Boerenblog

10 reacties

‘Maiscrisis in Ontario’

Er is dit jaar veel kolfrot in de korrelmais. Daardoor is ze niet geschikt voor consumptie. De handel kort besmette partijen stevig of weigert die zelfs af te nemen.

Korrelmaistelers in Ontario en ook in diverse staten in Amerika, beleven een moeilijke oogst dit jaar. Veel mais is namelijk besmet met de schimmelziekte Gibberella. Deze schimmel vormt de gifstof die ze hier Vomitoxin of kortweg Vom noemen. In Nederland staat dat bekend als DON. Deze stof kan de mais ongeschikt maken voor humane of dierlijke consumptie.

Niet meer dan 5 ppm Vomitoxin voor varkens

Veel mais wordt geteeld als voor voer voor de varkens. Wanneer deze mais echter meer dan 5 ppm Vomitoxin bevat, is hij ongeschikt om aan varkens te voeren. Eigenlijk is 1 tot 2 ppm al de limiet, maar mais met 5 ppm kan nog opgemengd worden met schone mais om zo de besmetting in het totale rantsoen onder de 2 ppm te houden. De stof is niet alleen schadelijk voor de gezondheid van de varkens. Voer met te veel Vom willen ze simpelweg niet vreten.

Een maiskolf aangetast door Gibberella. - Foto: KWS
Een maiskolf aangetast door Gibberella. - Foto: KWS

Melkkoeien kunnen Vom-gehaltes aan tot 10 ppm aan

Naast voermais wordt in deze regio ook veel mais geteeld voor de productie van ethanol, biobrandstof. Voor de productie van etanol is de besmetting met Vom op zich geen probleem. Maar het restproduct, hier dry distillers grain genoemd, vindt zijn weg weer als veevoer richting koeien en varkens. De aanwezige Vom in de mais verdwijnt niet in het ethanolproductieproces, maar concentreert zich in de ddg. Met andere woorden: mais met 2 ppm Vom levert ddg op met 6 ppm Vom, wat wederom moeilijk te voeren is aan varkens en, zij het in mindere mate, ook moeilijk te voeren is aan melkkoeien. Melkkoeien kunnen namelijk Vom-gehaltes aan tot 10 ppm, zolang het rantsoen niet uit meer dan 50% van Vom-houdend bestandeel bestaat.

Extreem hoge gehalten en kortingen

De mais die nu geoogst wordt, bevat zeer uiteenlopende gehaltes aan Vom, varierend van 0,5 ppm tot wel 30 ppm. De graanhandelsbedrijven, hier elevators genoemd, hebben limieten gesteld aan het Vom-gehalte in de mais die zij in willen nemen van de telers. Ze passen kortingen toe bij hogere gehaltes.

Agris Coop, een cooperatie met veel elevators in Ontario past het volgende schema toe:

  • 0 tot 3 ppm : geen korting
  • 3,1 tot 4 ppm: $ 10 per ton korting
  • 4,1 tot 5 ppm: $ 20 per ton korting
  • 5,1 tot 6 ppm: $ 30 per ton korting
  • 6,1 tot 7 ppm: $ 40 per ton korting
  • 7,1 tot 8 ppm: $ 60 per ton korting
  • 8,1 tot 10 ppm: $ 80 per ton korting
  • Meer dan 10 ppm: weigering.

Meer dan 10 ppm

Deze kortingen kunnen er dus behoorlijk inhakken bij een maisprijs van $ 175 per ton. Maar goed, tot 10 ppm kun je nog van je mais af komen. Test de mais hoger dan kun je er geen kant mee op en rest er weinig anders dan de korrelmais terug op het land te storten. De mais niet eens dorsen is ook een optie, maar dan kun je problemen krijgen met maisopslag in het volgende seizoen.

Import van Amerikaanse mais biedt de ethanolfabrieken geen verlichting, want in de omringende staten speelt hetzelfde probleem

Meer dan 1 elevator

Overigens blijkt het erg moeilijk te zijn om een representatief monster uit een vracht mais te trekken. Het kan dus gebeuren dat boeren van de ene elevator, waar het monster een te hoog Vom-gehalte bevatte en de mais derhalve werd geweigerd, naar de volgende rijden en soms naar een derde, in de hoop dat het monster daar beter uit valt. En dat gebeurt ook meer dan eens.

Eigen opslag kan uitkomst zijn

Veel maistelers hebben zelf graansilo’s waar ze de maisoogst geheel of gedeeltelijk in op kunnen slaan. Maar de eenmaal aanwezige Vom verdwijnt niet meer. Ze slaan het product op met de gedachte dat de ethanolfabrieken op zeker moment hun eisen ten aanzien van het Vom-gehaltes wel moeten verruimen om de fabriek draaiende te houden omdat er domweg te weinig goede mais voorhanden is. Dat zou extra zuur zijn voor de boer die zelf geen opslag heeft en de door de elevator geweigerde mais dus noodgewongen maar weer over het land uitgereden of op een hoop gestort heeft. Import van Amerikaanse mais biedt de ethanolfabrieken geen verlichting, want in de omringende staten speelt hetzelfde probleem.

Laatste reacties

  • Dus volgend jaar weer allemaal ploegen?

  • Vhouder

    ja kerende grondbewerking verlaagd de besmettingsdruk enorm

  • Vlamings

    De getoonde foto is geen Gibberella maar builenbrand . Dat geeft niet primair toxinen. Gibberella lijkt meer op kolffusarium en dat is een ander beeld . Dat veroorzaakt wel toxinen

  • Jan-Zonderland

    @Vlamings, ik had er ook andere foto's bijgevoegd maar weet niet waarom die niet geplaatst zijn.
    @Veehouder, dat is nieuw voor mij dat de manier van grondbewerking invloed heeft op deze besmetting. Interessant.

  • el

    Veertig jaar geleden liepen we tussen de rijen maïs door om de builen er af te plukken voor dat deze gehakseld werd, en het land werd ook altijd geploegd voor de maïs gezaaid werd!

  • Alco

    Weersinvloeden!

  • info36

    Er gaat niets boven ploegen. Maar tegen nat weer kun je ook niet opboksen.

  • kleine boer

    Toen wij denk 25 jr terug nog mais hadden was het ook duidelijk het ras verschil splenda lg 11 brutus op de rij af verschil kan ik me nog herinneren.

  • landboer

    Grondsoort heeft ook veel invloed op builenbrand. Vruchtbare grond minder problemen dan hoge cq schrale grond

  • ropsdairy

    Volgens mij maakt het niet uit wat voor grond je hebt in Ontario, hoge of lage. De schimmel zit overal. Het heeft meer met het weer van dit jaar te maken als wat anders. Je ziet het bij geploegde percelen en niet geploegde percelen.

Laad alle reacties (6)

Of registreer je om te kunnen reageren.