverwerkers op hun sites en in nieuwsbrieven op maatregelen die moeten voorkomen dat het percentage boerderijmelkmonsters met te veel boterzuursporen weer uit de bocht vliegt.

Onverkoopbare kaas door boterzuur

Met name in de kaasproductie is de aanwezigheid van boterzuur kwalijk, omdat de boterzuursporen tot gasvorming kunnen leiden. Dat geeft scheuren in de kaas, maar vooral ook flinke smaakafwijkingen, waardoor de kaas eigenlijk onverkoopbaar wordt. Logisch dat dan ook vooral de verwerkers die zich met kaasproductie bezighouden flinke kortingen in rekening brengen bij aantonen van te veel boterzuursporen in de melk.

Lees meer over boterzuur in het vakdeel Veehouderij van Boerderij 36 van 6 juni 2017.

Of registreer je om te kunnen reageren.