Rundveehouderij

Achtergrond 1 reactie

Zo werken melkveehouders samen met dierenarts

Een intensieve bedrijfsbegeleiding of alleen hulp bij noodgevallen. Drie melkveehouders vertellen hoe zij samenwerken met hun dierenarts.

De dierenarts is een vaste bezoeker op het boerenbedrijf, maar de frequentie van het bezoek kan sterk verschillen. De ene melkveehouder laat zich intensief en soms wel tweewekelijks begeleiden. De ander laat de dierenarts alleen komen bij noodgevallen of voor zaken die wettelijk verplicht zijn. Vaak speelt ook bedrijfsgrootte en -visie een rol. Boerderij zet 3 methodes op een rij.

Kosten dierenarts

Bij intensieve begeleiding liggen de dierenartskosten uiteraard het hoogst. Het voordeel is dat de boer hier veel rendement uit kan halen. De dierenarts is van alles op de hoogte, kan het meest gedegen advies uitbrengen en kan vooral op het vlak van preventie van meerwaarde zijn.

Wie scherper op de kosten wil/moet letten, kan ook kiezen voor een ‘basispakket’, waarbij de dierenarts één bepaald onderdeel intensief monitort. Dan is het wel zaak dat de veehouder goed overzicht houdt en veel zaken zelf bijhoudt.

Een samenwerking met de dierenarts kan ook prima sober zijn. In dat geval maken veehouders vaak alleen gebruik van de dierenarts voor noodgevallen, onthoornen of wettelijke verplichtingen. Dit is uiteraard het goedkoopst en gebeurt relatief vaker op kleinere bedrijven.

Alfred van Ittersum (28) heeft in maatschap met zijn ouders Wim (55) en Wolterien (53) een veebedrijf met 160 melkkoeien, 75 stuks jongvee en 102 hectare land (in gebruik). Broer Wiljen (24) komt volgend jaar in de maatschap. - Foto: Ruud Ploeg
Alfred van Ittersum (28) heeft in maatschap met zijn ouders Wim (55) en Wolterien (53) een veebedrijf met 160 melkkoeien, 75 stuks jongvee en 102 hectare land (in gebruik). Broer Wiljen (24) komt volgend jaar in de maatschap. - Foto: Ruud Ploeg

‘Wij doen de eerste analyse, pas daarna de dierenarts’

Familie Van Ittersum en dierenartspraktijk Zwartewaterland werken al jaren goed samen, maar de veehouders kiezen er niettemin voor om niet alles aan de dierenarts uit te besteden. Een bewuste keuze. “Het scheelt kosten als je veel in eigen hand houdt. Er zijn altijd voorrijkosten en elke handeling telt door”, zegt Alfred van Ittersum.
Vast takenpakket dierenarts
De dierenarts heeft een vast takenpakket. Dat varieert van verdovingen voor onthoornen tot IBR-entingen, bloedtaps en KoeKompas-controles. Daarnaast richt de dierenarts sinds 2019 het vizier op vruchtbaarheid; zij scant voor de drachtigheidscontrole. Dit werd voorheen door CRV gedaan, maar Van Ittersum besloot dit deel toch bij de dierenarts te leggen, omdat die vanwege een grotere veestapel en meer wettelijke verplichtingen vaker op het erf komt. “Het was vooral een efficiënte keuze, want we waren wel tevreden over CRV. Voorheen hadden we vier keer per jaar controle en separeerden we telkens dertig tot veertig koeien. Nu doet de dierenarts dat. Het voordeel is dat we ook drachtcontroles kunnen doen als de dierenarts een keer langs moet komen voor een zieke koe. Het combineren van zaken is de grootste winst. Een ander voordeel is dat de dierenarts nu een beter beeld heeft van de totale veestapel.”
Gezondheidskosten € 1,28 per 100 kilo melk
Veel zaken doet Van Ittersum zelf. Dat geldt voor onthoornen, het afnemen van melk- en mestmonsters en ontwormen, maar ook voor het inzetten van calcium- en magnesiuminfusen tegen melkziekte. Zo blijven de kosten relatief laag. De gezondheidskosten bedroegen in 2019 € 1,28 per 100 kilo melk. Dat was inclusief de helft van de kosten voor het scannen op drachtigheid. Dat stond goede resultaten niet in de weg. Zo noteerde Van Ittersum vorig jaar een gemiddelde dierdagdosering van 1,87 en een celgetal van 171.
De veehouder laat de dierenarts niet te snel komen. “Als een koe ziek is, gaat die het strohok in en doen wij in principe altijd zelf de eerste analyse. We meten de temperatuur, checken de oren en controleren mest en melk. Het gaat ook om de algehele staat van de koe in combinatie met lactatie, buikvulling en haarkleed. Op uitzonderingen na blijft het dier daar een dag staan. Als het dan nog mis is, komt de dierenarts pas. Die kunnen we dan alvast onze bevindingen doorgeven.”
Die volgorde werkt. “De dierenarts geeft altijd een eerlijke analyse en denkt met ons mee. Gezondheid van het vee is belangrijk, maar een ingreep moet ook reëel en financieel haalbaar zijn. Daarin begrijpen we elkaar.”

Tjitske Boschma is een van de dierenartsen die op het bedrijf van van Ittersum komt. Sinds vorig jaar laten de veehouders zich iets intensiever begeleiden. - Foto: Ruud Ploeg
Tjitske Boschma is een van de dierenartsen die op het bedrijf van van Ittersum komt. Sinds vorig jaar laten de veehouders zich iets intensiever begeleiden. - Foto: Ruud Ploeg

Anneke Hoekstra (60) heeft samen met Anne Koekkoek in Harlingen (Fr.) een biologisch-dynamisch veebedrijf met 85 melkkoeien, 50 stuks jongvee en 61 hectare land. - Foto: Mark Pasveer
Anneke Hoekstra (60) heeft samen met Anne Koekkoek in Harlingen (Fr.) een biologisch-dynamisch veebedrijf met 85 melkkoeien, 50 stuks jongvee en 61 hectare land. - Foto: Mark Pasveer

‘Onze dierenarts hoeft maar vier keer per jaar te komen’

Anneke Hoekstra en Anne Koekkoek trekken met hun biologisch-dynamische bedrijf Harmannahoeve al jaren hun eigen plan en hebben een duidelijk uitgangspunt: gebruik van homeopathische middelen en zo weinig mogelijk antibiotica. Zo’n tien jaar geleden zijn ze er zelfs helemaal mee gestopt. “Sindsdien gebruiken we ook geen antibiotica meer bij uierontstekingen”, vertelt Hoekstra. “Zo blijven de goede bacteriën aanwezig. Het gevolg: uierontstekingen zijn nu minder agressief.”
Periodieke controles
De dierenarts speelt een relatief kleine rol op dit bedrijf. Ook al omdat drachtigheidscontrole via de melkcontrole gaat en een agrarisch bedrijfsverzorger het klauwbekappen doet. De dierenarts komt in principe alleen langs voor periodieke controles – vier keer per jaar – en een standaard longwormenting. Hoekstra: “Zelfs voor het onthoornen hoeft de dierenarts niet langs te komen. Dat doen we namelijk niet.” Bij noodgevallen is dat natuurlijk anders. “Als een koe echt ziek is en we kunnen de diagnose niet stellen of als een bevalling niet lukt, dan komt de dierenarts. Dan is zijn advies voor ons ook leidend. Ook als antibiotica het recept is.”
Geen mais
Heel vaak komt dat echter niet voor. Dat heeft ook met de bedrijfsgrootte en bedrijfsvoering te maken, stelt Hoekstra. “We hebben 44 hectare kruidenrijk grasland en 17 hectare met goed natuurhooi. Het rantsoen is veelzijdig. Daarnaast voeren we geen mais. Onze melkproductie is met 6.500 tot 7.000 kilo niet enorm, maar er staan minder dierenartskosten tegenover. Daarnaast hebben we een lang weideseizoen en is het streven om geen koeien aan te kopen. Daardoor is de infectiedruk sowieso al lager.” Hoekstra kan het onderbouwen met cijfers. De gemiddelde dierdagdosering bedraagt slechts 0,6 (2019). Het jaar ervoor was dit zelfs 0. Het celgetal kwam vorig jaar uit op 200.
Homeopathische middelen
Hoekstra weet de veestapel in de basis gezond te houden met homeopathische middelen. Daarvoor volgde ze vijf jaar geleden cursussen. Haar man deed dit twintig jaar geleden al. Ze staken er veel van op. “Het gaat er vooral om om goed te leren kijken en te zien hoe problemen zich manifesteren”, aldus Hoekstra. Als concrete voorbeelden noemt ze calendula-tinktur dat wonden snel helpt genezen en bijengif dat zwellingen tegengaat. “Het helpt niet altijd hoor, maar het is vaak uitproberen wat werkt. Onze ‘gereedschapskist’ bestaat inmiddels uit zo’n vijftig producten. Het is ook niet zo duur, de investering is ongeveer € 200.”

Anneke Hoekstra past veel homeopathische middelen toe. De dierenarts speelt een kleine rol op het bedrijf. Diens advies is bij noodgevallen wel leidend voor Hoekstra. - Foto: Mark Pasveer
Anneke Hoekstra past veel homeopathische middelen toe. De dierenarts speelt een kleine rol op het bedrijf. Diens advies is bij noodgevallen wel leidend voor Hoekstra. - Foto: Mark Pasveer

Jan Swaag (49). Jan zit samen met zijn broer Klaas (53) en diens zoon Theun (21) in maatschap in Barsingerhorn (N.-H.). De maten hebben een veebedrijf met 120 melkkoeien, 70 stuks jongvee en 82 hectare land. - Foto: Lex Salverda
Jan Swaag (49). Jan zit samen met zijn broer Klaas (53) en diens zoon Theun (21) in maatschap in Barsingerhorn (N.-H.). De maten hebben een veebedrijf met 120 melkkoeien, 70 stuks jongvee en 82 hectare land. - Foto: Lex Salverda

‘Met kennis van de dierenarts optimaliseren we het bedrijf’

Maatschap Swaag en dierenartspraktijk Schagen gaan heel wat jaren terug in de tijd. De vaders én opa’s van Swaag en de huidige dierenarts werkten al met elkaar samen. Naar volle tevredenheid, al is de rol van de dierenarts flink veranderd. Swaag: “Het gaat allang niet meer alleen om behandelen. Bij ons ligt de focus vooral op preventie. Onze dierenarts heeft een adviserende rol en kijkt ook naar voeding, vruchtbaarheid en andere bedrijfskengetallen. Voor ons zijn gezondheid én voeding enorm belangrijk. Dat is het fundament. Dan wil je dat er iemand in de stal rondloopt die onafhankelijk is en je zo objectief mogelijk kan beoordelen. Dat is een dierenarts, want die wordt niet beoordeeld op wat hij verkoopt. Zijn kennis benutten we om ons bedrijf te zo goed mogelijk te optimaliseren.”
Wettelijke verplichtingen
De dierenarts komt gemiddeld elke vijf weken op het bedrijf en elke keer wordt een nieuwe afspraak gemaakt. In de basis gaat het om onthoornen, wettelijke verplichtingen en vruchtbaarheidscontroles en -adviezen of behandelingen als die nodig zijn. Dat zijn niet de enige handelingen. “De dierenarts ent het jongvee in de herfst altijd tegen de pinkengriep om eventuele longproblemen tegen te gaan”, vertelt Swaag. Ook krijgen de koeien sinds een paar jaar een vaccinatie als preventiemiddel tegen uierontsteking. In 2015-2016 zag de veehouder namelijk veel coagulase-negatieve stafylokokken (cns) in de veestapel. Zo’n 25% van de veestapel had uierontsteking. Swaag: “We zijn er direct mee aan de slag gegaan. We zaten er bovenop en nu is het onder controle. Het percentage uierontstekingen zit rond de 10.”
Preventiekosten
Swaag noteert ongeveer 0,6 cent per liter melk aan preventiekosten. Overige kosten zijn hierbij niet inbegrepen. Op het bedrijf wordt ook bacteriologisch onderzoek gedaan. Van de koeien die behandeld worden, neemt Swaag van 80% een melkmonster. Daarvan gaat een deel naar de dierenarts. Zo kunnen gericht preventieve maatregelen genomen worden tegen aangetoonde bacteriesoorten. “We monitoren goed welk antibioticum tegen welke bacterie werkt. We zien de resultaten hiervan in de gezondheidscijfers. Zo zit het celgetal bijvoorbeeld ruim onder de 100. Een paar jaar geleden was dat nog bijna 150.”
De samenwerking tussen Swaag en dierenarts is intensief, maar toch doet hij evengoed nog veel dingen zelf. Dat geldt bijvoorbeeld voor insemineren, klauwverzorging of afname van melk- en mestmonsters.

De dierenarts speelt een belangrijke rol op het bedrijf van maatschap Swaag. Diens onafhankelijkheid en kennis wordt benut om het bedrijf verder te optimaliseren. - Foto: Lex Salverda
De dierenarts speelt een belangrijke rol op het bedrijf van maatschap Swaag. Diens onafhankelijkheid en kennis wordt benut om het bedrijf verder te optimaliseren. - Foto: Lex Salverda

Eén reactie

  • Auke

    Bij de eerste 2 staan de dierenartskosten per 100 kg melk. De laatste heeft het alleen over preventiekosten. Te bang om de andere dierenartskosten ook te delen?

Of registreer je om te kunnen reageren.