Boerenblog

‘Van advies naar kennis’

De suikersector leert hoe je het kennisniveau en de resultaten van de leden verbetert.

Ik was laatst als enige melkveehouder deelnemer aan een businessgame op Nyenrode. ’s Ochtends bij het ontbijt moest ik als melksommelier mijn oordeel maar even vellen over de aanwezige melk. Ik liet de andere deelnemers mijn melk-app zien waarop net de gehalten van de dag ervoor door ons geleverde melk binnenkwamen. De wisselende samenstelling van vet en eiwit vonden ze reuze interessant. Wat mij opviel was dat het ureumgehalte fors gezakt was en ik mompelde dat er ’s middags maar wat extra soja in het rantsoen moest. Ze vroegen direct hoe ik dat wist. Ik legde hen uit dat dit deels kennis en deels advies van onze voercoöperatie is.

Waarom gebruik maken van veevoeradvies?

Wij krijgen al zolang ik mij heugen kan veevoeradvies van onze coöperatie. We hebben een goede relatie en ze denken goed mee in mijn wensen. De adviseur komt na elke MPR (melkproductieregistratie) om te kijken hoe de zaken ervoor staan en of er in het rantsoen iets aangepast moet worden. Op eigen inzicht stuur ik tussendoor bij. Twijfel ik, dan app ik even om te checken of ik in de goede richting denk. We zijn er elke dag mee bezig.

En toch wordt het rantsoen al zolang ik mij heugen kan, gemaakt door een adviseur van de leverancier. Waarom is dat eigenlijk? Een meubelmaker weet zelf welk hout hij moet kopen om een kast te maken en een kok laat ook de Makro niet bepalen welke ingrediënten hij in zijn gerechten gebruikt. Het is misschien ingewikkeld, en nieuwe ontwikkelingen gaan snel, maar een koe blijft 4 magen hebben. De basis blijft hetzelfde.

Kennis in plaats van advies

Ik vond dat ik niet genoeg kennis had om te sparren met mijn adviseur. Met een groepje jonge boeren zijn we hier mee aan de slag gegaan. We willen kennis in plaats van advies, zelf onze rantsoenen kunnen maken. Hierdoor kwam ook het vraagstuk ‘hoe krijg je meer ruwvoer in de koe’ op tafel.

‘Door hier intensief mee bezig te zijn, leer je wel veel over je rantsoen en wat je uit je eigen ruwvoer kunt halen’

We zijn nu aan ‘het klooien’ met water in het rantsoen en mengen ons het apelazarus. Ik vraag me wel eens af waar ik mee bezig ben als ik de trekker weer bijtank. Ingewikkeld voeren, het kost veel tijd en diesel. Maar door hier intensief mee bezig te zijn, leer je wel veel over je rantsoen en wat je uit je eigen ruwvoer kunt halen. Mooi is dat onze voercoöperatie ons hierbij helpt en handvaten geeft waar we zelf mee aan de slag kunnen.

Komen er straks trainingsprogramma‘s?

Gaan de veevoerbedrijven hierin verder en gaan we straks trainingsprogramma’s bij ze volgen? Of moet dit misschien vanuit de andere kant van de keten komen, zoals bij de suikerbieten al lang geleden gebeurd is? De suikerindustrie wilde meer en betere bieten en gedegen onderzoek moest daarvoor zorgen. Met het IRS hebben de telers een onafhankelijk onderzoeks- en kenniscentrum dat hen met voorlichting ondersteunt.

‘Onze adviseurs zijn er als specialist om de puntjes op de i te zetten. Maar we moeten daarvoor wel zelf het initiatief nemen.’

Onze melkfabrieken lijken nu geen behoefte aan extra melk te hebben. Maar de sector heeft er groot belang bij om zoveel mogelijk ruwvoer op efficiënte wijze te benutten, al was het maar vanwege grondgebondenheids- en klimaateisen. De basis hiervoor moeten we zelf regelen met behulp van kennis en training vanuit de voerbedrijven, of wellicht een onafhankelijke organisatie. Onze adviseurs zijn er als specialist om de puntjes op de i te zetten. Maar we moeten daarvoor wel zelf het initiatief nemen.

Of registreer je om te kunnen reageren.